Beweren dat Peter Pilotto een Belgisch merk is, is een loopje nemen met de waarheid. Het label is sinds de twee het samen ontwerpen gevestigd in Londen. Het duo is van afkomst ook maar een kwartje Belgisch. Pilotto heeft een Italiaanse vader en Oostenrijkse moeder. De Vos een Belgische vader en Peruviaanse moeder. Maar de twee studeerden wel aan de Modeacademie in Antwerpen, waar ze elkaar leerden kennen. En ze spreken zelfs een mondje Nederlands. "Niet genoeg voor dit interview", verontschuldigt Pilotto zich, "maar we kunnen ons behelpen. Voor mijn eerste collectie werkte ik samen met twee fabrikanten uit West-Vlaanderen die geen woord Engels spraken. Toen moest het wel in het Nederlands."
...

Beweren dat Peter Pilotto een Belgisch merk is, is een loopje nemen met de waarheid. Het label is sinds de twee het samen ontwerpen gevestigd in Londen. Het duo is van afkomst ook maar een kwartje Belgisch. Pilotto heeft een Italiaanse vader en Oostenrijkse moeder. De Vos een Belgische vader en Peruviaanse moeder. Maar de twee studeerden wel aan de Modeacademie in Antwerpen, waar ze elkaar leerden kennen. En ze spreken zelfs een mondje Nederlands. "Niet genoeg voor dit interview", verontschuldigt Pilotto zich, "maar we kunnen ons behelpen. Voor mijn eerste collectie werkte ik samen met twee fabrikanten uit West-Vlaanderen die geen woord Engels spraken. Toen moest het wel in het Nederlands." "We spreken het niet vaak meer," zegt De Vos, "omdat we nu een eigen kantoor hebben. In ons oude atelier zaten we met al onze medewerkers opeengepakt in één kleine ruimte. Als we dan iets tegen elkaar wilden zeggen dat de rest niet mocht horen, schakelden we over naar het Nederlands. Het is onze geheimtaal." Het interview gaat door in het atelier van Peter Pilotto in Hackney, waar eind juli hard wordt gewerkt aan de collectie voor lente/zomer 2016. Over enkele dagen vertrekken Peter Pilotto en Christopher De Vos op vakantie en de London Fashion Week komt akelig dichtbij. "We hebben nog een maand als we terugkomen", zegt Pilotto. "We leggen nu de laatste hand aan de ontwikkeling van onze materialen, want daar kruipt veel denk- en designwerk in. Vanaf midden augustus brengen we alles samen en werken we in één ruk door tot de avond van de show. Hoe dichter we bij die deadline komen, hoe meer de collectie een realiteit wordt. En dan beginnen we lastminute allerlei dingen toe te voegen. Omdat we een eigen atelier hebben, kunnen we werken tot op het laatste moment." Christopher De Vos : Dat alles sneller zal gaan. Tot nu toe hebben we veel zelf gedaan, zonder financiële hulp. Elk seizoen werden we een beetje groter, maar het ging traag. Om dat ritme op te drijven, heb je kapitaal nodig. Peter Pilotto : We hebben een artistieke opleiding gehad, geen zakelijke. Als ontwerper is het niet simpel om die twee te combineren. Maar we hebben ons gesmeten en dat is jaren goed gegaan. De kapitaalinjectie zorgt ervoor dat we ons meer kunnen concentreren op het ontwerpen en het zakelijke overlaten aan de experts. We hebben nu een marketingmanager en een financieel directeur. Dat zie je ook aan onze laatste collectie. Ik vind het de beste en meest vernieuwende die we al hebben gemaakt. Pilotto : Je hangt als merk niet alleen meer af van wat magazines of kranten over je schrijven, je kunt dankzij sociale media ook rechtstreeks met je klanten communiceren. We zijn volop aan het experimenteren hoe we dat zullen doen. De Vos : Je kunt namelijk niet zomaar iets op Instagram gooien. Want het blijft een manier om jezelf te verkopen. Voor ons is dat heel spannend : we zullen nu heel snel weten wat ze liken en wat ze kopen. Pilotto : Hoe iets eruitziet op foto wordt almaar belangrijker. Vroeger zetten ontwerpers een model voor de spiegel om haar van alle kanten te kunnen bekijken. Tegenwoordig komt daar een iPhone of camera aan te pas. De Vos : Technologie is ook altijd een belangrijk onderdeel van Peter Pilotto geweest. We waren, bijvoorbeeld, een van de eersten die werkten met digitale prints. Die drang naar vernieuwing is wat ons drijft. Pilotto : Onze signatuur is vernieuwing. Acht jaar geleden waren dat digitale prints, vandaag is dat iets anders. We gaan elk seizoen op zoek naar nieuwe of traditionele technieken, die we dan kunnen verdraaien tot iets moderns. De Vos : Wat wij doen heeft veel weg van productdesign. Sinds twee seizoenen zijn we veel meer bezig met het tastbare van kleding en hoe we onze stijl kunnen vertalen in iets wat niet alleen visueel mooi is, maar ook interessant aanvoelt. Het is een evolutie waar wij heel enthousiast over zijn. We doen weer veel dingen voor het eerst, zoals een nieuw materiaal leren kennen en het temmen tot we ermee kunnen werken. De Vos : En dat is raar omdat we in Antwerpen gestudeerd hebben ? (lacht) Mensen associëren Belgische mode vaak met zwart, maar dan vergeten ze ontwerpers als Walter Van Beirendonk en Dries Van Noten. Pilotto : Ik heb pas aan de Academie ontdekt dat ik goed was met kleur. In het begin werkte ik alleen maar met zwart en wit, tot een leerkracht me erop wees dat het niks voor mij was. Christopher is altijd meer bezig geweest met het sculpturale. De combinatie van die twee benaderingen is wat ons zo uniek maakt. Pilotto : We hebben een ongelooflijke tijd beleefd in Antwerpen. Onze beste vrienden zijn de mensen waarmee we gestudeerd hebben. Een van hen werkt nu zelfs voor ons. Ik heb haar net verteld dat jullie hier zijn voor een interview. Het is fijn om je te omringen met mensen die weten hoe het was om daar te zijn, en die deel waren van zo'n belangrijke periode in ons leven. De Vos : We gaan ook minstens één keer per jaar terug om vrienden te bezoeken. Ik denk dat een stukje van ons hart altijd in Antwerpen zal liggen. Deels omdat we hier toch een beetje outsiders zullen blijven. We hebben niet in Londen gestudeerd en dat merken we. De Vos : Een andere aanpak. Het heeft misschien ook met onze persoonlijkheden te maken, maar we zijn heel nauwgezet. Heel hard gefocust op details. Dat wordt in Antwerpen ook aangemoedigd. Daarom is het goed dat we in Londen zitten : het geeft ons de kick die we nodig hebben. Pilotto : Onlangs waren we in Hackney Marshes en het deed me denken aan de haven van Antwerpen. Ik vind de architectuur in België heel interessant. De mix van zoveel stijlen en interessante plaatsen als de haven hebben me altijd gefascineerd. En er zijn leuke antiekwinkeltjes en rommelmarkten. Er is een liefde voor het verleden. Wat ons ook altijd opvalt, is het ritme van de stad. We hebben het gevoel dat alles er trager gaat dan in Londen. De Vos : Telkens als we teruggaan, merken we toch dat er dingen veranderd zijn. Dan zijn we nostalgisch naar de tijd toen we nog studeerden. Pilotto : De straat waar vroeger alle coole winkels waren, ziet er dan ineens heel anders uit. En de coole winkels zitten in een heel andere buurt. Maar zo gaat dat in elke stad. De Vos : Alles verandert hier zo snel. Toen we drie jaar geleden naar Hackney verhuisden, was hier nog niets. Nu gaat er elke week een nieuw restaurant open. Vijftien jaar geleden wilde zelfs niemand tot hier komen. Pilotto : Antwerpen was wat te klein voor ons. Te weinig dynamiek. Maar als ik erover nadenk, hebben we van Londen een beetje ons eigen Antwerpen gemaakt. We blijven altijd in dezelfde buurt. En al onze vrienden wonen op wandelafstand. Pilotto : We wilden eens iets anders proberen. Toen we in 2006 naar Londen verhuisden, was hier veel aan het veranderen. De omstandigheden waren gewoon goed om een merk te beginnen. We hebben van in het begin veel steun ontvangen van de British Fashion Council. De manier waarom zij ons verwelkomd hebben, zegt veel over de spirit van Londen. Ook al hebben we hier niet gestudeerd en zijn we niet Engels. Zij hebben ervoor gezorgd dat we al in ons eerste seizoen konden defileren tijdens London Fashion Week en onze collectie aan de internationale pers konden tonen. Je mag ook niet vergeten dat je hier ook de beste retailers ter wereld vindt, en klanten die naar events gaan waarop ze je kleding kunnen dragen. De Vos : Heb ik dat gezegd ? Ik denk dat ik me altijd heb afgezet tegen wat me omringde. Het is de reden waarom we in Londen gevestigd zijn en waarom onze kleren zo kleurrijk zijn. Die drang om anders te zijn dan de anderen zit nog in mij. Pilotto : Dat is typisch Belgisch, denk ik. Heel onze opleiding draaide om het vinden van een eigen stem. De Vos : Antwerpen heeft ons goed voorbereid op wat zou komen. Het motto daar is : make it happen. Het maakt niet uit hoe, zorg dat je het klaarkrijgt. Dat zijn we nooit verleerd. Pilotto : De werklast aan de Academie was zo groot dat er weinig woorden aan werden vuilgemaakt. Je wist wat er moest gebeuren en daar slaagde je in of niet. In de mode-industrie is het eigenlijk niet anders. De Vos : De buitenlandse stages na mijn studies betaald. Ik heb wat schulden afgelost. En we zijn voor de eerste keer in vijf jaar tijd op vakantie gegaan, naar Sicilië. Toen we nog studeerden hadden we daar geen geld voor. Pilotto : Dat is moeilijk om te zeggen. Ik heb het gevoel dat die constant verandert. We hebben elkaar leren kennen in onze studententijd. Toen pushten we elkaar al om de lat hoger te leggen. Tegen de tijd dat we gingen samenwerken, kenden we elkaar zo goed dat we weleens vergaten dat we niet in elkaars hoofd zitten. Intussen hebben we geleerd om de ander niet meer lastig te vallen met een of ander abstract idee. Het moet verstaanbaar en te visualiseren zijn. Nu ik er zo over nadenk : we zijn het eens over alle belangrijke dingen. En als we het oneens zijn, dan gaat het meestal over iets irrelevants. De Vos : Geen idee, we kijken eigenlijk nooit terug. Ik denk dat dit een heel spannende tijd voor ons is. Pilotto : Er zijn er natuurlijk wel een paar. Binnenraken in de Academie. Ze overleven (lacht). Afstuderen. Naar Londen verhuizen. De eerste bestellingen van goede winkels ontvangen. De Vogue Fashion Fund Award winnen was een hoogtepunt. En deelnemen aan de Pitti (modebeurs in Firenze). Maar het belangrijkste is dus om vooruit te kijken. Pilotto : Lente/zomer 2016. Ik vraag me soms af hoe we elk seizoen de deadline halen. De Vos : Nee (vastberaden). We hebben veel geluk dat we elkaar hebben. Want het is een harde wereld. Geen enkele ontwerper doet dit alleen, er is altijd wel iemand die hem helpt. Wij hebben elkaar. Zo kunnen we de taken onderling verdelen. We pingpongen met verantwoordelijkheden. (pauzeert) We hebben het al goed gehad samen. Door Ellen De Wolf & Portret Filip Van RoePeter Pilotto : "Antwerpen was wat te klein voor ons. Te weinig dynamiek. Maar we hebben van Londen een beetje ons eigen Antwerpen gemaakt" Christopher De Vos : "Ik heb me altijd afgezet tegen wat me omringde. Het is de reden waarom onze kleren zo kleurrijk zijn"