Paul Dujardin ( 33), directeur van de Filharmonische Vereniging van Brussel, ziet er geen graten in een wandelende rekenmachine genoemd te worden.
...

Paul Dujardin ( 33), directeur van de Filharmonische Vereniging van Brussel, ziet er geen graten in een wandelende rekenmachine genoemd te worden. MILO DERDEYN / Foto HYPNOVISUALS Er wordt inderdaad beweerd dat mijn job alleen draait rond geld en dat ik een gehaaid onderhandelaar ben. Tja, money rules the world. Cultuur muziek in casu, dáár ben ik mee bezig is nu eenmaal een dure aangelegenheid. Een olijkerd heeft ooit beweerd dat ze alle subsidies maar meteen moesten afschaffen. Ik zou zeer heftig kunnen reageren en uitstippelen wat voor een gigantisch drama dat zou zijn. Maar ja, de overheid is zich bij ons gelukkig toch nog een beetje bewust van haar plicht : cultuur moét gesteund worden. De vergelijking met buitenlandse orkesten loopt mank. Je moet weten dat daar elke productie gesteund wordt door financiële partners, reclame dus. En het gaat om zeer bekende orkesten én om zeer bekende merken die dus rekenen op een commerciële return. Die zou bij ons nogal dunnetjes uitvallen, vrees ik. Een andere oplossing is diversifiëren. Het London Symphony Orchestra neemt ook populaire programma's op, met deuntjes van John Lennon bijvoorbeeld, om massa's cd's te kunnen verkopen en grote drommen volk naar de concertzaal te lokken met puur commerciële doeleinden. Om hun voortbestaan te kunnen verzekeren en ?het goede? überhaupt te kúnnen doen. Met ?het goede? bedoel ik wat wij en met ons nog een tiental organisaties in Europa brengen ( Concertgebouw, South Bank, Cité de la Musique, Kölner Philharmonie, Musikverein Wien, red.). Dat is natuurlijk een kwestie van artistieke politiek. Er is een noodzaak aan overheidssteun, als je tenminste niet helemaal afhankelijk wil zijn van de goodwill van privé-partners. Geen kwaad woord erover, want ook die zijn broodnodig. Bij ons is dat inderdaad een kwestie van overleven, omdat we niet die markt hebben die Londen bijvoorbeeld vertegenwoordigt. Daar zitten de platenstudio's, de film- en videomaatschappijen, die orkesten gebruiken bij hun producties. Uniek in Europa. In Amerika heb je nog een ander aspect. Orkesten als Chicago, Los Angeles, New York, Boston, Cleveland, Philadelphia en daarmee heb je het ook gehad overleven niet alleen door sponsoring en niet omdat ze goed of slecht zijn, maar omdat ze in een periode rond het einde van de 19de eeuw tientallen miljoenen dollars steun gekregen hebben van Rockefeller en consorten. Daarmee werd een endowment-found opgericht en een kapitaal dat, goed beheerd, hun toekomst verzekert. Daarbovenop komt nog eens de sponsoring, plus natuurlijk een zeer groot aantal uitvoeringen. Enorm veel zomerconcerten : elke dag opnieuw, zoals de Hollywood Bowls, voor tienduizenden mensen in een park. Van rentabiliteit gesproken ! Bij ons heb je ensembles zoals die van Philippe Herreweghe, Paul van Nevel en La Petite Bande, die vandaag overleven met zeer weinig subsidie maar met veel idealisme. Het leidt tot grote frustratie dat ze na pakweg dertig jaar wroeten nog steeds hun toekomst niet verzekerd zien. Het is een ambiguë situatie. Er zijn ensembles die het goed doen met weinig steun, terwijl anderen waarbij de steun wegvalt het plots niet goed meer doen. Nog andere orkesten ( BBC, BRTN) zijn 100 % gesubsidieerd en doen het ook goed, terwijl de Berliner of de Wiener coöperatieven zijn die geen inspraak dulden. Het is zo verschillend van land tot land, van structuur tot structuur. Alle mogelijke situaties dus waarbij men al dan niet succes boekt, met of zonder veel geld. Het risico bestaat dus dat men vooral in België gaat denken dat cultuur steunen niet meer de taak van de overheid is maar van de privé-sector, terwijl de privé denkt : ?Daar hebben we geen baat bij en dus is dat de plicht van de overheid?. We zitten in een gevaarlijke situatie waarbij cultuur zich in een crisis bevindt en gemarginaliseerd dreigt te worden. Filharmonische Vereniging van Brussel : info en nieuwe seizoenbrochure : tel. (02) 511.34.33. Tickets : (02) 507.82.00 en (070) 344.644. e-mail : sofilibm. net. Internet : http//www. sofil. be