Als er één merk is dat op een lange geschiedenis kan terugblikken, dan is het Daimler-Benz (tegenwoordig DaimlerChrysler), al beseffen weinigen dat de heren Benz en Daimler elkaar bij leven nooit hebben ontmoet. Carl Benz, zoon van een machinist, werkte in Mannheim, terwijl Gottfried Daimler in Bad Cannstatt, een voorstad van Stuttgart knutselde, samen met die andere god van het automobiel, Wilhelm Maybach.
...

Als er één merk is dat op een lange geschiedenis kan terugblikken, dan is het Daimler-Benz (tegenwoordig DaimlerChrysler), al beseffen weinigen dat de heren Benz en Daimler elkaar bij leven nooit hebben ontmoet. Carl Benz, zoon van een machinist, werkte in Mannheim, terwijl Gottfried Daimler in Bad Cannstatt, een voorstad van Stuttgart knutselde, samen met die andere god van het automobiel, Wilhelm Maybach. In het gezegende jaar 1886 pakte Benz uit met een heuse gemotoriseerde driewieler, terwijl Daimler een koets kocht en daar zijn motor van eigen makelij inbouwde. De auto stond op het punt werkelijkheid te worden en beide heren zouden de voorlopers worden van de grootste omwenteling van de twintigste eeuw. Hun beider bedrijven fuseerden, door economische noodzaak gedwongen, pas in 1926. Daimler was 27 jaar eerder al gestorven. Zo'n honderdtwintig jaar na de geboorte van de automobiel rijden we naar de vooropening van Mercedes-Benz World. Om de rit enige luister te geven, vertrekken we op een goddeloos vroeg uur met gelijkgezinden aan boord van enkele youngtimers uit Zaventem richting Stuttgart, een rit van bijna 600 km. We wisselen geregeld tussen de 230S Universal, een in Mechelen gebouwde stationwagon uit 1967, die na enkele kilometer een vinniger indruk nalaat dan we verwachtten, de machtige 280 SE 3.5 coupé die drie jaar jonger is en alleen al door zijn allure de harten van velen steelt en een 280 CE coupé uit 1972, die eigenlijk al modern aanvoelt. Met dat trio arriveren we een kleine tien uur later zonder problemen in Stuttgart. Wat het publiek straks in het museum te zien krijgt, is slechts het topje van de ijsberg van wat door het merk in de voorbije jaren bijeen gebracht werd. De rest bevindt zich een paar kilometer verderop in de schatkamers van het Mercedes-Benz Classic Center in Fellbach. Daar rusten onder beschermhoezen en in lage, houten containers tientallen juweeltjes, van de bijzondere SLR's tot de formule 1-auto's van enkele seizoenen geleden. We zijn er een uurtje zoet met het optillen van de hoezen en het luisteren naar de anekdotes van zoveel jaren autogeschiedenis. Het publiek krijgt die schatkamers nooit te zien, omdat het niet verder komt dan de showrooms van het Classic Center, waar fraai gerestaureerde Mercedessen te kijk en te koop staan. Het neusje van de zalm is een majestueuze 540 K cabrio uit 1937 die zo'n 1,5 miljoen euro moet kosten, maar wie wat minder op zak heeft, kan een 190 SL kopen voor ongeveer 150.000 euro. Wie écht geïnteresseerd is (dat wil zeggen wie zelf een wagen ter restauratie uitleent), kan een kijkje nemen in de ateliers waar 25 topvaklui de oude kratten met liefde en vakmanschap weer in topvorm brengen. Daar zien we een 600 Pullman, bestemd voor een Chinese klant en een imposante Mercedes uit de jaren dertig, die ooit door Hitler aan Franco cadeau was gedaan. In opdracht van de Spaanse kroon wordt die weer helemaal opgelapt. Maar er wacht ons nog een verrassing : een kopie van de originele driewieler van Carl Benz uit 1886 wordt van stal gehaald en met een elegante zwaai aan het vliegwiel tot leven gewekt. De allereerste auto is een juweeltje van elegantie, met grote, dunne spaakwielen. De werking van de liggende eencilindermotor valt perfect te volgen, want hij ligt geheel ontbloot. Na een verkenningsronde als passagier mogen we zelf het stuur (nou ja) nemen. De bediening kan niet eenvoudiger : een lang hendel aan de linkerzijde wordt naar voren geduwd om op te schieten, naar achteren om te remmen of nog verder om achteruit te rijden. Het sturen gebeurt met een hendel in het midden. Het ding loopt lichtvoetig en prettig en brengt twee gedachten in herinnering : de eerste auto was een cabrio en eigenlijk is er in die 120 jaar nauwelijks wat veranderd, enkel verfijnd, verbeterd en van slijtvaster materialen voorzien. Nieuw zijn ingrepen die het zoveel mogelijk kopers aangenaam maken om op de weg te verschijnen : een koetswerk, later met verwarming en airco (voor wie bang is van de elementen), ABS (voor wie er niet in slaagt gedoseerd te remmen) of ESP (voor wie zijn snelheid in de bochten niet weet in te schatten). Dat iedereen nu met een auto overweg kan, is enkel te danken aan de techniek die ingrijpt waar menig automobilist faalt. En als u het ons vraagt, is dat een kwalijke zaak. Als de auto wat rudimentairder was gebleven en meer aandacht en rijvaardigheid had vereist, was er van files wellicht geen sprake... Mercedes Benz World is niet alleen een indrukwekkende tempel van autokundig vernuft, het is ook een zeer aardig stukje architectuur van de hand van de Nederlander Ben Van Berkel die met zijn medewerkers niet minder dan 83.000 plannen tekende. Hij ontwierp binnenin een dubbele helix, waarlangs de bezoekers het museum kunnen aflopen. In de eerste spiraal bevinden zich, verspreid over acht etages, de zeven legend rooms, waar aan de muur telkens de hoogtepunten uit één periode worden geïllustreerd. In de andere helix bevinden zich vier collection rooms. Opmerkelijk is dat dankzij de dubbele helixstructuur de tentoonstellingszalen geen steunzuilen behoeven, zodat telkens een grote, homogene ruimte ontstaat. Daar ontdekten we niet alleen de grote klassiekers uit de geschiedenis van het merk, waaronder de bijzondere tijd van de compressoren 1914-'45, een periode waarin de mooiste automobielen ooit werden gebouwd. Er valt ook nog eens 380 minuten film te bekijken, en zelfs het uitzicht op de omliggende heuvels met wijngaarden is spectaculair. Kortom, een geheel om niet te missen. Jaarlijks worden dan ook driekwart miljoen bezoekers verwacht. Mercedes-Benz World bevindt zich in Stuttgart/Untertürckheim en is sinds vorige vrijdag, 19 mei, open. Info : www.mercedes-benz.com Door Pierre Darge / Foto's PPI