Wanneer ik op zondagochtend van zee terugrijd naar huis, hoor ik op de radio dat de herfstvakantie aan de kust een succes was. Een woordvoerder van Westtoer vertelt erbij dat vooral Halloween, met de heksenverbrandingen en geleide 'griezelige' wandelingen, veel volk naar de kust gelokt heeft. Tot voor een paar jaar werd Halloween, een feestdag met wortels in de Iers-Keltische en Romeinse tradities, nauwelijks gevierd in onze contreien. Nu liggen overal verlichte pompoenen op de dorpels, sieren heksen en spinnenwebben de etalages van winkels en kwam ik tij...

Wanneer ik op zondagochtend van zee terugrijd naar huis, hoor ik op de radio dat de herfstvakantie aan de kust een succes was. Een woordvoerder van Westtoer vertelt erbij dat vooral Halloween, met de heksenverbrandingen en geleide 'griezelige' wandelingen, veel volk naar de kust gelokt heeft. Tot voor een paar jaar werd Halloween, een feestdag met wortels in de Iers-Keltische en Romeinse tradities, nauwelijks gevierd in onze contreien. Nu liggen overal verlichte pompoenen op de dorpels, sieren heksen en spinnenwebben de etalages van winkels en kwam ik tijdens een strandwandeling zelfs een troepje 'griezelig' verklede jongeren tegen. Voor mij niet gelaten, al heb ik Halloween niet nodig om te gaan uitwaaien aan de kust. Ik vraag me tijdens de terugrit gewoon af waar dat fenomeen nu plots vandaan komt. Is het omdat we in de donkere herfstmaanden nog een reden willen hebben om te feesten, of nog een reden om ons te verkleden ? Terug in Leuven zie ik later op de week nog een paar verkleedpartijen, maar dan van een andere orde en echt griezelig. Ik dacht dat studentendopen belachelijk ouderwetse activiteiten waren, bijna verdwenen uit het moderne studentenleven. Fout gedacht, als ik afga op wat ik de afgelopen week kon zien. Groepjes jongeren, sommigen met varkensoren op, die rillend van de kou op de grond zitten. Ze zijn doornat en besmeurd met allerlei viezigheid. Ik kan maar hopen dat het vieze spul op hun haar en kleren bruine verf is. Hier en daar wordt gekotst. Ik heb te doen met die eerstejaars. Studentendopen worden door sommigen beschouwd als een deel van de studentencultuur, al roept het fenomeen de laatste jaren vooral weerzin op. Zo bestaat er in Gent en Leuven een dooppolitie die ingrijpt als studentenverenigingen de opgelegde regels - geen schadelijke stoffen gebruiken, geen zuippartijen,... - overtreden. Ik lees dat dopen dezer dagen veel braver zijn dan vroeger. Veel viezigheid, dat wel, maar niet gevaarlijk. En toch vraag ik me ook hier af : vanwaar dat rare gedrag ? Wie laat zich eerst uit vrije wil vol vieze troep smeren en daarna door het stadscentrum tronen ? Maar vooral : wie vindt het plezant om dat een schacht aan te doen ? Dat je een vuurproef moet doorstaan om bij een groep te horen, is misschien begrijpelijk, al vind ik het primitief. Maar waarom blijkt vernedering een basisingrediënt van een studentendoop ? Die 'geëngageerde' doopmeesters kunnen volgens mij geen leuke mensen zijn. Studentenverenigingen werpen op dat dopen nuttig zijn voor de sociale contacten. De nieuwelingen leren veel medestudenten kennen, altijd handig als je in een nieuwe omgeving terechtkomt. Maar er zijn toch duizend-en-één betere manieren om een studentennetwerk uit te bouwen. Een gezamenlijke strandwandeling misschien ? trui.moerkerke@knack.be Trui Moerkerke