Dit is geen doordeweekse, door kinderhanden snel in elkaar getimmerde boomhut. Wel een gesublimeerde, volwassen versie ervan. Architect Antonino Cascio bouwde zijn woning op bosterrein, ongeveer twintig kilometer van Saint-Paul de Vence. Het terrein werd niet gerooid, niet één boom werd geveld. De woning past als een puzzelstuk in het landschap. De woning staat op palen. Net zoals het terras dat eromheen lijkt te zweven, 100 à 150 centimeter boven de grond, al naargelang van het terrein. Planten en bomen kunnen onverstoord verder groeien. De woning is tegelijk zichtbaar en onzichtbaar. Als een fantoom in een wit laken.
...

Dit is geen doordeweekse, door kinderhanden snel in elkaar getimmerde boomhut. Wel een gesublimeerde, volwassen versie ervan. Architect Antonino Cascio bouwde zijn woning op bosterrein, ongeveer twintig kilometer van Saint-Paul de Vence. Het terrein werd niet gerooid, niet één boom werd geveld. De woning past als een puzzelstuk in het landschap. De woning staat op palen. Net zoals het terras dat eromheen lijkt te zweven, 100 à 150 centimeter boven de grond, al naargelang van het terrein. Planten en bomen kunnen onverstoord verder groeien. De woning is tegelijk zichtbaar en onzichtbaar. Als een fantoom in een wit laken. De façade, aan de noordkant, heeft iets van een pretparkfort. Bezoekers zien niets meer dan een blinde muur (bekleed met latten irokohout) en een houten loopbrug (de herfstbladeren suggereren rustig kabbelend water). Aan het eind van de brug bloeit een boom en achter die boom bevindt zich de voordeur. De hal bevindt zich op de eerste verdieping en geeft rechtstreeks uit op de glazen achtergevel. Een majestueuze houten trap (die onderaan breder is dan boven) leidt naar het leefniveau en, in het verlengde daarvan, achter de enorme vensters, ligt het bos. De woning telt relatief weinig muren. De trap en de vloeren zijn van dezelfde tropische houtsoort als de voorgevel. De achtergevel, naar het zuiden gericht, is geheel uit glas opgetrokken. Die transparantie gomt de grenzen tussen architectuur en natuur. De glazen muur is behalve esthetisch - je voelt je er gemakkelijk een tarzan of een marsupilami - ook functioneel. In de winter, als de bomen kaal zijn en de zon laag staat, wordt het huis vanzelf verwarmd. De zon schijnt dan binnen. Tijdens de zomermaanden houdt de dikke laag lover de zon uit het huis. Ecologisch verantwoorde verwarming en airco, kortom. Spreekt de vrouw des huizes : "We leven in een bioklimatisch huis dat op een passieve manier van de zon profiteert." Ook het zeilvormige, hellende dak is functioneel : bladeren, eikels en dennennaalden blijven niet liggen, maar worden vanzelf door de wind weggeblazen. Eenvoudig, maar je moet er wel aan denken. De zijgevels zijn bedekt met een roodkleurige kalk, een referentie naar de aarde en de rode rotsen in het groen. Een van die scharlaken gevels is naar het interieur doorgetrokken. Af en toe piept ook een boom naar binnen. Aan de Côte d'Azur heeft het onderscheid tussen binnen en buiten weinig zin. Het lange, veeleer smalle zwembad ligt in het houten terras ingebed en lijkt geïnspireerd door de resorts in Zuidoost-Azië. De woning van de Cascio's werd recent gebruikt als decor voor de meubelcatalogus van het Italiaanse merk B&B Italia. Op de foto's zijn de meeste meubelen van B&B Italia. De witte boekenrekken zijn van de alomtegenwoordige Japanse ontwerper Naoto Fukasawa. De zwarte armstoel, de Smoke, is van de jonge Nederlandse designsensatie Maarten Baas (verkrijgbaar bij Moooi, een Nederlandse dochteronderneming van B&B Italia). De witte stoelen onderaan de trap zijn ontworpen door Vincent Van Duysen. En Patricia Urquiola tekende de witte bank die in de woonkamer onder een tropische plant is opgesteld : moderne variant van de klassieke Chesterfield. De architect, Antonino Cascio, is Italiaan (hij is afkomstig van Sicilië). Hij werkt al dertig jaar in Frankrijk (en erbuiten : een van zijn grote projecten is een volledige stadswijk van 85.000 vierkante meter in Amman, Jordanië). Maar van enige Italiaanse invloeden is in zijn boomhut weinig te merken. Het huis is gewoonweg zuiders. Mediterraan, zeg maar. Architectuur is hier ondergeschikt aan het zoete leven, la dolce vita. De architect heeft zijn bureau elders, maar werkt op zijn manier in het huis. "De woning is een ruimte voor reflectie", zegt zijn vrouw. Ze bedoelt daarmee dat haar man er goed kan nadenken. Wat al dan niet door de weerkaatsing van zonnestralen wordt gestimuleerd. "Weet u," zegt ze, "een architect, die houdt nooit op met werken." Alles van waarde is weerloos : het huis van de Cascio's is van hout. In Zuid-Frankrijk, dat elke zomer wordt geteisterd door bosbranden, houdt dat een zeker risico in. De zomers beloven heter te worden, en het risico groter. De architect en zijn gezin zijn zich daarvan bewust. "In het zuiden is het gevaar op bosbranden aanzienlijk. Je bent je daarvan bewust en je leeft ermee. Maar je tracht ook om er niet de hele tijd aan te denken."Door Jesse Brouns