H Festival op Speed, Goodwood (bij Chichester) op 11, 12 en 13 juli. Kaarten op vrijdag aan 18 pond (13 bij voorafbetaling), op zaterdag aan 30 pond (24 bij reservering). Toegang op zondag alleen na reservering (32 pond). Een driedaags ticket kan alleen na reservering en kost 55 pond. De Goodwood Revival Meeting vindt op 5, 6 en 7 september plaats. Info en reservering : +44 1243 755 055 of www.goodwood.co.uk
...

H Festival op Speed, Goodwood (bij Chichester) op 11, 12 en 13 juli. Kaarten op vrijdag aan 18 pond (13 bij voorafbetaling), op zaterdag aan 30 pond (24 bij reservering). Toegang op zondag alleen na reservering (32 pond). Een driedaags ticket kan alleen na reservering en kost 55 pond. De Goodwood Revival Meeting vindt op 5, 6 en 7 september plaats. Info en reservering : +44 1243 755 055 of www.goodwood.co.uk L ord March kan zo in de film. Hij heeft er de kop voor, de allure, de voorgeschiedenis en de klasse. De Lord heeft gerealiseerd waar ze in Francorchamps wegens gebrek aan verbeelding zelfs geen moment aan gedacht hadden : hij is koppig zijn eigen weg gegaan en heeft zelf zijn eigen evenement uitgebouwd, zonder daarvoor op parlementariërs of op Formule 1-baas Bernie Ecclestone te hoeven wachten. The Festival of Speed,the biggest automotive event in the world in its kind, is een uniek tuinfeest waar oude automobielen, elegante vrouwen en koene racers op een gracieuze manier verenigd worden. Het valt met geen ander te vergelijken. Toen de Lord als kleine jongen met zijn opa naar diens eigen racecircuit ging kijken naar hoe de naoorlogse helden om het snelst rondjes draaiden, nestelde zich in hem een virus dat hij nooit meer zou kwijtraken. "Ik was misschien vijf of zes jaar, maar die ervaring is mijn hele verdere leven blijven beheersen", herinnert de Lord zich. Toch was dat racecircuit niet veel meer dan een landingsstrook met wat balen stro vanwaar de vliegtuigen tijdens de Tweede Wereldoorlog opstegen voor The Battle of Britain. Maar de piloten kwamen er graag, en tussen de races door mochten ze in het huis van de opa van Charles Henry Gordon Lennox, Earl of March verblijven, en daar keken ze naar uit. Want Goodwood House, waar de Lord sinds 1992 zelf woont, is de verplaatsing waard. Het werd gebouwd door de eerste DukeofRichmond, een bastaardzoon van Charles II en de Franse spionne Louise de Kerouaille. In een van de kamers hangt een enorm portret dat Van Dyck van koning Charles I maakte, elders sieren Canaletto's de muren, terwijl in weer een andere kamer een grote Scalextric gebruiksklaar staat voor heren die na het diner elkaar in snelheidsraces met modelautootjes willen bekampen. Maar zover zijn we nog niet, want de Lord heeft wel een paar omwegen bewandeld alvorens terug te keren naar zijn grootste passie. "Toen mijn vader nog de verantwoordelijkheid voor het domein had, kon ik alleen maar afwachten. Maar ondertussen wilde ik mijn tijd niet verdoen."En dat deed hij ook niet. Op zijn zestiende werd hij van Eton weggestuurd en droomde hij van een carrière als fotograaf, zoals de held in de film Blow up. Hij werkte even voor de regisseur Stanley Kubrick aan Barry Lyndon. Daarna trok hij naar Kenia waar hij doorging met fotograferen en een gezondheidsproject opstartte. Vervolgens dook hij in de publiciteitswereld, werd modefotograaf en trouwde met danseres Sally Clayton. Toch bleken het allemaal slechts vingeroefeningen voor een project dat hij jarenlang in het achterhoofd koesterde : dat racebaantje van zijn opa in ere herstellen, er racers en mooi vrouwvolk uitnodigen en iets doen met het domein. Toen hij elf jaar geleden Goodwood House betrok, diende hij meteen de nodige aanvragen in om het baantje raceklaar te maken. Maar dat was zonder de administratieve papiermolen gerekend, die hem uiteindelijk zeven jaar zou kosten. En omdat de Lord er niet de man naar is om beslissingen af te wachten, begon hij alvast het huis te restaureren en twee jaar later een raceweekendje voor kompanen met oude auto's op te zetten op zijn eigenste, vier kilometer lange tuinpad voor het huis. Van in het bos tot op het heuveltje. De racers brachten wat vrienden mee en die vrienden andere vrienden. "Vroeg in de ochtend slibden alle toegangswegen dicht, zodat iedereen klem kwam te zitten. En dat zorgde voor een enorme chaos, maar ook voor een enorme publiciteit." Tot de Lord zijn stomme verbazing kwamen 25.000 kijklustigen op het allereerste Festival of Speed af. Meteen werd het dus een voltreffer. Vorig jaar was het voor de 140.000 nieuwsgierigen dringen om binnen te raken in de tuin van de Lord. "We zitten dicht tegen ons plafond aan, zodat we stilaan het aantal toegangskaarten beginnen te beperken om het allemaal een beetje comfortabel en genietbaar te houden. Dit jaar kunnen op zondag alleen bezoekers met een vooraf geboekt ticket nog binnen."Het Festival of Speed is in die tien jaar uitgegroeid tot een society event : zeldzame oude auto's en hun ontwerpers of racers staan centraal, maar ze zijn toegankelijker dan op eender welke Formule 1 grand prix. Bovendien maken er evenveel vedetten hun opwachting als op de grand prix van Monaco. "Er bestaat een soort samenhorigheid onder de aanwezigen. Vele wagens zijn erg zeldzaam en het prettige is dat hun eigenaars absoluut niet te beroerd zijn om op de vragen van de gewone toeschouwers te antwoorden. Tijdens het weekend zijn rang of stand van geen tel omdat alle aanwezigen door eenzelfde obsessie gedreven worden : de liefde voor oude, snelle en mooie objecten, voor een sfeer van vervlogen dagen. We zien het festival ook als een groot familiefeest, en dat betekent dat alle leeftijden aan bod moeten komen en er voor ieder wat wils is. Dat is onze uitdrukkelijke betrachting."Want waar kun je tegenwoordig nog een Mercedes Grand Prix uit 1906 zien rijden ? Of een legendarische stoomwagen uit het begin van vorige eeuw ? Waar kun je de Mercedes W196Streamliner nog horen die vijftig jaar geleden werd gebouwd om in de lange rechte lijnen van de circuits van Reims en Monza duizelingwekkende snelheden te halen ? En waar kun je als toeschouwer nog een praatje maken met Sir Jack Brabham, met Sir Stirling Moss of met Sir Jacky Stewart (in Engeland worden snelle kerels vroeg of laat geridderd) ? Waar kun je een glas drinken met John Surtees, de enige snelheidsduivel ooit die wereldkampioen werd op twee en vier wielen, of met onze eigenste Jacky Ickx, voor wie in Goodwood de Porsche 936/77 klaarstaat waarmee hij de 24 uren van Le Mans won ? Waar kun je zonder introductie van gedachten wisselen met Pink Floyd-drummer Nick Mason, zelf een verzamelaar van oude Ferrari's of met Juan Pablo Montoya, de jongste winnaar in Monaco ? Tussendoor kun je oude radiatordoppen bewonderen, tussen de stalletjes met oude boeken slenteren, foto's van de helden van toen kopen en champagne drinken op het terras. Bovendien viert Ford er dit jaar met een unieke aanwezigheid zijn eeuwfeest, en zet Chevrolet een halve eeuw Corvette te kijk en Porsche veertig jaar 911. Verder zijn er de inmiddels beroemd geworden concours d'élégance van Cartier, de Style et Luxe-competitie met speciale aandacht voor de dynastie van de Rolls- Royce Phantom. En waarvoor heren met smaak als Sir Terence Conran, meubeldesigner Viscount David Linley, zoon van prinses Margaret en Lord Snowdon en BBC-enfant terrible Jeremy Clarkson als juryleden werden aangetrokken. Zwartgeld heeft er nog een kans op vrijdagmiddag op de unieke veiling van Bonhams van zeldzame automobielen. En zelfs de groenen komen er aan hun trekken : de zeepkistenrace, de enige wedstrijd die ook bergaf wordt gereden, is een van de absolute hoogtepunten van dit bijzondere evenement geworden. Technische hogescholen bekampen er beroemde designbureaus met buitenissige ontwerpen zonder motor. Wie er niet genoeg van kan krijgen, keert in september terug. Onder de titel Goodwood Revival worden op dat racebaantje van de opa van de Lord sinds enkele jaren tijdens een weekend in de herfst échte races gehouden, met échte mannen, in échte auto's . Ook dat weekend is bijzonder : het enthousiaste publiek dost zich dan uit in kleren uit de jaren vijftig, en dat zorgt voor een unieke sfeer waarin RAF-piloten aan de arm van verpleegsters lopen en de elegantie van een halve eeuw geleden de boventoon voert. Tekst en foto's Pierre Darge