De verzameling meubilair van het Vitra Design Museum wordt beschouwd als een van de belangrijkste ter wereld. Een selectie eruit - 280 stoelen - staat tot 11 juni tentoongesteld in de gebouwen van het museum in Weil am Rhein, vlakbij grensstad Mulhouse. De presentatie is chronologisch, van 1800 tot vandaag: een bonte aaneenschakeling van stijlen. Karl Friedrich Schinkel, de Berlijnse architect, is een telg van het classicisme; Michael Thonet en John Henry Belter behoren tot de bi...

De verzameling meubilair van het Vitra Design Museum wordt beschouwd als een van de belangrijkste ter wereld. Een selectie eruit - 280 stoelen - staat tot 11 juni tentoongesteld in de gebouwen van het museum in Weil am Rhein, vlakbij grensstad Mulhouse. De presentatie is chronologisch, van 1800 tot vandaag: een bonte aaneenschakeling van stijlen. Karl Friedrich Schinkel, de Berlijnse architect, is een telg van het classicisme; Michael Thonet en John Henry Belter behoren tot de biedermeiertijd; Marcel Breuer, Mart Stam en Hans en Wassili Luckhardt vertegenwoordigen het functionalisme. Uit het midden van de 20ste eeuw zijn stukken geselecteerd van Poul Kjaerholm, Isamu Noguchi, Eero Saarinen, Alvar Aalto en Arne Jacobsen. De recentste stoelen zijn van Jasper Morrison, Ron Arad en Marc Newson. De tentoonstelling, die de ietwat irrelevante naam Obsession! kreeg, mengt industrieel design met unieke, min of meer artisanale stukken, van onder andere Carlo Mollino, Pierre Chareau, Frederick Kiesler, Luigi Colani en Frank O. Gehry. Ander, aanverwant Vitra-nieuws: met de tentoonstelling worden ook zes nieuwe modellen voorgesteld in de miniatuurcollectie van bekende stoelen: de Alu Chair van Charles en Ray Eames, de Antony van Jean Prouvé, de Butaca van Luis Barragan, de tabouret No 861 van Isamu Noguchi, de Little Beaver van Frank O.Gehry en de Tom Vac Chair van Ron Arad. In België onder meer verkrijgbaar bij Plaizier in de Spoormakersstraat in Brussel. (JB)aan het werk!In het Museum of Modern Art van New York staat sinds kort Workspheres geprogrammeerd, een tentoonstelling die is aangekondigd als een onderzoek naar "nieuwe werkconcepten die het individu als vertrekpunt hebben", in de woorden van curator Paola Antonelli. Enkele hoogtepunten: My Soft Office van Hella Jongerius, een tot in de extreme logica doorgetrokken bureau voor thuiswerkers (anders gezegd: een bed met ingebouwde schermen en kussens die ook dienstdoen als luidsprekers). Brian Ferren, een voormalige imagineer bij Disney, presenteert een mobiel kantoor: een update van de goede oude bestelwagen, voorzien van een globaal communicatiesysteem, digitale wereldkaarten, en een telescopische stoel die tien meter de lucht in kan. "Sommige concepten zijn poëtisch," zegt Antonelli in het februarinummer van Wired, "andere zijn meer in de werkelijkheid geankerd." Tot 22 april. In Washington loopt tot 24 juni een tentoonstelling over werken die de andere kant uitkijkt, richting verleden. On the Job: Design and the American Office, in het National Building Museum, schetst de intrigerende geschiedenis van het Amerikaanse kantoor sinds 1900. Wie niet tijdig in Washington geraakt, doet een goede zaak met de aanschaf van de uitstekende cataloog, uitgegeven door Princeton Architectural Press , ISBN 1 56898 241 0. (JB)Jesse Brouns