Mijn jongste dochter, nu twaalf weken of daar iets voorbij, ligt in haar park naar haar mobile te kijken, en te kraaien, met haar armpjes te zwaaien als de aap en de giraf voorbij draaien op muziek van Mozart en Bach, er is ook een soort struisvogel, de ledematen geverfd in alle mogelijke felle kleuren. Ik ben struisvogel genoeg om niet te denken aan de geverfde apen die in mijn volwassen leven ronddraaien, al die dingen die zij nog moet leren kennen, zoals de taliban, winstwaarschuwingen en gesjoemel bij de mannen van de FOD Financiën. Om te zwijgen van mensen die de nacht doorbrengen voor een H&M-winkel, om hun buit uit de Margielacollectie dan met woekerwinst te verpatsen op Kapaza.
...

Mijn jongste dochter, nu twaalf weken of daar iets voorbij, ligt in haar park naar haar mobile te kijken, en te kraaien, met haar armpjes te zwaaien als de aap en de giraf voorbij draaien op muziek van Mozart en Bach, er is ook een soort struisvogel, de ledematen geverfd in alle mogelijke felle kleuren. Ik ben struisvogel genoeg om niet te denken aan de geverfde apen die in mijn volwassen leven ronddraaien, al die dingen die zij nog moet leren kennen, zoals de taliban, winstwaarschuwingen en gesjoemel bij de mannen van de FOD Financiën. Om te zwijgen van mensen die de nacht doorbrengen voor een H&M-winkel, om hun buit uit de Margielacollectie dan met woekerwinst te verpatsen op Kapaza. Ook interessant is de evolutie van de verkeersagressie, die volgens mijn sikkeneurige krant in vier jaar schijnt te zijn verdubbeld. Dat stemt overeen met wat je zelf aanvoelt in de bewegwijzerde jungle, zoals vorige week, toen een buldog met een bullbar achter mij met zijn lichten trok en toeterde omdat ik aan een kruispunt voorrang van rechts durfde te verlenen, een naar zijn gevoel tijdrovende en stuitende vorm van beleefdheid. Soms tast je dan naar de vindplaats van je krik of brandblusser, die ergens in de zomer van 2009 blijkt te zijn vervallen. Soms voel je de aandrang om de RO af te razen in een roestige truck met een machinegeweer achterop, zoals een krijgsheer in Afrika. De krant spreekt van verruwing van de samenleving, een woord dat mij doet denken aan stoppelbaarden en ongeschilde aardappelen. Vorige week in de refter, waar wereldproblemen opgelost worden tussen fruitsla en witloof in hamrolletjes, had ik het erover met de collega's : of de wereld tussen Waarschoot en Koekelare nu daadwerkelijk botter en vijandiger is dan vroeger. Wij waren geneigd te zeggen van wel, al is de vaststelling doen nog iets anders dan de vinger op de oorzaken te kunnen leggen. "Het geloof is weggevallen," zei iemand, "en dat was toch wel iets wat mensen vroeger in het gareel hield. De sociale controle is niet meer wat ze geweest is." Iemand anders haalde de overbevolking aan, waardoor we ons ontpoppen als ratten in een kooi die te krap is. Een derde wees op de stroom negatieve berichten waarmee we dagelijks van langs alle kanten bestookt worden. Koppen als Eurozone duikt in recessie en Spaanse vrouw pleegt zelfmoord omdat ze hypotheek niet kon betalen zorgen voor een permanent soort stress - zeker als er op de werkvloer een sluipschutter op de loer ligt. Als het op kinderen aankomt, proberen de meesten van ons niettemin een wolk van rooskleurigheid op te houden, in wat je gerust de grootste en best uitgewerkte samenzwering ter wereld kunt noemen. Je hebt natuurlijk ook mensen die met hun apathische smoel de schattigste baby's negeren. Die mensen, denk ik dan, zijn voorgoed verloren. Geen eeltvijl of likdoornpleister is nog opgewassen tegen hun verruwing. De meesten blijven gelukkig doen alsof we in een wereld vol praatgrage klavertjesvier en vrolijke waterjuffers leven. Ze zetten hun breedste glimlach op naar die grote ogen die verwonderd al die kleuren en vormen bekijken. Intussen lijkt het elke dag wat meer alsof de principes van inzet en eerlijkheid die ik geleerd heb, niet meer toepasselijk zijn op deze wereld. Soms zou ik voor mijn dochters alvast een survivalkamp willen boeken, waar ze vertrouwd worden gemaakt met de beginselen van knopenleggen, karate en het hanteren van de Colt King Cobra. Toch hou ik vol, trek gekke bekken naar de jongste en speel met de oudste een gezelschapsspel dat we in de biowinkel kochten. Rettet den Märchenschatz, heet het. Het gaat over een koning die alle sprookjes uit zijn rijk heeft verbannen en die wij dan weer bijeen moeten zien te zoeken. Een prettig weerzien met Vrouw Holle en Het tinnen soldaatje. "Dit is ook supererg, he", zegt dochter van vijf opeens out of the blue, terwijl ze mij onderzoekend opneemt en van rechts naar links traag een vinger over haar keel laat glijden. Ergens, in een van de talrijke films en series op televisie, moet zij iets te veel gezien hebben. "Dat zouden ze wel durven doen hebben, he, in de middeleeuwen ?" informeert ze bijna opgewekt. "Ja", geef ik toe. "Dat zouden ze toen nog wel eens durven doen hebben." En ik tast al naar woorden om haar de Gazastrook en Goma uit te leggen. jp.mulders@skynet.be Jean-Paul Mulders