Franky Claeys (30) ergert zich aan lichtschakelaars, rolstoelen en voorwerpen in het algemeen. De frustraties van een grafisch vormgever en productontwikkelaar.
...

Franky Claeys (30) ergert zich aan lichtschakelaars, rolstoelen en voorwerpen in het algemeen. De frustraties van een grafisch vormgever en productontwikkelaar. LENE KEMPS FOTO : LIEVE BLANCQUAERTAls ik naar iets kijk, vraag ik me dikwijls af : moet dat zo lelijk zijn ? Neem nu een frietketel. Tenzij je een fortuin uitgeeft aan een industrieel model, zit je met een afzichtelijk ding in je keuken. Er is zoveel goed design op de wereld, gaande van een Swiss Army Knife, Braun koffiezet of BMW-roadster, tot de meubels van Eileen Gray. Waarom kan ik dan geen mooie frietketel kopen, of een iets of wat origineel bed, of een brooddoos die je zonder schaamte bovenop de frigo kan zetten. Er zijn voorbeelden genoeg van goed en betaalbaar design. Alessi produceert het met vrij veel succes. Ook Tupperware is er wonderlijk in geslaagd om functionele vormen te ontwerpen die bijna tot ons cultureel erfgoed behoren. Maar dat zijn uitzonderingen. Voor de rest is het huilen met de pet op. Een mooie lichtschakelaar is haast niet te vinden. Als je iets moderns wil, ben je gedoemd dat groot vierkant te nemen vroeger uitsluitend in wit, nu verkrijgbaar in opvallende en felle kleuren, alsof iemand daar behoefte aan heeft. Dus wat doet een creatief mens uit frustratie ? Hij neemt zijn toevlucht tot huisvlijt. Die twee tafels hier zijn eigen ontwerp, de lampjes ook. Ik heb een voorkeur voor simpele vormen en een combinatie van materialen. IJzer en eik. Beuk en formica. Het kost een bom geld om die prototypes te laten uitvoeren, maar ik heb ontdekt dat industriëlen niet geneigd zijn tijd te maken voor een jonge enthousiasteling met een map tekeningen onder zijn arm. Je moet hen overbluffen en zeggen : dit heb ik al gemaakt en dat heb ik al gedaan. Ik wil hen overdonderen met een volledige collectie. Ik heb de vormgeving pas laat ontdekt, na een opleiding als landbouwingenieur. Eenmaal afgestudeerd, zag ik mezelf geen wit hemd aantrekken om potgrond of turf te verkopen. Een buurman gaf les in productontwikkeling op de Academie. Zijn verhalen boeiden me. Als hij vertelde over een oefening die hij de leerlingen gaf combineer een auto met een emotie bijvoorbeeld , dan tekende ik thuis een verlegen Volvo. Of : ontwerp een mechanisme dat op eigen kracht voortbeweegt over twee stalen kabels en dat aan het einde van zijn traject twee bowlingkegels omduwt. Dat soort puzzels vind ik fantastisch. Ik wist snel dat dit het vak voor mij was en begon dan maar opnieuw te studeren. Mijn eindproject was een ecologisch gezelschapsspel. Een buitenlands bedrijf is erin geïnteresseerd en er wordt ondertussen onderhandeld over de productie en verdeling. Daar zijn zulke gigantische bedragen mee gemoeid, dat hou je niet voor mogelijk. Ik heb de moeilijke weg gekozen : als zelfstandige. Ik wil niet in een bureau terechtkomen, waar ik de stijl van het huis moet volgen en geen kans krijg om eerst wat te knoeien. Ik heb lang in een restaurant gewerkt waar ik al snel de menu's, boekjes, uitnodigingen en dat soort dingen voor mijn rekening nam. Als gevolg daarvan krijg ik voorlopig vooral grafische opdrachten. Het nieuwe logo van kledingcollectie Long Island. De herstyling van een benzinestation. De uitvoering van de Kyuso-catalogus. Affiches, kalenders, T-shirts. Een directe en toegankelijke vorm van ontwerpen. Ik denk dat ik helder en simpel werk. Wat ik verdien met de grafiek, investeer ik in de meubels. Ik wil geen ideale wereld creëren in die zin dat niet alles design moet zijn. Non-design heeft net zo goed charme. Ik hou evenveel van de bean-bag uit de jaren '60 als van de metalen stoelen. Ik bewonder Philippe Starck omdat hij zijn visie zo sterk en op zoveel niveaus heeft weten te verspreiden. Hij werkt voor postorder-catalogi en kunstgaleries. Zelf voel ik me geen wereldhervormer. Ik hou trouwens helemaal niet van Starcks motorfiets die eruitziet als een espressomachine. Alsof hij niet vuil mag worden. Het idee dat goed design uitsluitend uit clean gestroomlijnd chroom bestaat, is ook al weer erg conventioneel. Design is om te gebruiken, niet om in de spiegelkast te zetten.