Michael Nyman is een controversiële figuur in het klassieke wereldje. Omdat hij bewust een cross-over-publiek probeert te bereiken, en daar aan de verkoopcijfers van zijn cd's te zien nog in slaagt ook, wordt hij uitgespuwd door het establishment. Dilettantisme kan hem nochtans niet verweten worden. Hij studeerde piano, klavecimbel, muziekgeschiedenis en compositieleer aan King's College en aan de Royal Academy. Hoewel hij op dat moment al wat composities op zijn naam heeft, besluit hij in 1964...

Michael Nyman is een controversiële figuur in het klassieke wereldje. Omdat hij bewust een cross-over-publiek probeert te bereiken, en daar aan de verkoopcijfers van zijn cd's te zien nog in slaagt ook, wordt hij uitgespuwd door het establishment. Dilettantisme kan hem nochtans niet verweten worden. Hij studeerde piano, klavecimbel, muziekgeschiedenis en compositieleer aan King's College en aan de Royal Academy. Hoewel hij op dat moment al wat composities op zijn naam heeft, besluit hij in 1964 voltijds musicoloog te worden : hij geeft Purcell en Händel uit, doet in Roemenië research naar volksmuziek en recenseert voor de bladen The Gramophone, New Statesman en Spectator. Het is in die hoedanigheid dat Nyman de term minimalisme uitvindt. In '68 laat hij het woord voor het eerst vallen in een bespreking van The Great Digest van Cornelius Cardews. Wanneer in datzelfde jaar een BBC-uitzending van Steve Reichs Come Out hem emotioneel pakt, wordt de honger om zelf te componeren opnieuw aangescherpt. In '76 arrangeert hij achttiende-eeuwse Venetiaanse songs voor Carlo Goldoni's Il Campiello. Het luide, onversterkte straatorkest dat hij daarvoor samenstelt, legt de kiem voor zijn Michael Nyman Band. Dat gezelschap fungeert als een lab voor zijn ritmische ensemblewerk, waarin zijn eigen stuwende pianospel tot handelsmerk uitgroeit. The Draughtsman's Contract luidt in '82 een vruchtbaar verbond met filmregisseur Peter Greenaway in. Zo verzorgt hij voor hem ook nog de scores van onder meer The Cook, the Thief, his Wife and her Lover en Prospero's Books. De muziek die hij in '92 voor The Piano van Jane Campion schrijft, betekent zijn commerciële doorbraak. Maar liefst 2,3 miljoen exemplaren van deze soundtrack gaan wereldwijd over de toonbank. Met het door Danny DeVito geproduceerde SF-drama Gattaca haalt hij zijn eerste Hollywood-opdracht binnen. In '98 slaat hij met rocker Damon Albarn ( Blur, Gorillaz) de handen in elkaar voor Ravenous. Verder componeert hij het libretto The Man who mistook his Wife for a Hat (geïnspireerd op een verhaal van neuroloog/auteur Oliver Sacks) en de muziek voor The Fall of Icarus, een ballet van het Brusselse Le Plan K. Wat hem door klassieke puristen niet in dank wordt afgenomen, is dat Nyman allerminst ongevoelig is voor voorstellen uit commerciële hoek : hij leverde muziek aan modeshows en computergames en liet zich enkele jaren geleden royaal door autofabrikant Mazda UK betalen voor een concerto naar aanleiding van de lancering van het nieuwe model 121. Als supporter van Queens Park Rangers zet hij ook graag zijn tanden in een conceptalbum over voetbal ( After Extra Time) en mag de BBC hem altijd bellen als een reportage over de nationale ploeg wat streepjes muziek nodig heeft. In 2000 realiseert de man, die tegenwoordig in de Pyreneeën leeft, de opera Facing Goya. Peter Van Dyck