Jazzsaxofonist Jeroen Van Herzeele (32 ) maakte met zijn tweede cd een eclectisch werkstuk met John Coltrane, Jimi Hendrix, rappers en jazzers als inspiratiebronnen.

Bij ons thuis was er altijd muziek. Mijn vader is eigenlijk ook een muzikant, maar hij heeft nooit de kans gekregen om zich te scholen. Ik ben al heel vroeg het podium opgeklommen om met mijn vader jazzstandards te spelen. Dat is uiteindelijk ook de beste school voor jazzmusici. Ik ben wel naar de muziekhumaniora geweest en heb een tijdje op het conservatorium gezeten om klassieke saxofoon te studeren, maar ik wist eigenlijk al lang dat ik jazz wou spelen. Klassiek studeren vond ik dan ook tijdverlies, dus ging ik van daar naar de Jazzstudio in Antwerpen. Ik kreeg er les van de Amerikaanse saxofonist John Ruocco.

Ik probeer niet alleen naar één musicus te luisteren, maar zo veel mogelijk invloeden in me op te nemen. Daarom ging ik workshops en seminaries volgen bij een heleboel saxofonisten, van Joe Lovano tot Dave Liebman. Die hebben me veel geleerd door hun ervaring. Toen vibrafonist Dave Pike een club had in Gent, ging ik een paar keer per week meespelen. Al doende leer je toch het best.

Ik heb al die jaren al die jazzklassiekers gespeeld, maar stilaan kwamen ze me de strot uit. Ik had de kracht niet meer me daarvoor op te laden. Ik had een grote behoefte om zelf veel meer te gaan schrijven. Mijn eerste cd was eigenlijk een ruwe schets, de composities zijn niet zo uitgewerkt. Ik probeer graag wat uit buiten de geijkte paden, en dus had ik een trio zonder bas, met gitarist Peter Hertmans en Stephane Galland, de drummer van Aka Moon. Maar je hoort in die opnames van toen heel erg dat ik veel met Coltrane bezig was. Dat is voorbij nu. Ik heb er dan toch een bas bijgenomen, ik hou ervan om mensen samen te brengen en te zien wat er gebeurt.

Dit keer zocht ik vooral naar een veel ruigere klank. Tenslotte ben ik toch vooral ook opgegroeid met de rockmuziek, Jimi Hendrix en dat soort dingen. De cd en de groep heten Greetings from Mercury. Als referentie naar Hendrix, en ik ben ook een maagd van sterrenbeeld, mercury. Als je mij een groot budget zou geven om een jazzband samen te stellen, zou ik dezelfde mensen kiezen, omwille van het menselijk aspect. Het is niet zo dat als je vijf sterren bij elkaar zet, je automatisch een betere band krijgt.

Ik heb graag dat de groep lange tijd samenblijft, dan kun je alles laten groeien, elkaar beter aanvoelen. Ik heb geen masterplan voor de toekomst. Waar we zullen uitkomen weten we niet, maar ik wil wel steeds meer collectieve improvisatie en tegelijk meer uitgewerkte composities schrijven. Het beste is uiteindelijk dat je niet meer hoort of het uitgeschreven is of geïmproviseerd. Als je een groep samen wil houden, ben je vlug rond in België, of je moet telkens met een ander project op de proppen komen.

Het wordt ons niet steeds in dank afgenomen in het jazzwereldje dat we nu ook met een rapper spelen. Maar SteveSeegers is er eigenlijk heel toevallig bijgekomen. Toen hij mee kwam rappen, viel ons dat zo goed mee dat we hem vroegen om te blijven. Voor mij is het een extra element in de ritmesectie, een vocale percussie en een nieuwe klankkleur, dus waarom zou dat geen plaats hebben in de jazz? Ik heb op de cd en live ook wat gespeeld met elektronische effectpedalen op mijn saxofoonklank, maar dat ben ik tamelijk vlug beu geworden. Uiteindelijk kan je met een saxofoon net zoveel klankeffecten verkrijgen zonder elektronica. Met deze formatie kunnen we wel beter in het buitenland terecht. Daar zijn al contacten voor gelegd; binnenkort spelen we in Spanje en in Frankrijk.

Greetings from Mercury, Carbon 7.

Gerry De Mol / Foto Hypnovisuals