Sinds 1994 is koffie niet langer de grootste bron van inkomsten van Costa Rica, wel het toerisme. Jaarlijks krijgt het bezoek van meer dan één miljoen avonturiers en biologen, ecologisten, birdwatchers en milieuspecialisten uit de hele wereld.
...

Sinds 1994 is koffie niet langer de grootste bron van inkomsten van Costa Rica, wel het toerisme. Jaarlijks krijgt het bezoek van meer dan één miljoen avonturiers en biologen, ecologisten, birdwatchers en milieuspecialisten uit de hele wereld. Het Centraal-Amerikaanse land tussen Nicaragua en Panama is klein, democratisch en vredig. Meer dan een kwart van de oppervlakte van Costa Rica is beschermd nationaal park en een paradijs voor natuurliefhebbers. Door de geografische verscheidenheid - dichte jungles, gedoofde en actieve vulkanen, oceanen met zwarte en witte stranden en bergtoppen tot vierduizend meter hoog - lijkt dit land veel groter dan het is : niet meer dan ongeveer twee derde van België. Het telt vier miljoen inwoners van wie ongeveer de helft in de centrale vallei woont, in en rond de rommelige hoofdstad San José. Costa Rica beantwoordt niet aan de clichés van derdewereldland. Ook de bevolking ziet er veeleer Europees uit dan Zuid-Amerikaans. In tegenstelling tot andere landen in Centraal-Amerika bouwde Costa Rica een relatief welstellende en gelijke maatschappij op. De economie is er ver van perfect, maar het klimaat is er ideaal en de levensstandaard relatief hoog. De levensverwachting steeg naar 76 jaar, de alfabetiseringsgraad naar 96 procent, de gemiddelde Costaricaan heeft een jaarlijks inkomen van 4000 US dollar ( ter vergelijking : 430 dollar in buurland Nicaragua), drinkbaar water en elektriciteit. Die welvaart heeft het land ook te danken aan enkele vooruitziende en idealistische presidenten. Guardia Calderón was president van 1940 tot '44 maar had voordien gestudeerd aan de Leuvense universiteit en heeft de Belgische sociale voorzieningen en arbeidswetgeving in Costa Rica ingevoerd. Zijn opvolger, Don Pepe Figueres, deed er nog een schepje bovenop : in 1949 schafte hij het leger af omdat hij het geld liever besteedde aan voorzieningen voor het volk : bereikbaar, verplicht en gratis onderwijs voor àlle kinderen, een toegankelijke gezondheidszorg, elektriciteit tot in de uithoeken van het land. De reputatie van Costa Rica als stabiel en vredig land werd nog versterkt door president Oscar Arias die in '86 de Nobelprijs voor de vrede kreeg door de besprekingen die hij voerde om rust te brengen in de buurlanden Nicaragua, Honduras en El Salvador. Costa Rica heet niet voor niets het Zwitserland van Centraal-Amerika, en niet alleen vanwege de hoogte van de bergen... Tekst Griet Schrauwen