Hebt u ook gelezen dat er een jonge vrouw overleden is tijdens een langeafstandsvlucht van Londen naar Sydney, omdat ze van het lange zitten in de krappe ruimte die toeristen toegemeten krijgen, een trombose had ontwikkeld?
...

Hebt u ook gelezen dat er een jonge vrouw overleden is tijdens een langeafstandsvlucht van Londen naar Sydney, omdat ze van het lange zitten in de krappe ruimte die toeristen toegemeten krijgen, een trombose had ontwikkeld? En nog straffer: het Britse ministerie van Volksgezondheid gaf toe dat er jaarlijks "tientallen" mensen overlijden, door het urenlang stilzitten in het benepen stoeltje! Sommige vliegtuigmaatschappijen beginnen stilaan te beseffen dat de mens niet gemaakt is om opgevouwen vervoerd te worden en overwegen nu om hun passagiers in economy een ietsje meer beenruimte te geven. Ze spreken dan wel over een paar céntimeters. Maar de meeste maatschappijen doen of hun neus bloedt. Ze stouwen hun economy class, de rijen achter het gordijntje, zo vol mogelijk, met zitjes berekend op dwergen zonder armen, met hoogstens een maatje 38. En daar zitten we dan met z'n allen, de ellebogen stijf tegen het lichaam gekneld, de knieschijven tegen de rugleuning voor ons, en nog wat handbagage tussen de benen, want het kastje bovenaan is meestal vol. Eerst houden we nog een boek of krant op schoot, want tijdens zo'n transatlantische vlucht wil een mens zich bezighouden, al was het in verkrampte toestand. Maar deze bronnen van vermaak moeten al snel in het opbergvak voor ons, want nog voor het opstijgen, begint het cabinepersoneel aan een waanzinnig ritueel. Wie dit heeft uitgedacht, heeft zelf nog nooit een transatlantische vlucht meegemaakt in de toeristenklasse. Het begint met het uitdelen van kussentjes. Die prop je gauw achter je rug, want je wilt de 50 vierkante centimeter op je schoot vrijhouden. Helaas, dan volgt een deken. Die leg je voorlopig dan toch maar op je knieën. De volgende stewardess deelt setjes uit met sokken, blinddoekjes en tandpasta. In de zak voor je kan er niets meer bij, daar zit al een krant en een boek, het tijdschrift van de luchtvaartmaatschappij en een blad met veiligheidsvoorschriften, plus het zakje tegen luchtziekte. En dat laatste wil je toch bereikbaar houden in geval van nood. Je legt de sokken dus gelaten op je schoot. Volgt weer een mevrouw getooid in de achterhaald klassieke snit van luchtvaartmaatschappijen, deze keer met hoofdtelefoons om naar video's te kijken. Er zit niks anders op dan dit instrument in je hand te houden. Maar zie, weer komt een airhostess langs. Zij biedt vruchtensapjes aan voor in je andere hand, want het klaptafeltje kan intussen niet meer naar beneden door de rommel op je schoot. En uiteindelijk komt er nog een vriendelijke dwaas snoepjes aanbieden, voor tijdens het opstijgen. Tegen dan heeft niemand nog handen vrij, en de steward kan met een vol dienblad terug naar zijn hokje achter het gordijn. Dat gordijntje is trouwens ook al zo'n zielig vertoon. Tegen etenstijd wordt het zorgvuldig dichtgetrokken zodat de schooiers in economy class niet kunnen zien wat de business class-passagiers te eten krijgen. Vreest de luchtvaartmaatschappij dat er een volksopstand zou uitbreken, mochten wij merken dat die in eerste klas hun vlees waarachtig kunnen snijden? Want voor ons sukkels zit er niets anders op dan het stuk in zijn geheel in de mond te steken of op dierlijke wijze te verscheuren. Snijden met een plastic mes en geïmmobiliseerde ellebogen is onmogelijk. Sla er de wetten van de fysica maar op na. En dit is maar een kleine greep uit de onmiddellijk merkbare ongemakken. Volgens een Australische gerechtsarts die over het boven aangehaalde voorval werd geïnterviewd, krijgt hij minstens één keer per maand iemand met een trombose na een lange vlucht. Die zijn dan wel nog niet dood, maar hebben ernstige schade aan de bloedvaten in de benen. Kunnen we geen massaal verzet organiseren en in de kerstvakantie weigeren een vliegtuig te nemen? Dan hebben die van Sterrebeek, Kortenberg, Erps Kwerps en andere dorpen onder de aanvliegroute ook een rustige Kerst. FRIEDA VAN WIJCK