Een van mijn weinige karaktertrekken waar ik echt tevreden over ben, al jaagt hij mensen rond me soms de muren op, is mijn pessimisme. Ik verwacht altijd het ergste. Sinterklaas zou me zeker nooit het speelgoed brengen waar ik zo naar verlangde, de jongens waar ik een oogje op had, zouden me zeker nooit zien staan, mijn examens waren gedoemd om te mislukken. Vandaag heb ik nog wel werk, maar morgen kan het ineens afgelopen zijn. Als het lieve Baskische nichtje dat nu bij mij op vakantie is later maar niet bij de Eta gaat...Twee decennia wonen in het land der onverbeterlijke optimisten heeft mijn systematisch sombere kijk op de toekomst alleen nog maar versterkt. Wat zeg ik dus tegen mijn buren Dee en Lee die me vanavond stralend meedelen dat ze net een huis hebben gekocht? "Proficiat", vaneigens, maar intussen denk ik: als dat maar goed afloopt.
...

Een van mijn weinige karaktertrekken waar ik echt tevreden over ben, al jaagt hij mensen rond me soms de muren op, is mijn pessimisme. Ik verwacht altijd het ergste. Sinterklaas zou me zeker nooit het speelgoed brengen waar ik zo naar verlangde, de jongens waar ik een oogje op had, zouden me zeker nooit zien staan, mijn examens waren gedoemd om te mislukken. Vandaag heb ik nog wel werk, maar morgen kan het ineens afgelopen zijn. Als het lieve Baskische nichtje dat nu bij mij op vakantie is later maar niet bij de Eta gaat...Twee decennia wonen in het land der onverbeterlijke optimisten heeft mijn systematisch sombere kijk op de toekomst alleen nog maar versterkt. Wat zeg ik dus tegen mijn buren Dee en Lee die me vanavond stralend meedelen dat ze net een huis hebben gekocht? "Proficiat", vaneigens, maar intussen denk ik: als dat maar goed afloopt. Dee, afkomstig van St. Thomas, en Lee, van Haïti, zochten al een hele tijd een huis in onze buurt waar ze een jaar of tien een appartement huren. Net zoals wij toen we in 1985 een huis kochten, wisten zij ongeveer niets over de finesses van het verwerven van New Yorks onroerend goed. De laatste maanden vroegen ze wel eens advies. Af en toe stopte ik een krantenartikel in hun bus. Eentje ging over een uitgebreid onderzoek naar de oneerlijke praktijken van banken die in samenwerking met doortrapte makelaars systematisch proberen zwarte Amerikanen op te zadelen met een hogere rente dan wat blanken betalen. Zelfs de beter gegoede en je zou dus denken beter geïnformeerde lagen van de zwarte bevolking zijn het slachtoffer van dit soort discriminatie. Dee en Lee zijn zwart. De goedkoopste rente in Amerika op dit ogenblik is 5,75 procent voor een hypotheek van vijftien jaar en 6,27 procent voor een van dertig jaar. Zwarte nieuwe huiseigenaars betalen vaak verscheidene procenten meer. Sommigen moeten vijftien (15!) procent afdokken. Dee en Lee hebben genoegen moeten nemen met een rente van 8,5 procent. "Ik heb nog een achterstallige studielening", zegt Lee, "we hadden geen keuze." Ik hou mijn hart vast. "Het is geen goed moment om een huis te kopen", waarschuwde ik hen de afgelopen maanden herhaaldelijk. Dat is natuurlijk makkelijk gezegd voor iemand die al zeventien jaar een eigen New Yorks dak boven het hoofd heeft voor een relatief laag bedrag. Maar toch. De prijzen van New Yorkse woonsten zijn in de laatste drie jaren krankzinnig de hoogte ingeschoten. Zelfs 11 september heeft daar, tegen alle verwachtingen in, geen domper op gezet. Nu het slecht gaat op de beurs parkeren veel mensen hun geld in onroerend goed. Het is een trend in heel Amerika die in New York het extreemst is. Boom and bust. Of het nu over goud, olie, grond of woningen gaat, telkens zwelt de ballon om op een kwade dag uiteen te spatten, waarna de cyclus herbegint. Lee en Dee kopen zich nu een huis voor te veel geld met een te dure lening en straks kunnen ze met de gebakken peren zitten. Hij is kinesist, zij laborante. Ze hebben twee kinderen. Hun lening van 260.000 dollar, 10.000 dollar meer dan wat hun bescheiden huis kost, zal een zware last op hun schouders zijn. Het is genoeg dat een van de twee de job verliest om hun woning kwijt te raken. In het slechtste geval zal de bank hun huis in beslag nemen, in het beste zullen ze het moeten verkopen met zwaar verlies. Na de crash van Wall Street in 1987 vielen er honderdduizend ontslagen. In de nasleep daarvan werden verschillende kennissen in onze buurt gedwongen om met hangende pootjes hun huizen te koop te stellen voor een pak minder dan dat ze het gekocht hadden in de korte 'boom' van de jaren daarvoor. Er is geen zeggen aan. Afgelopen juli steeg de verkoop van nieuwe woningen in Amerika met 6,7 procent, de hoogste maandelijkse stijging die ooit is genoteerd. De verkoop van eerder bewoonde huizen steeg in juli met 4,5 procent. Er zijn regionale verschillen natuurlijk. In Californië, waar de ineenstorting van de dotcom'ers sinds de lente van 2001 massale ontslagen meebracht, daalde de verkoop van huizen en ook in Boston waar financiële instellingen de laatste maanden grote kuis onder hun personeel hielden, gingen er minder woonsten van de hand. Hetzelfde zwaard van Damocles hangt New York boven het hoofd. Een nieuwe aanslag, massale afdankingen in Wall Street zoals vijftien jaar geleden, ik zeg maar wat, en ook in New York kan de huizenmarkt als een pudding in elkaar zakken. Dat zou het moment zijn om een woonst te kopen natuurlijk, maar tegen dan zullen de rentevoeten misschien weer zijn opgeveerd. Begrijpt u waarom ik in 1985 nachtenlang onrustig in bed lag te woelen voor ik uiteindelijk met toegeknepen keel aarzelend mijn handtekening zette onder het contract voor onze lening? Dat moest en dat zou slecht aflopen. Voorlopig is er echter verbazend genoeg nog niets misgegaan. Wat nog maar eens de voordelen van pessimisme onderstreept: verrassingen zijn voor mij doorgaans aangenaam, terwijl ze voor optimisten vaak teleurstellend zijn. Jacqueline Goossens, vanuit New York