Voor de les handwerk in het tweede jaar van de humanioria moest iedereen een pull voor zichzelf breien. Alleen ik en mijn vriendin Petra werden van die opdracht ontslagen. We mochten samen iets breien voor mijn kleine zus. Dat leek de lerares, die ons een jaar eerder de naaimachines had zien te lijf gaan, de enige haalbare kaart. Ze had ongelijk. Zelfs die peuterpull raakte niet afgewerkt. We konden tegen het examen alleen een beschamend stukje voorpand en twee minimouwen laten zien. Onze medeleerlingen droegen intussen hun eigen creatie. Wij vonden hen uitslovers in lelijke truien.
...

Voor de les handwerk in het tweede jaar van de humanioria moest iedereen een pull voor zichzelf breien. Alleen ik en mijn vriendin Petra werden van die opdracht ontslagen. We mochten samen iets breien voor mijn kleine zus. Dat leek de lerares, die ons een jaar eerder de naaimachines had zien te lijf gaan, de enige haalbare kaart. Ze had ongelijk. Zelfs die peuterpull raakte niet afgewerkt. We konden tegen het examen alleen een beschamend stukje voorpand en twee minimouwen laten zien. Onze medeleerlingen droegen intussen hun eigen creatie. Wij vonden hen uitslovers in lelijke truien. Ondanks dat jeugdtrauma heeft de altijd breiende Isabelle Baines geen moeite om mij voor haar te winnen. Bedeesd en zelfs een beetje breekbaar ziet ze eruit, maar als ze over haar passie begint, lichten haar ogen op en praat ze op besliste toon. "Ik ben artisanaal met tricot bezig, wat inhoudt dat ik elk model eerst zelf maak op mijn breimachine. Ik vind het belangrijk dat de fabrikant een echt prototype krijgt en niet alleen maar een schets. Ik heb hier zakken vol oefeningen: stukken mouw, stukken kraag. Details zijn zeer belangrijk in mijn ontwerpen." Haar klanten appreciëren details als aparte kragen, mooie knopen, een bijzondere mouwinzet. Ook op de pasvormen is hard gewerkt. En hoewel Isabelle Baines zelf alleen donkerblauw draagt en al haar brei-oefeningen in donkerblauw uitvoert, is haar kleurenpalet bijna oneindig. Zo slaagt ze erin zonder opzichtige prints - op een uitzondering na is alles uniform van kleur - een sobere maar toch herkenbare collectie neer te zetten. Bovendien werkt ze met de beste wol- en katoenkwaliteiten en kunnen de pulls in de wasmachine. "Ik weet niet of je het predikaat mode kunt gebruiken bij wat ik doe. Gedeeltelijk wel, ik sta er niet buiten, maar veel modellen kun je, ongeacht de trends, jaren na elkaar dragen. Ik zit ergens tussenin. Ook qua prijzen." (Baines' duurste pull kost 7800 fr./ 193,36 euro; een tricot mantel 11.000 fr./ 272,68 euro.)Haar inspiratie haalt ze dan ook niet uit de modewereld. Op het werk van Yohji Yamamoto en Rei Kawakubo van Comme des Garçons na volgt ze de ontwerpers niet nauwgezet. "Ik heb enorm veel fotoboeken waarin ik kan blijven bladeren. De tint van een stoffige muur in Afrika, de lijn van een bepaald gebouw, dat zijn de dingen die mij inspireren. Ook mijn ervaring in de theaterwereld brengt ideëen bij." Isabelle Baines studeerde theaterkostuums aan de academie in Antwerpen. Ze liep stage bij de Munt en werkte daarna een tiental jaar met allerlei regisseurs. "Na die tijd was ik het echt beu. Ik had geen zin om nog eens drie maanden met een gezelschap rond te toeren, ik ben niet zo'n groepsmens. Bovendien moet je de ideëen van de regisseur volgen. Ik wilde mijn eigen baas zijn. Zo is mijn eerste liefde, breien, vanzelf teruggekomen." Als kind breide Isabelle Baines al graag, ze was er altijd mee bezig. "Een tweede natuur", zegt ze er zelf over. Na haar studie kocht ze een machine en leerde zichzelf ermee te werken. "Ik heb jaren moeten breien voor ik tevreden was met het resultaat. Mijn tricot mocht dan wel artisanaal zijn, ik wilde niet dat het er amateuristisch uitzag." Toen Baines startte met haar tricotzaak heeft ze onder meer voor modelegende Ann Saelens gewerkt. Ze is ook een half jaar naar de Verenigde Staten getrokken, waar ze in een atelier werkte en de nodige technische vaardigheden kon aanleren. Terug in België opende ze een kleine winkel in Ukkel. "De eerste vijf jaar heb ik alles op mijn eigen machine gemaakt. Ik breide soms vijftien uur per dag. Toch kon ik niet meer dan 150 tot 200 pulls per jaar leveren, wat de prijs hoog hield. Breien is een intense bezigheid. Soms gaat het goed, andere dagen helemaal niet. Gisteren heb ik drie pulls gebreid, een superdag. Maar dan moet je de stukken nog strijken en de knopen eraan zetten. Vaak duurt de afwerking langer dan het breien." Om het volume te verhogen heeft Isabelle Baines een fabrikant (een Belgisch atelier) gezocht en sinds enkele jaren heeft ze haar boetiek in een commerciëlere buurt, vlak bij de Naamse Poort, een zijstraatje van de Waterloolaan. Ook hier ontdekken nieuwe klanten haar, toeristen en vrouwen die in de buurt werken. "Ik moest wel verhuizen", lacht Isabelle Baines. "Mijn klanten van het eerste uur hadden al tientallen pulls van mij."Isabelle Baines, Kernstraat 48, 1000 Brussel. Tel. 02-502 13 73.Trui Moerkerke / Portret Lieve Blancquaert