Hij zucht diep. Kijkt rechts, herschikt zijn benen, zucht diep. Kijkt links, schuift een stuk naar achter op zijn stoel, zucht diep. Hij kijkt naar zijn handen en kruist ze, om zijn linkerhand zit een handschoen. Hij kijkt naar boven, recht zijn rug, kucht. Kucht luider. En dan begint alles opnieuw, van vooraf aan. De rusteloosheid van de man naast me is immens. Maar niet ongewoon hier, zo blijkt.
...