ARCHITECT BUREAU 51N4E & VLAAMS BOUWMEESTER

OP HET EIND VAN MIJN MIDDELBAAR KREEG IK EEN LIJST MET STUDIEMOGELIJKHEDEN, waarvan ik, bij wijze van test, eerst schrapte wat me helemaal niet lag. Uiteindelijk bleef architectuur over. Het was een bevestiging van mijn intuïtie.
...

OP HET EIND VAN MIJN MIDDELBAAR KREEG IK EEN LIJST MET STUDIEMOGELIJKHEDEN, waarvan ik, bij wijze van test, eerst schrapte wat me helemaal niet lag. Uiteindelijk bleef architectuur over. Het was een bevestiging van mijn intuïtie. DAT IK ZEKER GEEN ARCHITECTUUR MOCHT GAAN STUDEREN, beweerde het studiecentrum destijds. Voor mij was dat net een reden om het wel te doen. Vanaf de eerste dag was dat een openbaring, maar het duurde twee à drie jaar vooraleer ik er de potentie van besefte. ARCHITECTUUR IS GEEN KUNST. Kunst mag of moet negatief kunnen zijn, architectuur is bij uitstek positief. Het hoeft voor mij niet functioneel te zijn, maar moet wel een urgentie hebben en kan zich dus niet zoveel veroorloven als kunst. LE DOUTE EST DÉSAGRÉABLE, MAIS LA CERTITUDE EST RIDICULE. Dit citaat van Voltaire vind ik van fundamenteel belang. Dat gaat ook op voor de manier waarop ons bureau werkt, de twijfel is onze ware motor. Let op, dit is helemaal geen gemakkelijke werkwijze. HET GAAT BIJ HET CREËREN OOK OM HET ZOEKEN NAAR GEZONDE FRICTIE of wrijving. Die ontstaat bijvoorbeeld uit het verkeerd interpreteren van wat iemand eigenlijk bedoelt, zodat er gedachten ontkiemen die je zelf nooit zou kunnen bedenken. ZUIVER ESTHETISCHE PROJECTEN VIND IK ZEER ONINTERESSANT. De esthetica maakt misschien maar 30 procent deel uit van een geheel. Ik geloof bijvoorbeeld ook niet dat iemand als Peter Zumthor louter esthetisch werkt, die man loopt over van de frictie. IK BEN ZELDEN TEVREDEN. Ik werd zeer goed opgevoed, maar streng, met veel verwachtingen. Het ergste wat me kan overkomen is het gevoel te krijgen dat alles in evenwicht en harmonieus is. Dat is verschrikkelijk, want onmogelijk. Mijn momenten van geluk hebben met frictie te maken. IK HOUD OOK VAN MUZIEK MET EEN RANDJE, waarvan je voelt dat er iets niet klopt, met frictie dus. Onevenwicht is immers boeiender dan evenwicht. Ik verzamel ook schijnbaar foute planten, met een hoek af dus, de planten die niemand wil en die niet gewoon mooi en elegant zijn. EEN VERZAMELAAR BEN IK NIET, IK BEN EEN FERVENT WEGGOOIER. Wat ik bijhoud, heeft veel eliminatieronden meegemaakt. Ik vind ook dat je snel moet kunnen verhuizen. Mocht ik een grotere familie hebben, zou ik dat misschien anders aanpakken. IK VIND HET WEL BOEIEND OM VERZAMELAARS TE ONTMOETEN met gigantische collecties. Alleen kan ik zoiets niet aan en houd van een zekere orde en overzichtelijkheid. OF IK NU EEN STADSMENS OF EEN NATUURMENS BEN ? Het is niet of, maar en. Ik woon en werk in de stad, ik maak ook 'stad', geen natuur. Op dit moment verdient de stad ook onze eerste aandacht. LOUTER ETEN INTERESSEERT ME NIET, het kader waar ik eet des te meer. Waarmee ik niet zeg dat beide perfect op elkaar moeten worden afgestemd, integendeel, laat ze elkaar maar uitdagen. Het gaat weer om de frictie. Peter Swinnen (35) leidt samen met Freek Persyn en Johan Anrys het architectuurbureau 51N4E (de geografische coördinaten van Brussel, de stad waar Swinnen geboren is). Het is een van de toonaangevende en progressiefste ontwerpstudio's van ons land. Van 1 juni tot 4 september loopt in Bozar 'Double or Nothing', een tentoonstelling van hun architecturale en ruimtelijke projecten, curator is de Franse architectuurcriticus Dominique Boudet. Van 2010 tot 2015 heeft Peter Swinnen een mandaat als Vlaams Bouwmeester, na Bob Van Reeth en Marcel Smets. DOOR PIET SWIMBERGHE - FOTO JAN VERLINDE