Er is een heleboel gekheid in de wereld en als er één vergaarput bestaat waar al die gekheid zich verzamelt, dan wel het world wide web. Zo werd het internet genoemd toen het nog een exotische plek was. Je schreef het met hoofdletter en de dappere verkenningsreizigers die zich erop waagden, werden internauten genoemd - een woord dat tegenwoordig niemand meer gebruikt die zich een beetje bij de tijd waant.
...

Er is een heleboel gekheid in de wereld en als er één vergaarput bestaat waar al die gekheid zich verzamelt, dan wel het world wide web. Zo werd het internet genoemd toen het nog een exotische plek was. Je schreef het met hoofdletter en de dappere verkenningsreizigers die zich erop waagden, werden internauten genoemd - een woord dat tegenwoordig niemand meer gebruikt die zich een beetje bij de tijd waant. Het internet kwam in mijn leven in de gedaante van een 14,400-modem van US Robotics, met gekraak en getsjirp dat nostalgie opwekt bij ieder die het ooit gehoord heeft. "Probeer het maar eens", grijnsde mijn vriendelijke collega Paul. Een heel weekend lang 'zat' ik in cyberspace tot mijn kont er pijn van deed. Het internet kwam in mijn leven en is er sindsdien niet meer uit geweken. Ik was een early adopter, die een e-mailadres had maar nog niemand om naar te mailen. Mijn eerste bericht ging naar de toeristische dienst van het Groothertogdom Luxemburg : informatie aanvragen die ik nergens voor nodig had, om dan in spanning te wachten tot er een mail van hen terugkwam. Paul is inmiddels aan pancreaskanker bezweken ; nog steeds heb ik het vreemde gevoel dat het internet hem hoogstpersoonlijk toebehoort. Het world wide web is nu zo banaal geworden als waspoeder, maar ook, nog steeds, die vergaarput waar alle gekheid van de wereld naartoe loopt. Dat moest ik denken toen ik onlangs per toeval op WikiFeet verzeilde, the collaborative celebrity feet website. Je kunt er foto's van voeten van beroemdheden delen, raten en bediscussiëren. Het lijkt me een eigenaardige bezigheid. Ik voel mij niet geroepen om de tenen van Angelina Jolie (beautiful feet) of Veerle Baetens (nice feet) te sharen. Toch begrijp ik het ergens ook wel, die onschuldige vorm van fetisjisme. Voeten behoren, samen met oksels en pakweg het perineum, tot de meest ondergewaardeerde delen van het menselijk lichaam. Er zijn bijzonder geslaagde mensen met klunzige voeten, en wellicht ook vice versa. Je hebt zelfs modellen waarop slechts een beroep gedaan wordt voor de schoonheid van bepaalde onderdelen. Zo kun je hand-, voet- of kontmodel worden. "Ik hoef nooit op commando geforceerd te glimlachen", looft zo iemand de voordelen van haar job tegenover die van een gewoon fotomodel, dat met zijn gezicht in beeld komt. "Het is vrij zeldzaam : weinig mensen hebben slanke handen met mooie natuurlijke nagels en mooie voeten komen nog minder voor. Ikzelf heb bijvoorbeeld lange, rechte tenen en dat is iets wat modellenbureaus erg op prijs stellen." Zelf kan ik sierlijke extremiteiten ook wel waarderen. Het is niet zonder spoor van esthetische ontroering dat ik op WikiFeet langs de nederige dienaren surf van Ianka Fleerackers (ok feet) en Candice Swanepoel (beautiful feet). Op de een of andere manier zijn ze hypnotiserend, die bevallige rimpels, welvingen en knoesels ; ik blijf er langer bij verwijlen dan strikt gezien noodzakelijk. Ze zijn geruststellend en tegelijk een beetje spannend - zoals knalgele nagellak, of zoals miljoenen repen die naar de fabriek worden teruggeroepen omdat in een daarvan een stukje plastic werd aangetroffen. Ooit had ik een vriendin die op WikiFeet moeiteloos de vijf sterren van gorgeous feet zou hebben gekregen. Ze wist niets van de machinekamers van de macht of van de oorlog in Korea. Maar wie haar voeten zag, verstomde - als hij tenminste het talent bezat om het alledaagse te onderscheiden van het uitzonderlijke. Je kon ademloos naar die poezeligheid zitten kijken, terwijl de regen de ramen geselde. Je kwam er de tijd mee door die ons scheidt van het laatste oordeel, een concept dat zowel voorkomt in de joodse, de christelijke als de islamitische heilige boeken. Soms stond zij dan op, rekte zich uit en zei iets dat uit mijn geheugen gewist is. jp.mulders@skynet.be JEAN-PAUL MULDERSZe zijn hypnotiserend, die bevallige rimpels, welvingen en knoesels; ik blijf er langer bij verwijlen dan strikt gezien noodzakelijk