De kerktoren van Combloux is het hoogste gebouw van het dorp. Dat zegt veel. Geen hoogbouw, geen beton, maar traditionele chalets en boerderijen van hout en steen. Veel ervan zijn nog in gebruik en soms twee- tot driehonderd jaar oud. Dat kun je aflezen aan de typische contrefiche, een steunbalk in de gevel waarin de naam van de eigenaar, de bouwdatum of religieuze symbolen zijn ingekerfd. Herkenbaar zijn ze aan de beurne, de monumentale piramideschouw waarin vleeswaren werden gerookt. In de Ferme à Isidore (1832), die met gids te bezichtigen is, is die schouw niet minder dan 8,50 meter hoog. De immense, intact bewaarde boerderij, die destijds verscheidene generaties en hun veestapel herbergde, werd nog tot in 2002 bewoond door Isidore en zijn zus Carmen. Leuke anekdote : nadat hij zijn boerderij verkocht had, ging de bejaarde man de bloemetjes buitenzetten in een chique buurt in Parijs. De uitspatting was echter van korte duur, nu woont hij opnieuw in zijn geboortestreek. Ongelijk kun je hem niet geven. Want het gebied is mooi.
...

De kerktoren van Combloux is het hoogste gebouw van het dorp. Dat zegt veel. Geen hoogbouw, geen beton, maar traditionele chalets en boerderijen van hout en steen. Veel ervan zijn nog in gebruik en soms twee- tot driehonderd jaar oud. Dat kun je aflezen aan de typische contrefiche, een steunbalk in de gevel waarin de naam van de eigenaar, de bouwdatum of religieuze symbolen zijn ingekerfd. Herkenbaar zijn ze aan de beurne, de monumentale piramideschouw waarin vleeswaren werden gerookt. In de Ferme à Isidore (1832), die met gids te bezichtigen is, is die schouw niet minder dan 8,50 meter hoog. De immense, intact bewaarde boerderij, die destijds verscheidene generaties en hun veestapel herbergde, werd nog tot in 2002 bewoond door Isidore en zijn zus Carmen. Leuke anekdote : nadat hij zijn boerderij verkocht had, ging de bejaarde man de bloemetjes buitenzetten in een chique buurt in Parijs. De uitspatting was echter van korte duur, nu woont hij opnieuw in zijn geboortestreek. Ongelijk kun je hem niet geven. Want het gebied is mooi. Combloux ligt op een hoogte van duizend meter boven het gletsjerdal van de Arve en vormt door zijn ligging een belvedère met schitterende uitkijk op de Fizbergketen, de keten van de Aravis en op het massief van de Mont Blanc. Niet voor niets noemde Victor Hugo het ooit " La perle du Mont Blanc". Begin vorige eeuw al trok het dorp, dat op de oude Alpenroute ligt, de weg die Sallanches verbindt met Megève, gefortuneerde bergliefhebbers aan die er van de goede lucht en het schitterende panorama kwamen genieten. Getuige daarvan het meest imposante gebouw van het dorp : het Palace du PLM, dat in 1912 als het Grand Hôtel du Mont Blanc opgetrokken werd door een rijke Zwitser en in 1923 door de Société PLM (Paris-Lyon-Méditerranée) uitgebreid werd tot tweehonderd luxekamers. Het was bekend om zijn geraffineerde keuken en sportieve infrastructuur met golf, tennis, schaatsbaan en vanaf 1936 een skilift. In de jaren vijftig werd het omgebouwd tot luxeappartementen. De naam Combloux zou een verbastering zijn van het Latijn cumba lupis tot combe aux loups. Wolven zijn er al lang niet meer - de laatste werd gevangen eind negentiende eeuw - maar de sfeer van vroeger, het uitstekend bewaarde patrimonium, het panorama en de prima infrastructuur maakt Combloux heel aantrekkelijk. Vooral voor gezinnen met kinderen en voor wie snakt naar rust en natuur. Jonge snelheidsduivels op de ski's trekken liever naar Chamonix dat op zo'n 30 kilometer ligt. Toch biedt het skigebied van Combloux, dat aansluit op dat van Megève, samen 445 kilometer pistes in alle categorieën, van groen tot zwart. Er zijn brede, zalig wegskiënde boulevards, maar ook avontuurlijke pistes die tussen de bomen slingeren helemaal tot beneden in de vallei. Door de ligging aan de voet van de Mont Blanc geniet de streek van een microklimaat dat meestal al vrij snel in het najaar voor een mooie sneeuwlaag zorgt. Zoals in alle skigebieden tegenwoordig, worden ook hier de randonnées, wandelingen op sneeuwraketten, steeds populairder. Zelfs fervente skiërs - er zijn er meer en meer die er één of meer dagen voor uittrekken - worden overrompeld door de stilte en door de schoonheid van plaatsen die je te voet of met de ski's niet kunt bereiken. Met een beetje geluk zie je een gems of een vos. Her en der bots je in the middle of no-where op kapelletjes in rijke barokstijl, met veel lichtblauw, wit en goud. Ze waren voor de arme streekbewoners een 'voorbode van de hemel' en een plek om dank te betuigen of genezing af te smeken. Typisch voor Combloux is dat ze gemaakt zijn van graniet, een overblijfsel van de gletsjers van de Mont Blanc uit de ijstijd. Combloux telt heel wat gezellige restaurants, waaronder La Ferme, dat meer dan honderd jaar geleden werd opgetrokken als dorpscabaret tegenover de kerk. Je kunt er proeven van streekspecialiteiten zoals de pâté savoyard of de farcement (ovenschotel met aardappel, eieren en gedroogde pruimen), een tartiflette en uiteraard van de alom geserveerde kaasfondue. Wie even genoeg heeft van het rustieke en het in Combloux wat té rustig vindt, kan voor vertier en mooie winkels terecht in het vlakbij gelegen Megève (4 km). Verrassend genoeg heerst ook hier, ondanks de renommée als mondain oord, nog een echte dorpssfeer. De oude houten hotels met balkonnetjes en de exclusieve winkels op de place de l'Eglise zijn feeëriek verlicht en de schattige, oude koetsjes met paarden die op het plein op een lading toeristen wachten maken het geheel schilderachtig ouderwets. Toch geven de etalages (en de geafficheerde prijzen !) van de winkels aan dat je hier niet in een boerendorp zit. Wil je niet uit de toon vallen tussen de chique winkelende dames dan kun je stiekem per dag een bontjas huren bij de fameuze winkel van A. Allard, de uitvinder van le fuseau, de eerste 'officiële' skibroek, in 1929 ! Niet ver hiervandaan, op 34 kilometer maar dan wel aan de andere kant van het Massif des Aravis, ligt nog zo'n authentiek skicentrum. Doordat het niet of nauwelijks door touroperators wordt geprogrammeerd, is het prachtige gebied van de Aravis tot nu toe ontsnapt aan het massatoerisme. De vier skidorpen La Clusaz, Le Grand Bornand, Manigod en Saint-Jean-de-Sixt gaan geweldig prat op het typische Savooiaardse karakter dat zij hebben bewaard. Dat zij niet minder dan acht wereldkampioenen in verschillende skidisciplines - onder wie Guy Périllat, Catherine Lombard, Régine Cavagnoud en Vincent Vittoz - hebben voortgebracht, is niet de minste van hun trots. Le Grand Bornand, dat dateert uit de zeventiende eeuw, is de grootste agrarische gemeente van de Alpen. Rond de kerk is er elke woensdagvoormiddag een gezellige boerenmarkt waar streekproducten aan de man worden gebracht. Er is zelfs een aparte markt waar de reblochonkaas, dé specialiteit die je hier 's morgens, 's middags en 's avonds op het bord krijgt, wordt verhandeld. Het oude dorp is omringd door alpenweiden. Dat heeft tot niet onbelangrijk gevolg dat deze 's winters, als ze bedekt zijn met sneeuw, zacht glooiende en veilige pistes opleveren, zonder verraderlijke, onderliggende rotsen zoals dat bijvoorbeeld wel het geval is in de ruigere Trois Vallées. Het meest 'mondaine' van de vier dorpen is La Clusaz. Al is ook dat relatief. Er zijn kronkelende straatjes met eeuwenoude huizen, winkeltjes, ontelbare restaurants en druk bezochte bars. De vertrekbasis naar de skipistes ligt midden in het dorp. Boven is het zicht bijwijlen adembenemend. Van op de hoogste pistes zie je nog net een topje van de Mont Blanc en bij goed weer kun je de nevel zien hangen boven het meer van Annecy. Het uitgestrekte en zeer diverse skigebied van La Clusaz is verbonden met dat van het iets verderop gelegen kleine dorpje Manigod aan de voet van de Etale. Dat laatste, wat afgelegen domein - een pareltje van natuurpracht - is een geprivilegieerd oord voor wie in alle rust wil skiën, langlaufen of wandelen en genieten van de ongerepte omgeving. Saint-Jean-de-Sixt ten slotte is een piepklein centrum geschikt voor beginners. Iedere winterreiziger komt aan zijn trekken. Wie uit is op een beetje avontuur en zich eventjes helemaal als een trapper in het hoge Noorden wil voelen, kan ook nog zelf een hondenslee leren besturen en de wijde natuur intrekken. Combloux en de Aravisdorpen liggen op 850 km van Brussel. Naar de luchthaven van Genève is het een goed uur rijden. Het station van Sallanches ligt op 12 km van Combloux, het TGV-station van het overigens zeer mooie, historische Annecy op 35 km van La Clusaz. Combloux Het skigebied van Combloux is verbonden met dat van Megève en omvat 445 km alpinepistes en 75 km langlaufpaden. Zesdagenforfait vanaf 162 euro. Extra troef in Combloux is het relaxatiecentrum van Plan Perret, met ecologisch waterproject. Het biedt sauna, hammam, jacuzzi en een uitstekende ayurvedische massageservice. Info : Office de Tourisme Combloux, +33 (0) 4 50 58 60 49, www.combloux.com Aravis Het skidomein van de Aravis omvat 220 km alpinepistes, 150 km langlauftraject en veel wandelpaden. Pendelbusjes verbinden de dorpen. La Clusaz en Le Grand Bornand, zijn volwaardige skistations voor alle niveaus. Het wat afgelegen Manigod is rustiger en ideaal voor families. Saint-Jean-de-Sixt telt 3 kleine pistes. Pasjes: van 16,50 euro / dag in Manigod tot 51,50 / 2 dagen in La Clusaz. Een forfait voor het hele gebied (57 euro / 2 dagen). Hondensledetochten : Husky Spirits, +33 (0)6 61 93 11 48. Info : Offices de Tourisme Le Grand Bornand, www. legrandbornand.com, +33 (0)4 50 02 78 00, La Clusaz, www.laclusaz.com, +33 (0) 4 50 32 65 00, Manigod, www.manigod.com, +33 (0)4 50 44 92 44, St.-Jean-de-Sixt, www. saintjeandesixt.com, +33 (0) 4 50 02 70 14. Algemeen : www.aravis.comAuthenticiteit en natuur zijn de ordewoorden, ook op wintersport. Vlamingen hebben altijd al een zwak gehad voor de Oostenrijkse Gemütlichkeit, kleinere dorpen, houten woningen met open haarden, warme gastvrijheid en gezellige maaltijden. Al zijn de skipistes in die kleinere stations vaak minder spectaculair. Maar de schoonheid van de natuur compenseert dat ruimschoots. Ook in Frankrijk zijn de 'skifabrieken', de kunstmatige, betonnen skidorpen steeds minder in trek. Dat Combloux bijvoorbeeld met zijn historische dorpskern een sterke troef in handen heeft, mag blijken uit het feit dat de unieke kerktoren met twee bulbes van de achttiende-eeuwse, barokke Sint-Niklaaskerk onlangs geïmiteerd is door Les Ménuires in Les Trois Vallées in een poging om toch wat authenticiteit te geven aan dat skistation. Door Sabine Lamiroy