Naar school gaan was een verplichting waar ik niets van begreep. Voor mij was dat als een gevangenis, ik probeerde voortdurend te ontkomen aan het systeem en de regels die me opgelegd werden. Van mijn atlas bleef op het einde van het schooljaar niets over, want die krabbelde ik vol met tekeningen. Eigenlijk doe ik vandaag precies hetzelfde: als kunstenaar herteken ik stukje bij beetje de wereld.
...

Naar school gaan was een verplichting waar ik niets van begreep. Voor mij was dat als een gevangenis, ik probeerde voortdurend te ontkomen aan het systeem en de regels die me opgelegd werden. Van mijn atlas bleef op het einde van het schooljaar niets over, want die krabbelde ik vol met tekeningen. Eigenlijk doe ik vandaag precies hetzelfde: als kunstenaar herteken ik stukje bij beetje de wereld. Op mijn 22ste heb ik alles wat ik ooit gemaakt had weggegooid. Ik wilde loskomen van de postmodernistische strekking die de hedendaagse kunst beheerste en het gebruik van afval aanmoedigde, maar ook van de luchtbel waarin ik als student aan het KASK in Gent geleefd had. Een drastische beslissing, maar ik wilde mijn eigen weg uitstippelen, in plaats van de aanwijzingen van docenten of de tijd-geest te volgen. Het kunstenaarsleven was voor mij als een sneeuwbal die naar beneden rolde: er viel gewoon niet aan te ontsnappen. Leeftijdsgenoten droomden van geld verdienen, van een leuk appartement en een mooie sofa, terwijl ik me alleen maar afvroeg wat ik dan in godsnaam zou moeten kopen. Een sofa om op te rusten? Dan wijdde ik me liever volledig aan de kunst. Waarmee ik niet bedoel dat je als kunstenaar volledig buiten de maatschappij staat - ik betaal facturen zoals iedereen, en dan heb ik het nog niet over de commercie op de kunstmarkt. Brons dwingt je om zeker te zijn van je stuk. Ik heb ondertussen ook met zilver, marmer, gips en andere materies gewerkt, maar zeker in het begin van mijn carrière was het goed om me te focussen op sculpturen in brons. De materie beangstigde me, maar de hoge productiekosten verhinderden dat ik zomaar wat deed. Een goed beeld zet je aan het denken. Wat ik in mijn werk zie of wil vertellen is bijkomstig. Op Instagram geniet ik er enorm van dat mensen een beeld als Not Enough Brains to Survive, een Griekse atleet met een enorm hoofd dat onder zijn eigen gewicht bezwijkt, regelmatig reposten en telkens een andere betekenis geven. Studenten posten het soms bij het blokken, maar ik zag het ook al in de context van de Black Lives Matter-beweging en de coronapandemie. Ik heb pas anderhalf jaar geleden mijn angst voor de schilderkunst bezworen. Ik heb er altijd naar opgekeken en ging als jonge twintiger al met olieverf aan de slag, maar het was alsof mijn handen er niet mee overweg konden - de verschillen met de beeldhouwkunst waren te groot. Anderzijds weet ik ook dat ik het mezelf soms moeilijk moet maken om vooruit te komen. Moeilijk op technisch vlak, maar ook meer in de zin van wie ik ben en waar ik voor sta als kunstenaar. In een samenleving die mensen graag in hokjes stopt en catalogiseert iets doen dat je naam en faam misschien doorprikt en je van je piëdestal haalt: dat vind ik enorm spannend. Mijn werk achterlaten is moeilijk. Ik weet dat ik mezelf niet voortdurend kan opsluiten in mijn atelier in Elsene, maar ik heb altijd het idee dat ik maar beter in de buurt van mijn werk blijf, alsof ik een baby heb die ik op tijd en stond moet voeden. Naar buiten gaan of reizen haalt me ook uit het mentale en creatieve proces achter een nieuw werk, en wat als ik net op dat moment de ultieme ingeving heb? Ik vertoef sinds enkele jaren graag op de Griekse eilanden, maar ik worstel altijd met de gedachte dat ik beter in mijn atelier was gebleven. Niets is voor de eeuwigheid. Ik werk onder meer rond de vergankelijkheid van het leven, maar dat verval wacht misschien ook mijn eigen beelden: wie weet waar ze ooit belanden. Toch vind ik dat je er als kunstenaar naar moet streven om opgenomen te worden in museumcollecties of in de openbare ruimte. Ik wil niet alleen maar voor de kunstmarkt werken, maar ook iets teruggeven aan de gemeenschap.