Het minste dat men kan zeggen, is dat Fiat met de Multipla een herkenbare auto heeft ontworpen, met een wel zeer onconventioneel uiterlijk. Daarnaast is een serieuze poging gedaan om binnen de vier meter lengte zes inzittenden en hun bagage voldoende ruimte te geven - verdeeld over twee rijen stoelen. Geen geringe prestatie als je bedenkt dat in de klassieke monovolume nauwelijks plaats is voor bagage, terwijl wel r...

Het minste dat men kan zeggen, is dat Fiat met de Multipla een herkenbare auto heeft ontworpen, met een wel zeer onconventioneel uiterlijk. Daarnaast is een serieuze poging gedaan om binnen de vier meter lengte zes inzittenden en hun bagage voldoende ruimte te geven - verdeeld over twee rijen stoelen. Geen geringe prestatie als je bedenkt dat in de klassieke monovolume nauwelijks plaats is voor bagage, terwijl wel ruimte wordt voorbehouden voor zeven of acht inzittenden. De vraag of iemand behoefte heeft aan zeven of acht zitjes wordt kennelijk niet gesteld. Wel bij Fiat. En daarom lijkt ons die 2 x 3-opstelling nog zo gek niet, al beschikken de inzittenden niet meteen over zeeën van ruimte. Om precies te zijn: over 47 cm in de breedte. Leg nu even dit blad ter zijde, meet op uw stoel 47 cm uit en veel zal duidelijk worden. Vorstelijk is wat anders, maar toch. Om adem- en heupruimte te garanderen, toverden de ontwerpers een tweede konijn uit de welbekende hoed: het middelste zitje werd iets naar achteren opgesteld zodat de middelste heupen wat meer plaats krijgen. Het eindresultaat is een gezellige zit dicht bijeen, zoals in de Amerikaanse wagens van drie decennia geleden met hun doorlopende voorbank die de gezelligheid in de hand werkte. Sommigen zijn daar helemaal voor, anderen gruwen ervan. Omdat de tijden veranderen, koos Fiat alvast voor zes aparte zitjes, 15 kg licht en dus makkelijk uittilbaar. De non-conformistische vorm van de Multipla zal menig op discretie ingestelde automobilist afschrikken, maar daar liggen ze in Turijn niet wakker van. Fiat-baas Roberto Testore: "We wilden een speciale auto die ik in de eerste plaats als sympatico zou willen omschrijven en die best een heel eigen gezicht mocht meekrijgen." Dat speciale omvat vele ingrepen: bijna verticale ruiten (minder opwarming door de zon), een versnellingspook op het dashboard en een links geplaatste handrem (beide zoals op de Ulysse, voor extra ruimte), hybride versies met alternatieve brandstoffen (aardgas, elektriciteit, maar geen LPG ...), neerklapbare rugleuningen van de middenzitjes die tot een tafeltje worden omgevormd, een space frame, en een dolfijnsnuit (voor een betere zichtbaarheid). Opvallend is het dashboard, dat er eigenlijk geen is en van Citroën-inspiratie zou kunnen zijn: het lijkt nog het meest op een klein ruimtetuig, dat bovenop de middenconsole zit. Pierre Darge