vroege opvolger
...

vroege opvolgerDe Fiat Punto, die in '93 werd gelanceerd en vorig jaar uitgroeide tot de meest verkochte auto in Europa, krijgt verrassend vroeg een opvolger. In de fleur van zijn leven wordt hij vervangen door een model dat op hetzelfde platform staat, maar 4 cm langer wordt, 4,5 cm breder en 2,5 cm hoger, terwijl de wielbasis slechts één centimeter groeit. Opvallender is de toename van beide sporen: vooraan 2,9 cm breder, achteraan zelfs 4 cm. Daarnaast groeit de kofferruimte van 275 naar 297 liter, krijgt de Punto drie benzine- en twee dieselmotoren, en een indrukwekkend gamma versnellingsbakken. En er blijft uiteraard keuze tussen drie- en vijfdeurs. Er is wat voor iedereen: van een 1,2-liter achtklepper (met 60 pk) die vanaf 368.000 fr. wordt verkocht, tot een 1,8-liter met zestien kleppen die een fraaie 130 pk op de voorwielen overzet. Die laatste levert evenveel vermogen als de Punto GT die hij vervangt, en die vanwege de turbo misschien wat al te onstuimig overkwam en vooral onervaren rijders tot gekheid aanzette. De krachtigste Punto reageert nu op een beschaafdere manier, bouwt de versnelling meer lineair op, waardoor het jongensachtige, nerveuze geweld tot het verleden behoort. Helaas, die zal (voorlopig?) niet in ons land te koop zijn, zodat de haastige rijders het met de Sporting Speed Gear met 80 pk moeten stellen, die 532.000 fr. kost. Rijders die op zuinigheid mikken, kunnen kiezen tussen een 1,9-liter dieselmotor met de klassieke indirecte injectie (60 pk, 118 Nm) of die met directe injectie via het common rail-systeem - overigens een Fiat-vinding. Die laatste motor zorgt voor 80 pk en een schitterend maximumkoppel van 196 Nm, dat al bij 1500 toeren/minuut wordt bereikt. Een korte testrit kon ons overtuigen van de indrukwekkende mogelijkheden van die versie, terwijl ook het zeer interessante verbruik (een gemiddelde van 4,9 liter, volgens de officiële cyclus) indruk maakte. De JTD-versie wordt tegen 498.000 fr. verkocht, zodat men kan aannemen dat het een interessante investering is. Wie tevreden is met de indirect ingespoten dieselmotor, hoeft maar 413.000 fr. uit te geven en kijkt aan tegen een gemiddeld verbruik van 5,7 liter/100 km. zeven versnellingenOpmerkelijk is echter het gegoochel met de versnellingsbakken: de Punto kan zowel met vijf, zes als zeven versnellingen worden geleverd, en met de continu variabele transmissie ( CVT). In dat laatste geval heeft de gebruiker aan de ene kant de CVT ter beschikking, met de keuze tussen het sportieve en het zuinige programma, en anderzijds het klassieke handgeschakeld programma (naar gelang het model met zes of zeven versnellingen). Het manueel schakelen gebeurt niet volgens het gebruikelijke H-patroon maar is sequentiëel: de pook naar voren duwen om op te schakelen, naar achteren trekken om in een lagere versnelling te rijden. Er is al een Punto met CVT vanaf 463.000 fr. Ook opmerkelijk is het Dual Drive-systeem: de maximale elektrische stuurbekrachtiging kan met een knop worden aan- en uitgeschakeld. Al is het nog maar de vraag of de rijder daar in de praktijk erg mee gediend is. Prettig nieuws wat de veiligheid betreft: zowel frontale als laterale airbags zijn op alle modellen standaard, voor rijder én passagier. Ook standaard zijn stuurbekrachtiging en de hoogteregeling van het stuurwiel. ABS is op de meeste modellen standaard - niet op de basisversie en op de indirect ingespoten dieselmotor. Men kan discussiëren over de stijlveranderingen tussen beide generaties, maar het moet gezegd dat het binnenvolume meer dan behoorlijk ruim uitvalt. Bovendien werd er voor veel bergruimtes gezorgd, voor pittige kleuren en een zeer degelijke afwerking. Al blijven de materialen waaruit bijvoorbeeld het dashbord is samengesteld, verre van opwindend.bewegende objectenOp de valreep: tot en met 19 september kan men in het Royal College of Art ( RCA) in Londen de tentoonstelling Moving Objects bekijken die een overzicht geeft van 30 jaar onderricht in autodesign aldaar. Sinds '69 zijn ettelijke lichtingen autodesigners aan het RCA afgestudeerd en meer dan 95 procent van hen is werkzaam in de auto-industrie. De tentoonstelling, die gesponsord wordt door Ford, toont schetsen, schaalmodellen en auto's op ware grootte, waaronder de imposante Ford GT90, de toekomstige Ford Thunderbird en de Ford Indigo. Daarnaast kan men interviews met designers bekijken, kleurenstudies en houten mallen waarop koetswerken gehamerd werden. De tentoonstelling is elke dag geopend, behalve op woensdag.Royal College of Art, Kensington Gore, Londen.PIERRE DARGE