De Braziliaan Paulo Coelho is een van de voortrekkers van het spirituele reveil in de literatuur. In principe zit de waarheid in elke godsdienst, vindt hij. Zelf kiest hij echter voor het katholicisme. In zijn nieuwe boek ?Aan de oever van de Piedra huilde ik? gaan de protagonisten hun lotsbestemming dan ook zoeken in Lourdes.

Jeroen Kuypers & Piet De Moor

Spiritualiteit is een groot thema in de literatuur van de jaren negentig waarin de new age de rol van de traditionele godsdiensten gedeeltelijk heeft overgenomen. Niet voor niets stonden de boeken van James Redfield tientallen weken achter elkaar op de eerste plaats van de internationale bestsellerlijsten en ook bij ons. Maar voor Redfield De Celestijnse Belofte schreef, waren er al de romans van de Braziliaan Paulo Coelho, even massaal verkocht, maar meer doordacht en beter geschreven.

Zelfverwerkelijking is het centrale thema in het werk van Paulo Coelho. In zijn romans laten de hoofdpersonages alles achter zich om op zoek te gaan naar hun ware lotsbestemming. Zo ook in Aan de oever van de Piedra huilde ik. Daarin gaat Pilar, een studente uit Barcelona, een week lang op reis door de Pyreneeën met de jeugdvriend van wie zij altijd gehouden heeft, maar die ze al jaren niet meer heeft gezien. Het verlangen blijkt wederzijds te zijn geweest. Tussen het Baskische Bilbao en het Franse Lourdes komt hun romance eindelijk tot bloei. Er is echter een probleem : Pilars vriend staat vlak voor zijn priesterwijding. Hij blijkt mensen op een wonderbaarlijke manier te kunnen genezen van hun pijnen, maar dat vermogen is volgens hem nauw verbonden met zijn roeping. De atheïstische Pilar, die inmiddels het geloof van haar jeugd heeft teruggevonden, moet een innerlijke strijd uitvechten, maar uiteindelijk wil zij de levensbestemming van haar vriend niet in de weg staan. Na een week is haar leven weer terug bij af, en is ze zelf één groot en droef inzicht rijker. De lezer heeft intussen veel geleerd over de vrouwelijke kant van God, over de diverse godinnen die onze voorouders aanbaden voor het patriarchaat hen verving door omnipotente, fallische goden, en over de Onbevlekte Ontvangenis in Lourdes, een door de katholieke kerk opgeëiste verschijning die verdacht veel leek op de godin die de oude Kelten op diezelfde plek ooit aanbaden. De inmiddels vijftigjarige Coelho heeft in zijn leven heel wat afgereisd en daarbij diverse continenten bezocht. Een van de steden waar hij een tijdlang verbleef en die bovendien aan het begin stond van zowel zijn eigen queeste naar inzicht als zijn schrijverscarrière, is Amsterdam.

Paulo Coelho : In de jaren zeventig was ik een overtuigde hippie en in 1982 trok ik vanuit Rio de Janeiro langharig en baardig naar het Mekka van de hippies : Amsterdam. Ik heb daar een buitengewoon plezierige tijd gehad. Zes maanden lang woonde ik in een goedkoop hotel aan de Brouwersgracht. Ik was van plan een boek te schrijven. Het eerste wat ik na aankomst heb gekocht, was een kleine draagbare schrijfmachine. Geregeld sloot ik me plichtsgetrouw op in mijn hotelkamer om op de toetsen te beuken, maar eerlijkheidshalve moet ik toegeven dat er weinig van schrijven terechtkwam en dat het boek dat ik na dat half jaar gereed had een onleesbare draak van een roman was. Maar ik had de eerste en, zoals later bleek, belangrijkste stap gezet op het pad waarop ik me nu nog bevind.

U heeft dus toegegeven aan een magic moment, een van de centrale concepten in uw denken ?

Zo is het. Iedereen heeft geregeld een magic moment. In feite beleef je dat zelfs dagelijks, maar bij die dagelijkse momenten gaat het om kleine inzichten en relatief onbelangrijke zaken : een plots, niet beredeneerd maar intuïtief besef dat je iets op een bepaalde manier moet doen. Bij een echt magic moment gaat het meestal om een acuut gevoel van onbehagen. Pilar beseft ineens dat haar leventje in Barcelona wel erg veilig en geregeld, maar ook dodelijk saai is, dat ze nooit werkelijk iets zal meemaken als ze blijft toegeven aan die hang naar zekerheid en dat de terugkeer van haar jeugdvriend dé gelegenheid is om dit leven te ontvluchten. In zo'n magic moment zie je vaak in een flits je verdere leven voor je. Hoeveel mensen hebben niet in een opwelling een baan opgezegd of een echtgenoot of vriendin verlaten ? Voor de buitenwereld lijkt zo'n beslissing vaak onbegrijpelijk, maar de persoon in kwestie heeft ingezien hoe dodelijk saai zijn verdere loopbaan of huwelijk zal zijn en vindt het vaak onbegrijpelijk dat hij het nog zo lang heeft volgehouden. Wie toegeeft aan een magic moment heeft daar nooit spijt van, maar wie de roep ervan negeert voelt zich daarna vaak teneergeslagen.

Intuïtie wordt traditioneel met vrouwelijkheid geassocieerd. Volgens u zijn de oude godsdiensten dus vrouwelijk van aard, omdat vrouwen meer kennis hadden van de levensmysteriën dan mannen ?

Natuurlijk. Kennis van het leven was geen mannen- maar een vrouwenaangelegenheid. Vrouwen staan, mede op grond van hun lichaam en de processen die zich daarin afspelen, veel meer in contact met de levensenergie en de essentie van de realiteit dan mannen. Ze hebben ook een ander gevoel voor tijd, meer cyclisch. In het vrouwelijk denken over tijd weerspiegelt zich de eeuwige cirkel van de seizoenen, van dood en leven, terwijl mannen het verloop van de tijd veel meer als een lineair gebeuren beschouwen. Vandaar dat in alle primitieve godsdiensten vruchtbaarheidsgodinnen centraal staan : Isis bij de Egyptenaren, Demeter bij de Grieken, maar denk ook aan heilige en in hoog aanzien staande priesteressen van het orakel in Delphi. De grote wereldgodsdiensten hebben de godinnen van hun voetstuk gehaald en er mannelijke goden voor in de plaats gezet. Nu de onderdrukking van de vrouwen geleidelijk begint af te nemen, komt er in de godsdienst langzaam maar zeker ook weer plaats voor dit intuïtieve weten. Trouwens, de priesterstudent op wie Pilar verliefd is, kan mensen troosten en genezen omdat hij zich heeft opengesteld voor de vrouwelijke kant van de religie en zijn roeping heeft gewijd aan de Onbevlekte Ontvangenis.

In uw roman Aan de oever van de Piedra huilde ik speelt het dorp Lourdes een belangrijke rol. Gelooft u dat er plekken bestaan waar het intuïtieve weten als het ware gestimuleerd wordt ?

Absoluut. De Spaanse kolonialen bouwden hun kathedralen precies daar waar voordien inca- of aztekentempels hadden gestaan. Dat deden ze ongetwijfeld om de indianen te intimideren en hun christelijke zege over de inheemse godsdiensten te bezegelen, maar ook omdat dat de beste plekken waren om een kerk te bouwen. Ook als er voordien geen tempels had gestaan zouden ze er heiligdommen hebben opgetrokken, net zoals de inca's en azteken dat hadden gedaan op de restanten van nog oudere heiligdommen. Veel steden zijn ontstaan rond een heiligdom en als je de landkaart erbij pakt, valt op dat daar lang niet altijd een logische reden voor was, zoals een doorwaadbare plaats in een rivier of een kruispunt van wegen. Vaak is het pas later logisch geworden vanuit economisch oogpunt, omdat er wegen en kanalen werden aangelegd. Dat komt doordat het in de klassieke oudheid niet de kooplieden of ambachtslui waren die bepaalden waar een nederzetting gebouwd zou worden, maar de priesters of priesteressen. Zij waren vaak gevoelig voor plekken met een zekere uitstraling. Die kozen zij, ook als ze zich kilometers van de beste landbouwgronden en wegen bevonden. Voor Lourdes geldt ook zoiets. Ik heb die plaats diverse malen bezocht en er veel over gelezen. De beschrijving van de vrouw die er een eeuw geleden zestien keer aan de heilige Bernadette is verschenen, lijkt verdacht veel op die uit oudere christelijke en zelfs Keltische overleveringen over verschijningen. De katholieke kerk heeft de verschijning aanvaard, of misschien beter gezegd : geannexeerd. Interessant daarbij is dat het Vaticaan nooit heeft beweerd dat het Maria is die aan Bernadette is verschenen. Er wordt slechts, in de woorden van de verschijning zelf, gesproken over de Onbevlekte Ontvangenis.

U stelt dat de grote wereldgodsdiensten weliswaar te mannelijk zijn, maar verder niet essentieel van elkaar verschillen. De waarheid is evengoed in de islam als in het christendom te vinden. Waarom is Aan de oever van de Piedra huilde ik dan toch in veel opzichten een katholieke belijdenisroman ?

Ik ben uiteindelijk katholiek geworden omdat deze godsdienst beter overeenkwam met mijn opvoeding en mijn Braziliaanse kijk op de wereld dan de islam, het boeddhisme of zelfs het protestantisme. Als er bovendien toch geen essentieel verschil is tussen de diverse religies, kun je beter die kiezen waarmee je vanuit je eigen achtergrond de grootste binding hebt. Het protestantisme van diverse evangelische zendelingen maakt in mijn geboorteland Brazilië momenteel een geweldige opgang. Het sluit waarschijnlijk beter aan bij het verlangen naar spiritualiteit van mijn landgenoten dan de rituelen van de ingeslapen katholieke kerk. Toch denk ik dat juist het katholicisme, met zijn enorme aandacht voor de persoon van de maagd Maria, uiteindelijk het best zal aansluiten bij de revival van het vrouwelijke denken binnen de religie. De personages uit mijn roman zijn erg belijdend. Ik geloof dat je ze ook charismatisch zou kunnen noemen. Toch ben ik er erg huiverig voor om geassocieerd te worden met de belijdende conservatieve elementen binnen de christelijke kerken. Voor wie Aan de oever van de Piedra huilde ik leest, zal toch wel duidelijk zijn dat ik de vrouwvijandige houding van met name de katholieke kerk scherp afkeur. Als ik echter, zoals enkele maanden terug, meer dan anderhalf miljoen Amerikaanse protestantse mannen ( het waren er in werkelijkheid maar half zoveel, red.) voor het Capitool zie demonstreren voor meer burgerlijke moraal, de zogenaamde PromiseKeepers, draait mijn maag zich bij wijze van spreken om van weerzin.

Elk van uw romans is in minstens tien talen vertaald en er zijn wereldwijd miljoenen exemplaren van verkocht. U wordt regelmatig vergeleken met die andere succesauteur van het spirituele reveil, James Redfield. Vindt u die vergelijking terecht ?

Ik ken het werk van Redfield nog altijd niet en ik heb ook weinig zin me er in te gaan verdiepen. Ik neem aan dat we elk onze eigen kwaliteiten en ideeën hebben en dat daarin wel wat overeenkomsten te vinden zullen zijn. Mij valt vooral op dat hij een veel exotischer setting heeft gekozen voor zijn roman dan ik. Op zoek gaan naar verloren gegane eeuwenoude manuscripten in de binnenlanden van Peru is heel wat spannender dan een reisje in een tweedehands Ford naar het Zuid-Franse Lourdes, waar al duizenden busladingen met al dan niet bejaarde Europeanen zijn afgeleverd. En dan te bedenken dat ik de ?exotische? Braziliaan ben en Redfield een ?doodgewone? Amerikaan !

Paulo Coelho, Aan de oevers van de Piedra huilde ik. Uit het Portugees vertaald door Piet Jansen, De Arbeiderspers, 1997, 174 blz., 490 fr.