Op een bloedhete dag, op weg naar het zuiden, voel ik het leven uit mij wegvloeien en stuur ik wanhopige sms-berichten naar vriendinnen: "Help! De airco in de TGV is kapot: bijna 50°. Vrees dat ik de eindbestemming niet haal." Gestuwd door vrouwelijke solidariteit schieten mijn vriendinnen in actie.
...

Op een bloedhete dag, op weg naar het zuiden, voel ik het leven uit mij wegvloeien en stuur ik wanhopige sms-berichten naar vriendinnen: "Help! De airco in de TGV is kapot: bijna 50°. Vrees dat ik de eindbestemming niet haal." Gestuwd door vrouwelijke solidariteit schieten mijn vriendinnen in actie. "Komaan, maak in het toilet je zakdoeken nat en leg ze op je slagaders." - "Denk aan een duik in een diepblauw meer, aan de koelruimte in een slagerij, aan kamperen op grote hoogte, aan sneeuwballen in je hals, aan winterhanden onder je trui." - "Je mag nu niet doodgaan. Je zou mij te erg missen." - "Schrijf nog snel een stukje over 'Doodgaan in de TGV'. Of bezin je over deze vraag: wat kan je absoluut niet verdragen bij een man?" Deze laatste filosofische kwestie sms ik, bij wijze van overlevingsstrategie, opnieuw naar enkele vriendinnen door. Hun prompte antwoorden zijn even wijs als leerrijk. "Een man die mij kritiekloos aanbidt." - "Dat hij in gezelschap winden laat." - "Als hij liegt en/of melig is." Enkele banken verderop wordt een zwaarlijvige dame onwel en zakt bewusteloos onderuit. De conducteur wordt erbij gehaald, schiet in actie, doet wat hij kan, maar krijgt niettemin frustratie en agressie over zich heen. Vriendelijk en geduldig ondergaat hij zijn lot, laat flessen gekoeld water aanrukken en belooft om elders in de trein vrije plaatsen te zoeken voor " les personnes agées et les parents avec jeunes enfants". Heel even kijken mijn buurman (een knappe kerel, midden dertig) en ik elkaar aan, ons pijnlijk bewust van het feit dat wij tot de ene noch tot de andere categorie behoren. Nieuwe sms-berichten brengen troost. "Dat hij witte sokken in sandalen draagt." - "Dat hij onverzorgde handen heeft." - "Dat ze zo'n groot gedacht hebben van zichzelf. Dat ze beweren dat ze een vrouw 35 keer kunnen doen klaarkomen... tot het erop aankomt." ( vervolg) "Kortom, het zijn stoefers." - "Stinkvoeten, betweterij, mopperen, met al te fluwelen pootjes vrijen." De man naast mij vraagt geïnteresseerd wat ik zo druk zit te schrijven en te sms'en. Ik probeer het hem uit te leggen en speel, bij wijze van voorbeeld, de sms-vraag aan hem door: wat kan u absoluut niet verdragen bij een vrouw? Van zijn stuk gebracht kijkt hij mij aan en legt me hakkelend uit dat niets, helemaal niets hem ergert aan een vrouw. Komaan, moedig ik hem vriendelijk aan, iedereen heeft toch wel kleine en grote ergernissen? "Je moet begrijpen dat ik als arts in het universitair ziekenhuis van Toulouse met ontzettend veel vrouwen - collega's, verpleegsters, patiënten, stagiaires - in aanraking kom en me dus niet kan permitteren me negatief over hen uit te laten. In mijn positie is een neutrale opstelling aangewezen." O jee, denk ik bij mezelf, wat ik bij mannen haat, is 'gebrek aan humor' en 'een dikke nek'. Maar ik blijf vriendelijk en geef hem enkele suggesties. Misschien houdt hij niet van vrouwen die roken, van vrouwen die dronken zijn? Zijn gezicht klaart op, maar nieuwe sms-berichten onderbreken onze conversatie. "O, dit is geen moeilijke vraag voor drie zussen." Zus één: "Dat hij aan zijn sokken ruikt alvorens ze in de wasmand te gooien." Zus twee: "Aanstellerij tijdens dronkenschap. Lelijk ondergoed." Zus drie: "Opmerkingen over vrouwen alsof het vleeshompen zijn. Snurken." - "Fysieke opdringerigheid, arrogantie en betweterigheid." - "Gele tanden. Parfum. Ochtendbiergeur." Intussen staat mijn buurman met zijn antwoord klaar. " Une femme qui fume", zegt hij triomfantelijk. Goed hoor, denk ik mismoedig, blij met het volgende sms-bericht. "Met woekerend neushaar en zonder fantasie, vol van zichzelf en leeg in zijn hoofd." - "Dat een man me slaat en in publiek vernedert, vind ik ook heel erg. Sorry, kon je niet sneller antwoorden." - "Mannen die op hun zak zitten zijn onuitstaanbaar." Haast gestoofd, maar nog levend ben ik, plots veel sneller dan verwacht, op mijn TGV-bestemming. Opgelucht graai ik mijn spullen bij elkaar en neem ik haastig afscheid van mijn buurman die nog snel mijn e-mailadres vraagt. De volgende dag stuurt hij mij dit bericht: "Voor het geval u in uw blad onze boeiende conversatie in de TGV ter sprake zou brengen. Gelieve mijn naam en functie duidelijk te vermelden en mij een exemplaar toe te sturen." Mannen!ANNEMIE STRUYF Tessa Vermeiren is met vakantie