Ik was zes, en plots kreeg ik te maken met verdriet en verlies. Mijn moeder is weggegaan. Ze wilde zelf een leven." Dat zegt Laura de Coninck, 33, beautyredactrice bij Libelle, illustrator en dochter van journalist en dichter Herman de Coninck en Lieve Coppens, psychologe. "Mama deed álles in huis, en papa vond dat vanzelfsprekend. Zijn carrière was belangrijk, er was weinig plaats voor haar verlangens, zelfs niet voor een gesprek erover. Toen leerde mama Jan kennen. Hij was papa's tegenpool. Jan was onbezonnen, speels en energiek, hij beloofde mama de hele wereld en prees haar de hemel in."
...

Ik was zes, en plots kreeg ik te maken met verdriet en verlies. Mijn moeder is weggegaan. Ze wilde zelf een leven." Dat zegt Laura de Coninck, 33, beautyredactrice bij Libelle, illustrator en dochter van journalist en dichter Herman de Coninck en Lieve Coppens, psychologe. "Mama deed álles in huis, en papa vond dat vanzelfsprekend. Zijn carrière was belangrijk, er was weinig plaats voor haar verlangens, zelfs niet voor een gesprek erover. Toen leerde mama Jan kennen. Hij was papa's tegenpool. Jan was onbezonnen, speels en energiek, hij beloofde mama de hele wereld en prees haar de hemel in." "De dag dat we op vakantie vertrokken met Jan was een gigantisch drama, dat in mijn ogen uren heeft geduurd. Mama stond daar met een koffer in de hand. Papa huilde als een kind, met luide snikken en uithalen die door het hele huis weergalmden. Hij had koorts, hij beefde van top tot teen, hij was compleet overstuur, totaal gecrasht. Ik wilde niet meer mee, voelde me verscheurd, ik wilde papa niet achterlaten en klampte me aan hem vast. Tot hij zei : 'Vooruit Laura. Maak dat je wegkomt.'" "Een tweede traumatische ervaring was toen we weer thuis waren. Ik werd wakker en riep mama. Ze kwam niet. Ik ging naar hun kamer, maar papa lag alleen in bed. Ik vroeg : 'Waar is mama ?' 'Gaan werken.' Meer niet. Geen idee wanneer ze zou terugkomen. En daar zat ik dan, alleen met papa in dat grote huis. Hij werkte altijd 's nachts, maar nu moest hij voor mij vroeg opstaan. Dan zat hij zwijgend aan het ontbijt, met wallen onder zijn ogen. Een hoopje miserie, dat met lange tanden een boterham at. Maar alles veranderde. We gingen met zijn tweetjes naar de zoo, deden samen inkopen, speelden gezelschapsspellen. Mijn afstandelijke vader ontpopte zich tot de liefste vader die een dochter zich kan wensen, een lieve zorgzame vader." "Afgezien van die twee grote schokken - de bom die barstte en dat weinig subtiel aanbrengen van 'mama is gaan werken' - ben ik alleen maar tevreden met hoe het is gegaan. Zonder die scheiding had ik nooit zo'n intense band met mijn vader gehad. Dan was hij zich blijven verschuilen in zijn werkkamer. En achter zijn krant. Maar nu had ik voor het eerst een papa. Ik denk dat ze allebei betere ouders werden na de scheiding. Mama bruiste, ze was gelukkig en vrolijk, en telkens was ze ontzettend blij om mij te zien. En papa was ook zo blij als ik bij hem was. Herhaaldelijk werd mij gezegd hoeveel ze van me hielden, en hoe ze me misten als ik er niet was. Plots had ik twéé warme nesten." "Alles was ook zo spannend. Al dat nieuwe vond ik leuk : 'O, ik krijg hier een eigen bed' en 'O, hier is nog een kindje om mee te spelen' want mama huurde een huis samen met een vriendin die ook een dochter had. Wij waren als zusjes, we gingen samen met de barbies in bad. En Jan was mijn maatje, want hij was eigenlijk een groot kind. Als mama stond te strijken, zongen wij liedjes in zelf verzonnen Arabisch. En ook toen papa Kristien ( Hemmerechts) leerde kennen, kreeg ik er een stiefmoeder bij en een stiefzusje dat om het weekend kwam. Nog een speelkameraadje !" "Maandag, dinsdag en woensdag was ik bij papa, woensdagavond ging ik naar mama, donderdag en vrijdag bleef ik bij haar, en het weekend was om de beurt. Dat was een vaste structuur, maar ook heel afwisselend. Altijd even aanpassen, maar een zeer geoliede machine. Mijn ouders woonden in dezelfde straat. Handig, als ik mijn pennenzak vergeten had. En als ik mama wou zien, dan kon dat. Niet dat ik dat vaak deed, maar het idee dat het mogelijk was, was geruststellend. Gelukkig konden mijn ouders nog steeds goed opschieten met elkaar. Soms kwam mama bij ons eten, en soms ook de ex-man van Kristien. Dan waren we één grote familie." "Er werd ook veel gepraat, en ik heb veel geleerd. Over emoties. Over volwassenen, dat zij ook maar zoekende mensen zijn. Papa is heel erg verdrietig geweest, en mama ook. Voor een kind is dat moeilijk te begrijpen : ze hebben het zelf gekozen, en toch zijn ze er kapot van. Papa heeft heel veel spijt gehad, van alles. Hij had het over achteraffers, mensen die pas achteraf weten hoe gelukkig ze waren." "Met Kristien heeft hij het helemaal anders aangepakt. Kristien maakte van ons weer een gezin met structuur, bracht orde in de chaos. Ze is in mijn leven sinds ik acht was, en ze is er altijd gebleven, we zijn elkaars familie, ook al is papa bijna vijftien jaar dood. Ze is ook een oma voor onze kinderen." "Toen mijn ouders nog samen waren, was hij met geen stokken het huis uit te krijgen, maar met Kristien reisde hij naar Zuid-Afrika, of ging hij snorkelen op de Filippijnen. Mooi om te zien hoe hij genoot van het leven. Hij heeft veel geleerd uit de scheiding en dat ook aan mij doorgegeven. Wijsheden als : zorg ervoor dat je geen spijt krijgt van wat je doet. Maak dat je gelukkig wordt. Haal uit het leven wat eruit te halen valt. Maak er het beste van. En : het is belangrijk om mensen te laten weten hoeveel ze voor je betekenen. Spreek je liefde uit." "Ik ben blij met hoe de dingen zijn gelopen, ook al was er natuurlijk ook een keerzijde en heb ik er jarenlang verlatingsangst door gehad. Ik was bang om alleen te zijn en elke avond kwam ik wel tien keer mijn bed uit : 'Niet weggaan. Niet weggaan.' Ik was ook bang dat een van de twee zou doodgaan. Dat is uiteindelijk ook gebeurd. Ik was achttien in '97, toen papa heel onverwacht stierf. Hij heeft mooie gedichten nagelaten, en brieven vol liefde. In een brief schreef hij dat ik van de vrouwen in zijn leven de belangrijkste was, en de liefste. En dat ik hem destijds gered heb. En dat ik het beste was dat hem ooit was overkomen. En mama zei dat ook bijna iedere dag, en dat doet ze nog steeds ! Nee, aan liefde had ik geen gebrek. Papa deed heel veel voor mij en hij liet duidelijk merken dat hij heel veel van me hield. Het gevoel van onvoorwaardelijke liefde en de goede band die we hadden, hebben er ook voor gezorgd dat ik mijn papa's dood beter heb kunnen verwerken." "Ik denk dat ik door de scheiding van mijn ouders een completer mens ben geworden. Thomas en ik zijn nu al achttien jaar samen. Ik heb gezien hoe het fout kan lopen. Het is belangrijk om elkaar te blijven respecteren en rekening te houden met elkaars wensen, hoe lang je ook al bij elkaar bent." Aan tafel met Anne De Keyser, kinderpsychologe, gezinstherapeut en in 2008 medeoprichtster van De Scheidingsschool in Leuven. Of zij het ook gelezen heeft ? Dat kinderen van gescheiden ouders liever voltijds bij hun moeder wonen dan bij hun vader ? (Dat blijkt uit grootschalig onderzoek bij bijna 200.000 kinderen uit 36 landen, ook België.) Anne De Keyser : "Het zegt niet wie de beste ouder is. Moeders hebben meestal nog steeds de verzorgende en organisatorische rol in het gezin, en daardoor krijgen vaders vaak niet de kans om dat aspect van zichzelf te ontwikkelen. Als de ouders dan uit elkaar gaan, blijkt dat papa die zorgende rol nog moet aanleren. Dat vinden kinderen lastig merk ik vaak in mijn praktijk. Maar veel vaders doen het goed. Er komen er ook steeds meer naar De Scheidingsschool." Informeren en begeleiden. Scheiden is een belangrijke stap in je leven, dan kun je maar beter goed geïnformeerd zijn. Daarom zijn er sessies met deskundigen zoals juristen, notarissen, psychologen en bemiddelaars. We zien dat mensen vaak korte-termijnbeslissingen nemen die vooral hun eigen belangen veilig stellen, en dat ze hun scheiding uit handen geven. Daardoor belanden ze vaak in conflictueuze, pijnlijk en vooral ongewilde situaties. Zeker. Vermijd de rechtbanken en advocaten, want die creëren tegenpartijen dus vijanden, en vechtscheidingen zijn vernietigend voor kinderen. Door bemiddeling blijven de ouders met elkaar in gesprek. Dat geeft de grootste kans op een goede scheiding, met zo min mogelijk verdriet voor de kinderen. Co-ouderschap is er automatisch. Vroeger had één ouder het hoederecht en de andere ouder bezoekrecht. De ouder met het hoederecht had ook als enige het beslissingsrecht. In 1995 is de wet veranderd. Sindsdien wordt er gekozen voor gezamenlijk ouderlijk gezag. Het betekent dat de zorgtaken door de beide ouders worden opgenomen, maar het zegt niets over de praktische regeling. Die moeten ze zelf uitwerken. Zorg en opvoeding worden zo goed mogelijk verdeeld, en het kind woont afwisselend bij de vader en de moeder. Niet noodzakelijk fiftyfifty, maar op een manier die voor alle partijen passend is Dat is de basis voor co-ouderschap : een minimum aan overleg, al is het via mail. Je moet duidelijke afspraken maken en de kinderen zo weinig mogelijk belasten, want zij hebben niet om een scheiding gevraagd. Een van de ouders misschien ook niet, maar zij blijven wel volwassenen, met verantwoordelijkheid voor hun kinderen. Ouderschap gaat door. Voor, tijdens en na de scheiding. Soms is het voor de kinderen beter om wél te scheiden. Het kan heel bevrijdend zijn : "Eindelijk ! Eindelijk doen ze er iets aan." Het is niet de scheiding die de kinderen kwetst, maar de manier waarop de ouders met elkaar omgaan. Het leidt pas tot grote problemen als ruzies gewoon doorgaan of nog erger worden, want dan krijgt het kind loyaliteitsproblemen. Kinderen houden evenveel van beide ouders. Ze kunnen en willen niet kiezen. Veel hangt af van hoe volwassenen het leven van hun kinderen organiseren. De ouders beslissen, het kind moet volgen. Aan de ouders om te luisteren naar de zorgen van hun kind. Kan de poes mee ? En mijn knuffel ? Zal ik mijn vriendjes nog zien ? Moet ik naar een andere school ? Kinderen worden er nog veel te weinig bij betrokken. Met de beste bedoelingen : om ze geen verdriet te doen. Maar je moet nooit bang zijn om met een kind te praten, hoe klein het ook is. Zelfs peuters en kleuters kunnen hun zegje doen, op hun manier. Ouders moeten zich ook ervan bewust zijn dat de verblijfsregeling zal veranderen als de kinderen opgroeien. Een kleuter heeft andere noden dan een tiener. Dat is toch ook zo als de ouders wél bij elkaar blijven ? Kindvriendelijk co-ouderschap is geen eenmalige invulling, maar vereist voortdurend evalueren en bijstellen. Het is inderdaad onrustig voor kinderen, heen en weer tussen twee huishoudens met elk een eigen opvoedingsstijl. Ze moeten zich steeds aanpassen aan andere sferen en regels. Een kind kan veel hebben, maar als het zwart-wit is, wordt het moeilijk. DOOR GRIET SCHRAUWEN"IK DENK DAT ZE ALLEBEI BETERE OUDERS WERDEN NA DE SCHEIDING" "NEE, IK ZEI NOOIT IETS, WANT IK WAS BANG OM MIJN OUDERS TEGEN ELKAAR OP TE ZETTEN" "VERMIJD ADVOCATEN EN RECHTBANKEN, DIE CREËREN TEGENPARTIJEN, DUS VIJANDEN, EN VECHTSCHEIDINGEN ZIJN VERNIETIGEND" "NET ALS DE KLEINE PRINS LEER JE DAT VOLWASSENEN NIET TE VERTROUWEN ZIJN"