Het verleden heeft het genoeg bewezen. De contouren van een nieuw decennium tekenen zich vaak pas halverwege af. In tegenstelling tot de vrouwelijke elegantie die nu steeds meer in opmars is, stond de millenniumwissel nog volop in het teken van porno chic en femme fatale, hersenspinsels ontsproten aan het brein van Tom Ford, de man die Gucci een tweede leven bezorgde. Een marketinggenie dat als geen ander de tijdgeest kon snuiven en zo zijn stempel drukte op de nineties. Toch had Ford ook zijn tegenstanders die hem verweten geen ontwerper dan wel een stylist te zijn. Met eerder de nadruk op visuele effecten dan wel op snit, proporties en kleermakerskunst. In die betekenis kan men het afgelopen modedecennium dus wel omschrijven als het tijdperk van de stylisten.
...

Het verleden heeft het genoeg bewezen. De contouren van een nieuw decennium tekenen zich vaak pas halverwege af. In tegenstelling tot de vrouwelijke elegantie die nu steeds meer in opmars is, stond de millenniumwissel nog volop in het teken van porno chic en femme fatale, hersenspinsels ontsproten aan het brein van Tom Ford, de man die Gucci een tweede leven bezorgde. Een marketinggenie dat als geen ander de tijdgeest kon snuiven en zo zijn stempel drukte op de nineties. Toch had Ford ook zijn tegenstanders die hem verweten geen ontwerper dan wel een stylist te zijn. Met eerder de nadruk op visuele effecten dan wel op snit, proporties en kleermakerskunst. In die betekenis kan men het afgelopen modedecennium dus wel omschrijven als het tijdperk van de stylisten. Maar daar blijkt nu verandering in te komen. De achillespees van deze stylistenheerschappij is immers pijnlijk duidelijk geworden. Want wie is er beter in kopiëren dan warenhuisketens als Zara en H&M ? De crisis heeft de luxesector terug tot de essentie gebracht : kleding an sich. De winnaars van de afgelopen modeweken waren dan ook de ontwerpers pure sang. Zoals Nicolas Ghesquière die voor zijn wintercollectie inspiratie putte uit de archieven van zijn voorganger, de meesterlijke Balenciaga. Ghesquières slank gesneden jassen verraadden dan ook de hand van een vakman. Andere blikvanger was Yohji Yamamoto. Zijn vormstudie resulteerde in een intrigerend defilé vol contrasten : een lange fuchsia mantel met volumineuze strikken versus een strenge militaire jas, zwart versus kleurexplosie en flinterdun chiffon versus warme wol. Veronique Branquinho ging nog een stapje verder in het purisme door haar collectie volledig zwart te kleuren. Haar enige expressiemiddel : ingenieuze coupes en materialen. Op het eerste gezicht eentonig, maar van nabij een van haar sterkste collecties ooit ! En Branquinho was niet de enige Belg die hoge ogen gooide in Parijs. Dries Van Noten en Ann Demeulemeester goochelden met volumes, zonder daarbij afbreuk te doen aan hun identiteit. Olivier Theyskens wist na enkele seizoenen status-quo opnieuw te verrassen en verving de voor Rochas zo typische kant door cascades van mohair op lange Edwardiaanse rokken. Wat resulteerde in sprookjesachtige silhouetten voor adellijke theekransjes. Van hetzelfde couturegehalte was de collectie van Bruno Pieters, met dat verschil dat laatstgenoemde meer ten dienste staat van hardwerkende vrouwen anno 2005. Zo wisselde hij volumineuze rokken en mantelpakjes van brokaat af met parkamantels en elegante hogetaillemantels. Bij het zien van al dat moois kon ondergetekende haar anders zo professioneel onderdrukte koopwoede haast niet bedwingen. Als Bruno Pieters hetzelfde effect heeft op mijn generatiegenoten, en de reacties van aanwezige collega's bevestigen dat, wacht deze jonge ontwerper een gouden toekomst. Idem dito voor Tim Van Steenbergen, die zich liet inspireren door de 19de-eeuwse fotografe Julia Margaret Cameron. Aangezien modellen in die tijd nog niet door de sociale mores werden gedoogd, concentreerde ze zich op mensen uit haar omgeving. Van Steenbergen deed iets gelijkaardigs, met als resultaat dat uw trouwe dienaar haar catwalkdebuut maakte, samen met anderen die ooit iets betekend hadden in de nog prille loopbaan van de jonge Belg. Ondanks onze schuchtere stappen in de spotlights waren de commentaren van de internationale pers lovend. Modegoeroe Suzy Menkes bejubelde in de International Herald Tribune vooral het idee om "mode opnieuw in contact te brengen met haar publiek, in tegenstelling tot de celebrity cultuur". Een begrijpelijke reactie als je weet dat Menkes op dat moment al een week New York achter de kiezen had. De grote-appelstad blijkt immers nog steeds in de ban van pin-upzangeresjes en filmslonzen. Zo zou Beyoncé Knowles zijn uitgejouwd door het publiek toen ze anderhalf uur te laat verscheen op het defilé van Marc Jacobs. Achteraf bleek het arme schaap niet verantwoordelijk voor de vertraging, maar het debuut van Jennifer Lopez als designer tijdens de New York Fashion Week deed in de Amerikaanse pers wel de vraag rijzen "of de celebrity hype de overhand zal krijgen op vakmanschap, talent en wat ooit bekend stond als visie". Volgens The Independent Review "klampen sommigen zich vast aan de hoop dat de consument het op een dag beu zal worden, de kleine topjes en strakke jeans, de oversized sweatshirts van oversized ego's. En in de plaats daarvan op zoek zal gaan naar meer substantie tussen de naden". In Milaan geloven ze dat die dag er al is. De Italiaanse modehuizen werkten zich letterlijk en figuurlijk uit de naad om de hoge prijzen van hun designercollecties te verantwoorden. Vergeet de prullerige corsages en plastic accessoires in de vorm van ananassen die deze zomer nog trendy zijn. Want komende winter staat in het teken van degelijke, elegante en draagbare mode met de nadruk op dure details en materialen. Zoals Donatella Versace verklaarde in een Amerikaans vakblad : "Als je met China wil concurreren, moet je uitmunten, iets speciaals brengen". Of hoe de luxesector zich wanhopig tracht te onderscheiden van de kopiërende massaketens, en zo de consument ervan wil overtuigen dat mode een investering kan zijn op lange termijn. Dat tijdloosheid soms ook saaiheid met zich meebrengt, zal de prijsbewuste koopjesjager immers worst wezen. Het zakelijke instinct van Armani heeft dat altijd geweten. Op de catwalk passeerden naar goede gewoonte alle mogelijke variaties op het perfect geknipte blazerjasje. Max Mara nam ook geen risico's en bleef trouw aan haar corebusiness : vakkundig gesneden mantels, dit seizoen hoofdzakelijk gebracht in zwart, wit of beide. En om het exclusief te maken vaak voorzien van een streepje bont. Hele pelsbeesten dan weer bij Dolce & Gabbana. Ethische bezwaren buiten beschouwing gelaten, is het in crisistijden een wijze beslissing om de blauwdruk van een merk te respecteren. In het geval van Dolce en Gabbana betekent dat 'over the top'. Minder flamboyant maar eveneens trouw aan zichzelf borduurde Burberry verder op het Britse buitenleven aan de hand van klassieke materialen als fluweel en tweed. Bij Trend Les Copains probeerde Antonio Maras een gelijkaardige country look, weliswaar met een Italiaanse touch door toevoeging van heel wat glitters en bloemen. Geen frullen bij Dirk Bikkembergs. Zijn credo luidt nog steeds : sport en voetballers. Met medailles en linten slaagt hij erin nieuwe stijlkenmerken naadloos te integreren in een voor hem zo typerende collectie. Een knap staaltje van innoverende merchandising in harmonie met het uitgebouwde imago. Maar te veel navelstaren is ook niet goed. Alessandra Facchinetti slaagt er maar niet in een eigen stem te vinden en blijft ondanks een verdienstelijke volumestudie steken waar Tom Ford is weggegaan. Het is meteen ook haar laatste defilé voor Gucci, want twee weken later wordt haar vertrek bekendgemaakt. Ze zal opgevolgd worden door Frida Giannini, die net als Facchinetti behoorde tot het designteam van Ford en sinds zijn vertrek creatief directeur werd voor Gucci's accessoirecollectie. Benieuwd of zij er volgend seizoen wél in slaagt om het label een nieuwe wending te geven. Wie er in elk geval steeds in slaagt zichzelf her uit te vinden, is Miuccia Prada. De vrouw die vorige winter nog grasduinde in de rijkelijke decoratie van tsaristisch Rusland (nu een grote trend op de catwalks in New York) en een hype ontketende door robotjes en allerlei ander prullaria aan handtassen te hangen, keert terug naar de essentie en bewijst dat ze naast een trendsettend styliste ook een begenadigd ontwerpster is. Haar technisch vakmanschap komt tot uiting in slank gesneden jasjes die uitmunten in soberheid. Enkel een paar opzichtige naden en borduursels van wol leiden de aandacht af van meesterlijke belijningen. Miuccia Prada herbevestigt daarmee haar rol als leading lady van Milaan. De enige die haar dit seizoen van de troon had kunnen stoten, heeft de stad verlaten. Voor de tweede keer op rij ligt Jil Sander in de clinch met, ironie o ironie, mijnheer en mevrouw Prada (de eigenaars van het modehuis Jil Sander). En zij is niet de enige. Enkele weken geleden verliet ook Helmut Lang de Prada-groep met slaande deuren. Jammer, want het purisme van deze misnoegde ontwerpers sluit perfect aan bij de nieuwe tijdgeest. Vraag is wat er met hun labels zal gebeuren zonder de sterke hand van een visionair ontwerper. Valentino worstelt met hetzelfde probleem. De 74-jarige sheikh of chic heeft in Parijs voor de eerste keer toegegeven dat hij aan pensioen denkt. En dus ook aan zijn opvolging. Bij Givenchy weten ze ondertussen dat het modetalent niet voor het grijpen ligt. Na het fiasco met de Brit Julian McDonald was het bijna een jaar stil rond het luxelabel. Om uiteindelijk tijdens de modeweken diens opvolger bekend te maken : Riccardo Tisci. Bij het grote publiek zal zijn naam onbekend in de oren klinken. Hetzelfde geldt trouwens voor Roberto Menichitti, die bij Celine de flamboyante Michael Kors opvolgde, en Stefano Pilati, die bij Yves Saint Laurent de onmogelijke taak kreeg om de legendarische Tom Ford te evenaren. Sinds laatstgenoemde van het modetoneel verdween, spelen steeds meer luxelabels op veilig door te kiezen voor low profile ontwerpers die gemakkelijk vervangbaar zijn. Laatste nieuwkomer in de rij van illustere onbekenden is Vincent Darrédie met A-lijnjasjes uit de sixties en gedrapeerde jerseyjurken - twee grote trends voor komend seizoen - een geslaagd debuut maakte bij Ungaro. Maar of dat volstaat om het modehuis terug hot te maken ? Immers, in de huidige celebrity-cultuur zwaaien de ontwerpers met internationale naambekendheid nog steeds de plak. Ze hoeven daarvoor zelfs niet vernieuwend uit de hoek te komen. Zo blijft de mediagenieke Karl Lagerfeld ongehinderd voortborduren op de nalatenschap van Coco Chanel. Lees : zwart-witjurkjes, bouclé tailleurs en cc-logo's alom. Marc Jacobs pikt bij Louis Vuitton dan weer de folkloristische draad op waar Miuccia Prada hem vorige winter had laten steken. Net zoals Gaultier, die bij Hermès als muzikale omlijsting koos voor de filmmuziek van Doctor Zhivago. Toch hield het Franse enfant terrible koppig vol dat zijn collectie niets te maken had met kozakken. Zijn Britse tegenhanger Alexander McQueen kwam er wel openlijk voor uit dat hij zich had laten inspireren door de film. Meer bepaald door de kapotgeïmiteerde heldinnen van Hitchcock. Het moet iets typisch Brits zijn, die fascinatie voor het witte doek. Zijn landgenoot John Galliano verscheen immers als een onvervalste Howard Hughes op de catwalk van Dior. Dat hij zich had laten inspireren door The Aviator was wel duidelijk door de talloze vliegeniersjassen en pilotenlaarzen die bizar genoeg zij aan zij defileerden met mohair jurken à la Edie Sedgwick, een Mod-icoon uit de sixties. Deze collectie kon dan ook niet iedereen overtuigen. Met metershoge pruiken, een overdosis make-up en een excentrieke styling maakte de flamboyante ontwerper van Dior een symbool van de nineties. Nu de tijdgeest dergelijke showbizzkunsten niet meer verdraagt, is het maar de vraag of de Galliano's van deze wereld hun positie kunnen handhaven in het verdere verloop van de naughties. n Tekst Pascale BaeldenVergeet de prullerige accessoires die deze zomer nog trendy zijn. De komende winter staat in het teken van elegante en draagbare mode met de nadruk op dure details. De luxesector tracht zich wanhopig te onderscheiden van de kopiërende massaketens, en wil de consument ervan overtuigen dat mode een investering kan zijn op lange termijn. In de huidige celebrity-cultuur zwaaien de ontwerpers met internationale naambekendheid nog steeds de plak. Ze hoeven daarvoor zelfs niet vernieuwend uit de hoek te komen.