De zon ligt als snoepgoed over de lanen en ik voel een vage euforie, het gevolg van weer een vliegreis die ik overleefd heb, wat ik nog altijd wonderlijk vind, hoewel ik weet dat vliegen technisch gesproken zeer veilig is en ik nooit euforie voel omdat ik bijvoorbeeld heelhuids het zebrapad ben overgeraakt of mijn populaire krant heb uitgelezen, wat gevaarlijker is. "Eerste vat dat hij zelf verving werd zijn dood", verneem je daar, naast tal van andere verhalen over cafébazen & spannende personen.
...

De zon ligt als snoepgoed over de lanen en ik voel een vage euforie, het gevolg van weer een vliegreis die ik overleefd heb, wat ik nog altijd wonderlijk vind, hoewel ik weet dat vliegen technisch gesproken zeer veilig is en ik nooit euforie voel omdat ik bijvoorbeeld heelhuids het zebrapad ben overgeraakt of mijn populaire krant heb uitgelezen, wat gevaarlijker is. "Eerste vat dat hij zelf verving werd zijn dood", verneem je daar, naast tal van andere verhalen over cafébazen & spannende personen. Ik zit op het terras van de beste pizzeria ter wereld, die bevindt zich toevallig in Gent, en ik drink als aperitief een bruin bocht dat van artisjokken gemaakt is en goed schijnt te zijn voor de lever, iets wat ik betwijfel omdat het te gemakkelijk zou zijn, alcohol bij wijze van medicijn. Het doet mij aan mijn grootvader denken, die toen hij terminale k had op doktersvoorschrift dagelijks twee glazen champagne moest drinken - zelf noemde hij die schnaps. Of die schnaps zijn leven een seconde verlengd heeft, durf ik alweer te betwijfelen maar ik vind het briljant gevonden, dat medicament, en ik ben er die dokter nog dankbaar voor. Hij heette Jaak, al heeft dat verder niet veel belang. Maar laat ik het niet over terminale k hebben. Laten we doen alsof zulke dingen niet bestaan want het licht is vandaag prachtig en de meisjes zijn mooi, men zou zich afvragen waar ze vandaan blijven komen. In voorsteden en achterbuurten moeten echt wel mooiemeisjesfabrieken staan, zorgvuldig afgeschermd voor pottenkijkers. Overdreven romantisch moeten wij ons dat ook weer niet voorstellen. In de raden van bestuur van de mooiemeisjesconcerns zetelen ongetwijfeld gestelde lichamen à la Geert Versnick en Jean-Luc Dehaene, zoals in elke koekjesfabriek van dit land. Uiteindelijk zijn mooiemeisjesfabrieken ook maar kapitalistische ondernemingen, gerund volgens principes van modern management. Ik geloof dat ik wat last heb van de warmte, ik heb daar vlug last van zoals ook van de muggen en voorts van alles dat té is, of het nu te warm of te luid of te ver is of te sappig. Ik ben een man van het gemiddelde, van het gezond verstand, die met wantrouwen kijkt naar records en excessen. Ik ben te saai voor exuberanties - en wie dat niet gelooft, vertel ik iets anders. De Monte Vesuvio die ik besteld heb, wordt zwierig op de tafel gezet. Behalve een volledig intact spiegelei tref ik er pikante worst op aan, vandaar waarschijnlijk de wat hoog gegrepen naam die verwijst naar vuurspuwende bergen. Aan de tafel naast mij zit een zwarte man die lijkt op wat je zou verkrijgen mocht je Kofi Annan en Bill Cosby in photoshop mengen. Hij heeft een expressief gezicht en zingt in foutloos Nederlands een lofzang op de zomer, met grappig accent. "Ik word ouder", zegt hij. "In de winter zie ik hier af. Mijn vingers worden paars en ik krijg zukke dikke tenen van de kou." Bij het woord zukke toont hij de maat tussen duim en wijsvinger, die ik vanuit mijn positie helaas niet kan zien, zodat de precieze dikte van 's mans wintertenen wel altijd een raadsel zal blijven voor mij. Er zijn onbestemdheden waarmee je moet leren leven. De zon brandt en ik zoek dekking achter een zuil, in de schaduw die mij past, behoedzaam als ik ben en op mijn hoede voor alles, van omvallende boekenkasten tot kaarsen die 's nachts blijven branden en wat verder niet nog allemaal, behalve de écht gevaarlijke dingen want daarvoor ben ik niet bang. "Ik vind het leven maar een stoem conceptje", zucht een vrouw naast mij onverwacht, als slotsom van een verhaal dat ze heeft afgestoken en waarin kommer & kwel ongetwijfeld de boventoon voerden. Ik heb dat niet gehoord, in gedachten verzonken als ik was. De wereld zit vol verrassende uitspraken voor wie ze van tussen het geblaat weet te pulken. Een stom conceptje. Dat vind ik schoon gezegd. Zou je ook zo over het leven denken als je die enige overlevende van een neergestorte Airbus bent ? Hoewel het er te warm voor is, bestel ik een limoncello. Nog altijd vaaglijk euforisch. Reacties : jp.mulders@skynet.be Jean-Paul Mulders