Aaaaaaaaaaargh ! Die vervloekte printer loopt vast, net nu je nog snel dat document wou afdrukken. Ongeduldig begin je te tokkelen op je klavier, en molesteer je de aan- en uitknop van je inkjet. Intussen staat datzelfde document al vier keer in de afdrukwachtrij. Eén voor één tracht je die printopdrachten te deleten, maar ook dat werkt niet. Of toch niet snel genoeg. De printer dan maar handmatig opengooien en wat frunniken aan die inktpatronen, zeker ? Zonder resultaat. Tijd voor de grove middelen, want je geduld en tijd raken op. Alles afsluiten en gewoon het document opnieuw openen om het af te drukken, dat lijkt zowat de veiligste optie. Maar net als je het bestand wil saven, loopt je computer vast door je overload aan hyperkinetische commando's. Meteen ben je die tekst kwijt. Niet gesaved. Stress. De verwensingen aan het adres van je computer annex printer zijn niet koosjer. Nog net kun je jezelf bedwingen de beide apparaten te lijf te gaan. Je denkt : had ik dat document maar op een ouderwetse typemachine gemaakt. Dat was tenminste een klavier en printer in één.
...

Aaaaaaaaaaargh ! Die vervloekte printer loopt vast, net nu je nog snel dat document wou afdrukken. Ongeduldig begin je te tokkelen op je klavier, en molesteer je de aan- en uitknop van je inkjet. Intussen staat datzelfde document al vier keer in de afdrukwachtrij. Eén voor één tracht je die printopdrachten te deleten, maar ook dat werkt niet. Of toch niet snel genoeg. De printer dan maar handmatig opengooien en wat frunniken aan die inktpatronen, zeker ? Zonder resultaat. Tijd voor de grove middelen, want je geduld en tijd raken op. Alles afsluiten en gewoon het document opnieuw openen om het af te drukken, dat lijkt zowat de veiligste optie. Maar net als je het bestand wil saven, loopt je computer vast door je overload aan hyperkinetische commando's. Meteen ben je die tekst kwijt. Niet gesaved. Stress. De verwensingen aan het adres van je computer annex printer zijn niet koosjer. Nog net kun je jezelf bedwingen de beide apparaten te lijf te gaan. Je denkt : had ik dat document maar op een ouderwetse typemachine gemaakt. Dat was tenminste een klavier en printer in één. Nog een paar stresssituaties : Je internetverbinding valt net uit wanneer je op de valreep een ultiem bod wou doen op eBay. 's Morgens merk je dat je gsm-batterij plat is. Er is helaas geen adapter bij de hand, dus blijf je de hele dag onbereikbaar. En vooral op je ongemak. Herkenbare taferelen ? Helaas wel voor veel mensen. De nervositeit die hightechtoestellen of software opwekken als ze niet werken zoals gewenst, is een van de drie vormen van technostress. Officieel is dat de verzamelnaam voor alle "negatieve gevolgen van moderne informatietechnologie voor het psychosociale functioneren van mensen". Schrijfster Annelies Verbeke kan erover meespreken. In De Morgen vertelt ze hoe haar dictafoon koppig de dienstplicht weigerde, net toen ze een interview met haar lievelingszanger wou tapen. Typisch. Zo'n opnameapparatuur dient alleen maar om je het leven gemakkelijker te maken : je hoeft niet te noteren tijdens een vraaggesprek, want het is nu eenmaal fijner te praten tegen een persoon dan tegen een blocnote. Maar net op dat cruciale moment laat de technologie je in de steek. Op deze vorm van technostress zijn twee reacties mogelijk : ofwel wind je je er geweldig over op en heb je zin om het apparaat tegen de grond te kwakken. Ofwel besef je hoe ongelooflijk afhankelijk je bent geworden van de technologie. Tiany Kiriloff, presentatrice van Alive. Style op JimTV, ondervond dat laatste aan den lijve : "Mijn palmtop is mijn agenda", vertelde ze. "Toen hij een tijdje defect was, liep alles in het honderd. Ik heb een heel aantal afspraken gemist, waaronder zelfs het trouwfeest van een vriendin." Ook een laptop noemt ze onmisbaar in haar drukke leven. "Toch laat ik hem thuis als ik op reis ga." Heus niet iedereen zweert communicatiemedia af op vakantie. Integendeel, steeds vaker pakken reisbestemmingen of vakantieparken uit met hun draadloze internetfaciliteiten. Als het van de touroperators afhangt, wordt 'aan het strand liggen en intussen wat e-mails beantwoorden' de gewoonste zaak van de wereld. Niet aan het strand, maar op retraite in een boeddhistisch klooster ervoer Weekend Knack-columnist Jean-Paul Mulders eveneens technostress. Na een paar dagen afzondering - zonder gsm of internet - kon hij het verlangen om zijn e-mails of sms'jes te lezen nauwelijks nog onderdrukken. Hoe komt het toch dat mensen zich 'naakt' voelen als ze het plots zonder mobiele telefoon of e-mail moeten stellen ? "Sms, gsm en e-mail zijn bliksemsnelle media. Je boodschap komt aan luttele seconden nadat je ze verzonden hebt. Logisch dat je even snel per kerende een antwoord verwacht," aldus socioloog Patrick Legeron. "Met andere woorden : de boodschap eist de onmiddellijke aandacht op van de ontvanger. En het is die permanente staat van paraatheid die stress veroorzaakt. Als je die media niet bij de hand hebt, heb je constant het gevoel dringende berichten te missen." Nogal ironisch : communicatiemiddelen dienen om het leven efficiënter te maken, maar vaak zijn ze de bron van technostress omdat we ze te veel tegelijkertijd gebruiken. Multitasking heet dat fenomeen. Een voorbeeld : terwijl je op kantoor een document aan het doornemen bent, neem je de telefoon op, noteer je iets op een papiertje en hou je met een half oog je binnenkomende e-mails in de gaten. "Zo'n werkmethode geeft de indruk dat je veel opdrachten tegelijk kan vervullen, maar in feite daalt je productiviteit en verhoogt je stress," zegt de Amerikaanse professor psychologie Larry Rosen. "Een computer kan gelijktijdig verschillende taken afwerken, maar een mens pakt ze beter één voor één aan. Dat zal een sneller en beter resultaat opleveren." Technostress heeft in zijn oorspronkelijke betekenis echter niks met afhankelijkheid te maken. Het begrip slaat in eerste instantie op de onmacht en het onvermogen om met nieuwe technologie om te gaan. Het fenomeen werd voor het eerst vastgesteld toen computers in kantoren massaal hun intrede deden. Veel personeelsleden konden niet goed overweg met de nieuwe programma's en toepassingen, of voelden zich gepasseerd door de technologie. Intussen zijn computers voor de meesten gemeengoed geworden, maar technostress manifesteert zich nu rond de nieuwere hightech toepassingen. "Het menselijke brein evolueert niet even snel als de technologie", weet psychiater Patrick Legeron. Anders gezegd : We kunnen nauwelijks nog volgen welke snufjes er op de markt komen, of wat er tegenwoordig technisch allemaal mogelijk is. We hebben het gevoel 'niet meer mee te zijn'. Een houvast zoeken is een logisch gevolg van dat machteloze gevoel. Voor de meeste mensen dient een gsm bijvoorbeeld enkel om te bellen en te sms'en. Maar in de vuistdikke handleiding bij het toestel staan wel vijftig andere functies waar je eigenlijk niet om vraagt. Leuk voor die paar techneuten die weleens mobiel surfen of foto's doorsturen. Maar verwarrend en stresserend voor diegene die al lang tevreden zijn als ze berichten kunnen lezen en sturen, of in het beste geval iemand uit hun adresboek kunnen opbellen. Voor wie ermee kan werken, lijkt het ondenkbaar, maar ook e-mail zorgt nog altijd voor veel technostress. Zelf maakte ik nog mee hoe mijn vader vroeger www.mijnnaam@hotmail.com als internetadres intikte om in zijn mailbox te geraken. Dat maakte hem behoorlijk nerveus, want "het werkte niet en het was de schuld van het machien". Zoals vele computeranalfabeten snapte hij aanvankelijk ook niet dat je een mailbox altijd en overal kon checken. "Hoezo, je kunt ons e-mailen als we op reis zijn ? En hoe kan Hotmail dan weten waar we zijn ?" vroeg hij zich toen hardop af. Hij behoort tot de groep mensen die niet met computers zijn opgegroeid, en die een tijdje nodig gehad hebben om eraan gewend aan te raken. De beginnersfouten maakt hij nu niet meer, maar erg relaxed zie ik hem vooralsnog niet aan zijn pc zitten. Je kunt het evenmin relaxend noemen, als je op maandagmorgen op kantoor 58 ongelezen e-mails in je inbox aantreft. En tegen de tijd dat je ze allemaal snel doorgenomen hebt, zijn er alweer nieuwe binnengelopen. Die informatieoverbelasting is na 'afhankelijkheid' en 'machteloosheid' meteen de derde vorm van technostress. Wie laatst nog solliciteerde, zal het beamen : in steeds meer selectieprocedures wordt getest of je gemakkelijk op korte tijd veel informatie kunt verwerken. Niet toevallig, want een bureaujob betekent doorgaans leren omgaan met een overload aan papers, rapporten, verslagen, maar vooral e-mails. Kaderpersoneel ontvangt gemiddeld 150 e-mails per dag, zo blijkt uit onderzoek. Bedienden zijn gemiddeld dertig procent van hun werktijd bezig met elektronische post af te handelen. Hoe kun je die immense datastroom de baas zonder gestrest te geraken ? "Door niet constant je mails te willen lezen en door onbelangrijke of behandelde e-berichten onmiddellijk te deleten," stelt professor Larry Rosen voor. Hij is coauteur van de bestseller TechnoStress : Coping With Technology @work @home @play. "Door hiërarchie in je mailbox te steken," oppert Jean-Louis Muller van het consultingbureau Cegos. "In mijn inbox staan de belangrijkste berichten in het rood, die waar ik unieke ontvanger van ben in het blauw en die waarbij ik enkel in kopie sta in het zwart. Als ik het druk heb, behandel ik alleen de rode." Rosen en Muller lossen hun technostress allebei passief op, vanuit het standpunt van de ontvanger. Maar een iets grondiger aanpak van de informatiestroom begint bij de zender. Verschillende stressexperts houden het bij deze gouden regel : "Vraag je steeds af of e-mail wel het geknipte medium is om je boodschap over te brengen." Discussiëren via e-mail is bijvoorbeeld een slecht idee, want dat genereert maillawines genre 'Re : re : re : re :' Consequent grappen of filmpjes naar al je collega's op kantoor forwarden, verstrooit hen te veel. E-mail gebruiken om gevoelige zaken te bespreken, terwijl je je oversten in blinde kopie (BCC) laat meelezen, is eveneens verfoeilijk. E-mail mag ook geen excuus zijn om een probleem te verwoorden waar je onder vier ogen niet durft over praten. Want bedrijven waar e-mail zowat de enige vorm van communicatie is, zijn sociaal gestoord. Maar misschien lost de informatie-overload zich wel vanzelf op. Verschillende experts voorspellen immers dat de populariteit van e-mail in de toekomst zal dalen. Het vertrouwen van de internetgebruikers zou geschaad zijn door de miljoenen spamberichten die dagelijks verstuurd worden. Een enorm probleem, dat overigens steeds criminelere proporties aanneemt. Alleen al de Amerikaanse internetprovider AOL onderschept dagelijks 780 miljoen malafide e-mails. Dat zijn er honderd miljoen meer dan het aantal betrouwbare berichten die wél via hen hun bestemming bereiken. Maar zelfs als e-mail door spam en groeiend wantrouwen plots in onbruik zou geraken, dan nog hoeven mailverslaafden niet te vrezen voor dode momenten. Time Inc. heeft immers zopas de website www.officepirates.com gelanceerd, speciaal voor bedienden die zich vervelen op het werk. Wie nu denkt : die site moet ik onmiddellijk forwarden naar al mijn collega's, en ik ga mijn bazen in kopie zetten, heeft het niet goed begrepen. www.technostress.com Door Thijs Demeulemeester / Illustratie Jean-Michel Meyers