Als een van de weinige Oostenrijkse skigebieden heeft Serfaus de laatste jaren niet te lijden onder tanende belangstelling. Volgens het hoofd van de toeristische dienst neemt het aantal bezoekers toe. Misschien is dat te danken aan het profiel van Serfaus. Het gebied mikt op een gegoed publiek dat wil genieten van wat de bergen te bieden hebben: skiën uiteraard, maar ook wandelen of gewoon tot rust komen in een mooie omgeving. Serfaus ligt op een plateau en bij mooi weer dus lang in de zon. Nadeel van het hoge aantal zonne-uren is dat de pistes aan de rand van het dorp niet altijd geschikt zijn om te skiën. Soms maakt de snel smeltende sneeuw afdalen tot het dorp onmogelijk. Een batterij sneeuwkanonnen brengt sinds enkele jaren beterschap.
...

Als een van de weinige Oostenrijkse skigebieden heeft Serfaus de laatste jaren niet te lijden onder tanende belangstelling. Volgens het hoofd van de toeristische dienst neemt het aantal bezoekers toe. Misschien is dat te danken aan het profiel van Serfaus. Het gebied mikt op een gegoed publiek dat wil genieten van wat de bergen te bieden hebben: skiën uiteraard, maar ook wandelen of gewoon tot rust komen in een mooie omgeving. Serfaus ligt op een plateau en bij mooi weer dus lang in de zon. Nadeel van het hoge aantal zonne-uren is dat de pistes aan de rand van het dorp niet altijd geschikt zijn om te skiën. Soms maakt de snel smeltende sneeuw afdalen tot het dorp onmogelijk. Een batterij sneeuwkanonnen brengt sinds enkele jaren beterschap.Het eigenlijke skigebied van Serfaus strekt zich uit van 1400 tot 2700 meter: een respectabele afdaling voor wie tot in het dorp skiet. Alleen is het gebied niet erg breed. De pistes zelf zijn vooral voor gemiddelde of beginnende skiërs interessant. Echt moeilijke zwarte pistes zijn er niet, het bovenste deel van het gebied stelt zelfs wat teleur. Het uitzicht en de omgeving zijn weliswaar mooi, maar de pistes nogal vlak. Sinds dit seizoen maakt een nieuwe lift het skiaanbod van Serfaus een stuk interessanter: die verbindt het gebied met het nabijgelegen Fiss en Landis. Over die lift is lang gebakkeleid. Net als in vele bergdorpen hebben de inwoners van Serfaus een stug karakter. Gedurende eeuwen moesten ze hard zwoegen om te overleven, waardoor binnen de gemeenschap hechte banden groeiden. Wie van buiten kwam, werd bij voorbaat vijandig bekeken. Een vreemdeling die zich in Serfaus wilde vestigen, moest eerst buiten het dorp wonen. Pas nadat hij geëvalueerd was en een aanzienlijke som geld had neergeteld, besliste de dorpsgemeenschap om hem in haar midden op te nemen. Die houding hield de bouw van de verbindingslift lang tegen.De gemeenschapszin van Serfaus heeft ook voordelen. De inwoners zijn trots op hun dorp en zorgen ervoor dat alles goed onderhouden wordt. Ook is Serfaus een van de weinige plaatsen waar de gemeente bijna alle aandelen van het skiliftenbedrijf bezit. Zo worden interne spanningen of belangenconflicten vermeden. Het mooiste voorbeeld van de samenwerking is de Dorfbahn: een metro die onder de hoofdstraat loopt. Aangezien de liften aan het uiteinde van het dorp liggen, moeten zowel de eigen gasten als de dagjesmensen het hele, redelijk smalle dorp doorkruisen om te kunnen skiën. Toen begin jaren '80 de toenemende verkeersdrukte het dorp dreigde te verstikken, ging het gemeentebestuur op zoek naar een oplossing, weliswaar met de spreekwoordelijke Tiroolse traagheid. Naar verluidt kwam alles in een stroomversnelling toen de plaatselijke keukenprinses haar gebak zag mislukken door de trillingen van een voorbijrijdende bus. Met de nog hete pan in de hand liep ze naar het gemeentehuis, plofte de pan op het bureau van de burgemeester neer en zei dat ze er genoeg van had. De volgende zomer reisde een dorpsdelegatie naar de luchthaven van Frankfurt om daar in volle skiuitrusting een automatische transportband uit te testen. Heel praktisch bleek dat niet te zijn. Ook een lift over het dorp leek niet geschikt. Pas toen een delegatie op uitnodiging van een metromaatschappij naar de VS mocht om de oplossing voor een gelijkaardige probleem te bekijken, was de beslissing snel genomen: Serfaus zou een minimetro krijgen. De graafwerken scheurden een groot deel van het dorp open, maar uiteindelijk werd de Dorfbahn de trots van Serfaus. Vooral in de winter bewijst de minimetro zijn diensten. Het is alleen jammer dat de gemeente de Dorfbahn niet heeft aangegrepen om het dorp helemaal verkeersvrij te maken. Nu is Serfaus in theorie verkeersarm, maar in de praktijk rijden er nogal wat auto's rond en verstoren chaotisch geparkeerde voertuigen het uitzicht. Ook in de zomer doet Serfaus alle moeite om het de toeristen naar hun zin te maken. Er zijn prachtige tochten te maken, en de toeristische dienst biedt een gevarieerd programma aan met cultuur, georganiseerde wandelingen en activiteiten voor de kinderen. Het dorp heeft ook een uitgebreid sport- en ontspanningspark, met een mooi openluchtzwembad voorzien van glijbaan en zonneweide, enkele tennisvelden, een grote speeltuin en een sportterrein. Nogal wat hotels geven hun gasten een toegangskaart tot dat park en een pas om de kabelbaan naar de bergtop te gebruiken.Serfaus beschikt over een brede waaier van logies, al ligt de nadruk op de betere hotels. Veel van die luxehotels pakken uit met een specifieke attractie. Zo heeft hotel Cervosa (5 sterren) een uitgebreid gezondheidscomplex met een groot zwembad, Finse sauna, Romeinse zweetbaden, relaxruimtes, een Sissi-bad (in melk, zoals de legendarische Oostenrijkse keizerin deed), een hooibad, massages en andere verwennerijen. De kamers van viersterrenhotel Maximilian zijn minder luxueus dan die van Cervosa, maar het eten is van topkwaliteit: het hotelrestaurant kreeg de voorbije jaren twee sterren, of 16/20 van GaultMillau Oostenrijk. Het hotel beschikt ook over een knap zwembad- en saunacomplex, een pareltje van moderne architectuur. Het Alpenhof (4 sterren) heeft dan weer leuke dingen in petto voor kinderen: het zwembad is misschien niet zo groot, maar het hotel heeft wel een mooie openluchtspeeltuin en, nog belangrijker, een hal met een binnenspeeltuin. Andere hotels in Serfaus richten zich tot mountainbikers of motortoeristen. Goedkoop zijn die luxehotels uiteraard niet, en ook de skipassen zijn relatief duur, al heeft de uitbreiding van het skigebied naar Fiss en Landis de verhouding tussen aanbod en prijs wel verbeterd. In het hoogseizoen kost een skipas voor een volwassene 1580 schilling (ca. 4740 fr.) voor zes dagen. Interessant zijn ook de pakketten, zoals de Baby-Wochen: twee ouders met een klein kind betalen net geen 10.000 schilling (30.000 fr.) voor een week volpension, kinderopvang en een skipas voor zes dagen. Bruno Koninckx