"Het leek mij een leuke manier om nieuw en jong talent uit beide landen voor het voetlicht te halen", zegt Danièle Pollet, de vrouw achter het pr-bureau Media & Cetera. Jonge mensen kansen geven, is iets waar ze vierkant achter gaat staan. Dit keer zocht ze de confrontatie tussen drie Belgische en drie Nederlandse ontwerpers. Interessant, omdat daardoor de verschillen blijken maar vooral ook de kracht van elke ontwerper.
...

"Het leek mij een leuke manier om nieuw en jong talent uit beide landen voor het voetlicht te halen", zegt Danièle Pollet, de vrouw achter het pr-bureau Media & Cetera. Jonge mensen kansen geven, is iets waar ze vierkant achter gaat staan. Dit keer zocht ze de confrontatie tussen drie Belgische en drie Nederlandse ontwerpers. Interessant, omdat daardoor de verschillen blijken maar vooral ook de kracht van elke ontwerper. Xuan-Thu Nguyen is de benjamin van het Nederlandse trio (alle drie studeerden ze af aan het Instituut voor Fashion Management en Design Nontaigne in Amsterdam). Ze is klein en tenger in tegenstelling tot haar ontwerpen, die robuustheid uitstralen. "Ik speel met het thema verborgenheid", zegt ze. "Verbergen is toch de essentie van kleren: ze bedekken het lichaam." Ze plooit stoffen tot ze de vorm hebben die ze wenst: blouses en rokken die alleen de voorkant bedekken, theatrale jurken met een etnisch accent. Geen soepele lijnen, maar een hoekigheid die bevreemdend werkt. Elegantie staat centraal in het werk van Mirjam Bos: "De lijnen van het vrouwelijk lichaam accentueren, daar gaat het om", zegt ze, wijzend naar een rok die de derrière accentueert. Een ontwerp dat naar mijn mening veel durf vraagt om te dragen, of weinig achterwerk. Bos gebruikt soepele stoffen en vloeiende lijnen. Een zorgvuldig geplaatste vouw of een asymmetrische sluiting zorgen voor de accenten. Meest intrigerend is de collectie van Aico Dinkla: "Tweedehands kleren vormen mijn uitgangspunt. Daarmee ga ik experimenteren." In wezen herschept hij bestaande jurken en blouses; hij geeft ze een coating, bewerkt ze met siliconen en andere chemische materialen. Het resultaat is een zeer futuristische collectie met een hoog plasticgehalte, die tegelijk afstoot en aantrekt. Ellen Verbeek ontwerpt tassen en is een beetje de vreemde eend in de bijt. Met haar nieuwe collectie zoekt ze verder op de reeds ingeslagen weg: "De vormen gaan steeds meer aansluiten bij het lichaam", wijst ze. "Ik blijf zoeken op het draagcomfort. Niets is zo erg als een tas waar je eigenlijk geen blijf mee weet of die voortdurend van je arm glijdt." De meeste modellen zijn multidraagbaar (aan de schouder, rond de taille) en zo gevormd dat je er altijd makkelijk bij kan. Ook al een buitenbeentje is Mademoiselle Lucien, een naam waarachter twee creatieve geesten schuilgaan. Laurent Uyttersprot en Pascal Di Pietro Martinelli hebben een absolute voorkeur voor oude materialen als brokaat en zijde. Het beïnvloedt hun ontwerpen, die een sfeer van oeroude degelijkheid uitstralen. "Deze zomer starten we ook met een beperkte jeanscollectie, met rokken en jasjes, heel draagbaar en comfortabel", zegt Laurent. En last but not least werd aan Belgische zijde Asniv Afsar (zie interview pagina 74) voorgesteld, een van onze talentvolste jonge designers. Haar ontwerpen, met hun bestudeerde snit, zijn bedrieglijk eenvoudig, maar het zijn de details die het verschil maken: een aparte zak, een bijzonder kraagje, een speciale stof. De match? Die eindigde in een verdiend gelijkspel.Media & Cetera, Tel. 03/233.08.68.Hilde Verbiest