Er waakte een engeltje boven de deur van het huis, dat een speelse vinger voor zijn lippen hield. Het was afgeschilferd en beroofd van zijn vleugels, maar toch onmiskenbaar een engeltje. Of het een cherubijn of een serafijn was, zou ik u niet kunnen vertellen. Zo goed ben ik niet thuis in het rijk der onstoffelijke hemelgeesten. Maar het nam mij helemaal voor het huis in, zoals trouwens ook de open haard en de slaapkamers, de ruime werkplek met zicht op de piepkleine tuin, waarin een nestkastje was opgehangen om de schijn op te houden. De naam van de straat verwees naar een activiteit die mij maar matig interesseerde maar hey, niet iedereen kan in de Vagevuurstraat wonen of in de Hemelsbreedte. Het leek zo'n huis waar een smeedwerkje aan de gevel niet zou misstaan, met daarop in krulletters de w...

Er waakte een engeltje boven de deur van het huis, dat een speelse vinger voor zijn lippen hield. Het was afgeschilferd en beroofd van zijn vleugels, maar toch onmiskenbaar een engeltje. Of het een cherubijn of een serafijn was, zou ik u niet kunnen vertellen. Zo goed ben ik niet thuis in het rijk der onstoffelijke hemelgeesten. Maar het nam mij helemaal voor het huis in, zoals trouwens ook de open haard en de slaapkamers, de ruime werkplek met zicht op de piepkleine tuin, waarin een nestkastje was opgehangen om de schijn op te houden. De naam van de straat verwees naar een activiteit die mij maar matig interesseerde maar hey, niet iedereen kan in de Vagevuurstraat wonen of in de Hemelsbreedte. Het leek zo'n huis waar een smeedwerkje aan de gevel niet zou misstaan, met daarop in krulletters de woorden : Onze Droom. De vrouw van het vastgoedkantoor was een chique verschijning, met een designerhandtas waarvoor de postbode en de onderwijzeres een halve maand hun kas moeten afdraaien. Nu ben ik niet zo heel erg onder de indruk van statussymbolen. Ik beschouw ze veeleer als een contra-indicatie, want de kans is groot dat de sacoche wordt doorgerekend in de winstmarge. "Dit huis is nog degelijk gezet", zei de immodame, en klopte met haar gemanicuurde hand op de schoorsteenmantel als was dat een Brabants trekpaard. "De eigenaars hebben het voor zichzelf gebouwd, niet als opbrengsteigendom. Dat merk je aan de keuze van de materialen." Waarom ze het dan verkochten, wou ik graag weten. Ze trok een spijtig gezicht en zei : "Relatieproblemen." Dat is wat veel kopers graag horen ; de meesten van ons zijn niet te beroerd om zich te verbeteren op andermans miserie. De verkoopster glimlachte en streelde mijn dochtertje van twee over de krullen, zei dat ze zelf een kleinkind had van die leeftijd. De zon viel schuin door de vers gelapte ramen, in de lucht dreven wolken schaapachtig. Daarbuiten zag ik Jip en Janneke, en voorwaar al onze eigen schommel. Nu leef ik al te lang om mij door dergelijke momenten te laten betoveren. Er was ook een onbestemde donkerte en die had te maken met de huurders, die er maar kort gewoond hadden en zich wel erg op de vlakte hielden. De volgende dagen zwierf ik af en toe door de buurt, beducht op dingen die bij ons eerste bezoek aan mijn aandacht ontsnapt waren : pop-uppittatenten, als kerstboom vermomde gsm-antennes of goederentreinen die opdoken vanuit onvermoede hoeken. Ik sprong ook binnen bij de slager op de hoek, een vent met blozende wangen die eruitzag alsof hij zijn varkentjes des ochtends eigenhandig waste. Tussen de fricandon en de paté met appeltjes, polste ik terloops naar het pand dat te koop stond. Een ogenblik lang had ik de indruk dat de slagersvrouw bleek wegtrok. Na een dramatische stilte volgde een verhaal van veengrond en gebrekkige fundamenten. "Dat huis staat te verzakken mijnheer. Barsten zo groot dat je er je vinger in kunt leggen. Een vergiftigd geschenk als u het mij vraagt." "En het ziet er zo keurig uit", nam ik de rol van advocaat van de duivel ter harte. "Een tijdje terug hebben ze alles opgekalefaterd. En geprocedeerd tegen de eigenaars van de aanpalende woonst. Ze beweerden dat het ene huis het andere als een rugzak mee-trok. Maar daar had de rechter geen oren naar." "Erg bedankt", zei ik toen ze mij het rood-met-wit-geruite pakje fijne vleeswaren overhandigde. "Ook voor de merguezworsten." Op weg naar huis liep ik nog eens door de straat en knipoogde naar het engeltje, dat mij onverstoorbaar tot zwijgen aanmaande. Het verwonderde mij dat ik meer opluchting dan verontwaardiging voelde. Blijkbaar kweek je voor dergelijke dingen een soort gewenning, zoals in dat liedje van Leonard Cohen : everybody knows that the dice are loaded. Op den duur verwondert het je als je per abuis nog eens een eerlijk mens tegen het lijf loopt. Wij zoeken voort, naar een droom die niet op drijfzand gebouwd is. jp.mulders@skynet.be Jean-Paul Mulders"De eigenaars hebben het voor zichzelf gebouwd, dat merk je aan de keuze van de materialen"