Peter Vermandere (36) is juweelkunstenaar
...

Peter Vermandere (36) is juweelkunstenaarPeter Vermandere stelt nog tot 18 december tentoon in Villa de Bondt, Krijgslaan 124, Gent. Freestyle Atomics. The Atomium redefined is open op donderdag en vrijdag van 14-18 uur, en op zaterdag en zondag van 11-18 u., 09 221 76 09. www.villadebondt.be, www.goudwerk.be Peter komt van Petrus, en dat betekent rots. Misschien ben ik wel voorbestemd om iets met stenen te doen. Bij ons thuis zijn er altijd stenen geweest. Mijn pa, Willem, beeldhouwt in blokken van drie ton en ik heb lang gedacht dat ik dat ook moest doen. Nu niet meer, enerzijds omdat het te veel van mij verwacht werd en anderzijds omdat ik hem te veel tegenkom in mijn werk. De confrontatie is zo al lastig genoeg geweest. Mijn vader is voortdurend met lucht bezig, als zanger, als klarinettist. Om terug voeling te hebben met de aarde, reageert hij zich af in het beeldhouwen. Ik heb de behoefte niet om zoveel kabaal of stof te maken. Sinds een paar jaar kan ik mijn vader echt plaatsen in mijn leven. Ik heb daar best mee geworsteld omdat hij een complexe man is. Sindsdien is een aantal dingen gemakkelijker, ook al omdat ik misschien zelf beter weet waarmee ik bezig ben. Als ik een mineraal of een fossiel vind, heb ik soms het gevoel een stuk van onze ondergrond in handen te hebben. Iets wat er al lang voor ons was, en er lang na ons nog zal zijn. Niet dat ik er altijd zo filosofisch over nadenk, hoor. Soms vind ik het ook gewoon mooi. Al wat oorspronkelijk is, interesseert me. Edelstenen zijn het mooist in hun ruwe vorm. Van nature zien ze er al perfect uit, dus waarom nog slijpen ? In het juwelierscircuit en op Sint-Lucas waren onbewerkte mineralen ongewoon, maar voor mij is dat een reden om ze net wél te gebruiken. Soms denk ik : schaf het kunstonderwijs gewoon af. In plaats van potentieel talent kapot te maken, kunnen ze beter creativiteit gewoon laten borrelen. Creatief zijn kun je toch niet aanleren, je kunt alleen geprikkeld worden. Van De Morgen kreeg ik een originele plaat van het Atomium. Binnen de twee weken wilden ze weten wat ik ermee zou doen, en in één maand moest mijn kunstwerk af zijn. Een geschifte deadline, want sommige mensen snappen niet dat kunst soms wat meer rijpingstijd nodig heeft. Het Atomium en Expo '58 hebben voor zeer veel mensen iets betekend. Uit jeugdsentiment zijn velen benieuwd wat ik ermee doe. De atoomjuwelen zijn dan ook een fantastische kapstok om aandacht te krijgen : je kunt ze mooi vinden door hun oorsprong, of door hun vorm en kleuren. Een Atomiumplaat is voor mij geen relikwie. Ik heb er gaten in geboord, stukken afgesmolten, en de vorm artistiek geherinterpreteerd. Ik voel me kunstenaar genoeg om te denken dat ik zulke ingrepen mag en kan doen. Ook al klinkt dat misschien barbaars of pretentieus. Ik ben wel gefascineerd door het verleden, maar mij interesseert het meer wat je er nu mee kunt doen. Als ik nu juwelen in zand giet, gebruik ik eigenlijk een vroegindustriële techniek. In de negentiende eeuw was de methode gemeengoed, maar als kunstenaars die nu recycleren is dat artistiek. In mijn atelier groeit alles organisch. Prentenboeken die ik ooit impulsief kocht, komen mij op het juiste moment wel eens van pas. Soms zijn er perioden dat ik gewoon doelloos potjes bijeen giet. Maar net die experimentjes bewijzen later wel hun nut. Het toeval incorporeren, noem ik dat. Over stijl denk ik nooit na. De ene keer maak ik iets abstracts en de andere keer iets figuratiefs, met een gezichtje, voetjes en een mond. Als je een schrijver bent, dan kun je ook een liedje, een brief of een gedicht schrijven. Ik moet toch niet bang zijn om eens iets anders te maken, omdat het zogezegd niet in mijn stijl past ? Wie hard en gedreven werkt, krijgt vanzelf wel een stijl. Ik maak juwelen, omdat ik ze wíl maken. Punt. Ik verkoop ze alleen maar om mijn volgende te kunnen maken. Natuurlijk wil ik er graag de kost mee verdienen, maar dat zal aan mijn vormgeving niets veranderen. Thijs Demeulemeester / Foto Charlie De Keersmaecker