Tien jaar geleden kwam ik via een IQ-test bij Mensa terecht. In de vereniging primeert het clubgevoel, niet de IQ-score. Mensa onderscheidt niet in leeftijd, ras, geslacht of uiterlijk, de leden hebben enkel hun hoogbegaafdheid gemeen. Dat is verrijkend, niet door het intellect, maar door de verscheidenheid.
...

Tien jaar geleden kwam ik via een IQ-test bij Mensa terecht. In de vereniging primeert het clubgevoel, niet de IQ-score. Mensa onderscheidt niet in leeftijd, ras, geslacht of uiterlijk, de leden hebben enkel hun hoogbegaafdheid gemeen. Dat is verrijkend, niet door het intellect, maar door de verscheidenheid. Ik ging met tegenzin naar school, omdat ik me er een buitenbeentje voelde. Ik kon gelukkig losbreken uit die geforceerde omgeving en mijn eigen wereldje creëren. Nu kan ik eindelijk kiezen met wie ik omga. Mijn leven is lange tijd een zoektocht geweest om de juiste plaats te vinden voor mezelf. Ik ben nogal introvert, dat hielp me om mijn capaciteiten te ontdekken. Ik voelde gelukkig snel intuïtief aan dat ik hoogbegaafd was. Maar ik ken evengoed mensen die dat pas op hun zestigste ontdekten, en zich nooit ten volle hebben kunnen ontplooien. Een hoog IQ is geen garantie om te slagen in het leven. Veel hoogbegaafden hebben moeite om zich te integreren in de maatschappij. Ze voelen zich onbegrepen, of hebben een frustrerende baan waar ze geen voldoening uit putten. Daaruit losbreken vergt niet alleen veel moed, maar ook doorzettingsvermogen en wat geluk. Ik doctoreerde wel in de wiskunde, maar ik besefte dat dat voor mezelf weinig relevant was. Wiskunde is een abstract spel waar je veel plezier kunt aan beleven, maar het wordt al snel steriel. Mijn doctoraat in filmanalyse beïnvloedt nu wel ingrijpend hoe ik mezelf en de wereld bekijk. Er gaan stemmen op om hoogbegaafd 'andersbegaafd' te noemen. Ik vind dat een slecht idee. We zijn wel anders, maar we moeten dat niet extra benadrukken. De wereld is al te veel in groepen opgedeeld. Leren omgaan met hoogbegaafdheid is overigens belangrijker dan discussiëren over de term. Ik ben een vrij nuchter iemand. Het liefst blijf ik met de voeten op de grond. Iedereen mag gerust zijn verbeelding laten gaan, want een wereld waar alles beredeneerd is, zou maar saai zijn. Maar mensen die zweverige dingen beweren waar ze niet over nagedacht hebben, storen me enorm. Veel ouders hopen dat hun kind een tweede Einstein of Mozart wordt. Ze zien hoogbegaafdheid als een positief label. In plaats van verpletterende verwachtingen te koesteren, doen ouders er beter aan hun kind in alle vrijheid te helpen achterhalen wie het is, en waar het goed in is. Voor mijn studenten wil ik een mentor zijn. Ik wil hun films leren kennen die voor hen iets kunnen betekenen. Jongeren staan minder en minder open voor het onbekende, wellicht omdat er al zoveel op hen afkomt. Zelf heb ik nooit een intellectuele of artistieke mentor gehad. Dat is jammer, want ik ben ervan overtuigd dat er nog veel fantastische dingen bestaan waar ik geen weet van heb, omdat niemand ze me toont. Als leek kun je beter van een film genieten dan als kenner. Maar bij een écht goede film kan ik mijn analytische geest volledig uitschakelen. Ik wil mijn naïviteit en verwondering niet laten overwoekeren door mijn verstand. Al zijn er dingen waarvan ik soms zou willen dat ik ze niet wist. We leven in een vluchtige, gefragmenteerde tijd. We weten van alles een beetje, maar niks ten gronde. Diepgang vind ik door me op korte tijd in het ganse oeuvre van een componist of een cineast onder te dompelen. Zo'n intense overkill leidt tot boeiende ontdekkingen. Ik ben niet gelovig. De Kerk verdedigt dogma's waar ik geen vrede mee kan nemen. Ik heb geen Opperwezen nodig om mijn leven zin te geven. Kunstwerken, films of boeken kunnen mij diep ontroeren. Hoogbegaafden zijn gevoeliger. Veel prikkels tegelijk kunnen verwerken is voor mij een zegen. Dingen die me boeien en aanspreken, daar kunnen er nooit genoeg van zijn. Ik heb nog lang niet het gevoel dat ik alles al ontdekt heb. En gelukkig maar. Ik wil mijn leven lang bijleren, anders heb ik geen reden om te bestaan. Peter Kravanja (35) is oud-voorzitter van de Belgische afdeling van Mensa, de internationale organisatie voor hoogbegaafden. Mensa bestaat 60 jaar. www.mensa.be Peter doceert nu filmgeschiedenis en -analyse aan de universiteit van Antwerpen en Groningen. Thijs Demeulemeester / Foto Charlie De Keersmaecker