De mode lijdt aan vetzucht. Er is van alles te veel : kleren, fashion weeks, shows, winkels. Ontwerpers raken ontspoord, het hoge werkritme zou nefast zijn voor hun creativiteit. Belangrijker nog : op enkele diehards na kunnen ook de consumenten niet meer volgen. Ze zijn verzadigd. En verward. Bedolven onder een permanente lawine van nieuwe kleren. Van de winkelstraatketens, maar ook van de luxelabels tijdens de modeweken.
...

De mode lijdt aan vetzucht. Er is van alles te veel : kleren, fashion weeks, shows, winkels. Ontwerpers raken ontspoord, het hoge werkritme zou nefast zijn voor hun creativiteit. Belangrijker nog : op enkele diehards na kunnen ook de consumenten niet meer volgen. Ze zijn verzadigd. En verward. Bedolven onder een permanente lawine van nieuwe kleren. Van de winkelstraatketens, maar ook van de luxelabels tijdens de modeweken. Een jasje met beperkte houdbaarheids- datum van 30 euro is misschien niet ethisch en ecologisch correct, maar wel verleidelijk. Een jasje van 3000 euro waarmee je drie maanden na aankoop niet meer buiten durft - want so last season -kan gerust obsceen worden genoemd. De nieuwe generatie fashionista's zou bovendien ongeduldig zijn. Het duurt doorgaans bijna een half jaar voor kleren de transitie maken van catwalk naar winkelrek. En van Instagram naar kleerkast. De jeugd, zo redeneert het textielestablishment, wil alles onmiddellijk. De muziekindustrie heeft bijna zelfmoord gepleegd toen het de digitale revolutie de kop wilde indrukken. De mode staat open voor verandering. Maar wat er dan precies anders moet, was tijdens de recente modeweken nooit echt duidelijk. Het was een chaotisch seizoen, te beginnen met Saint Laurent, dat voor één keer van Parijs naar Los Angeles verkaste, en daar kort voor de Academy Awards een halve collectie toonde, voor mannen en vrouwen. In New York verzaakte Diane von Furstenberg aan de traditionele catwalk en presenteerde haar nieuwe collectie in haar hoofdkwartier. Von Furstenberg is voorzitter van CFDA, de vereniging van Amerikaanse ontwerpers, die openstaat voor ingrijpende veranderingen in de modeweken. Iets gelijkaardigs deed zich voor in Londen, waar Burberry een nieuwe strategie implementeert : twee shows per jaar in plaats van vier, met kleren die meteen verkrijgbaar zijn. See now, buy now. De shows van Burberry zijn, kortom, niet langer professionele momenten, maar entertainment voor de massa. Net als het megaspektakel dat Kanye West in New York hield voor de reveal van zijn capsulecollectie bij Adidas ('Yeezy Season 3') én van zijn nieuwe plaat : het publiek kon daar zowaar kaartjes voor kopen. De organisatoren van de modeweken van Milaan en Parijs zijn minder gewonnen voor vernieuwing dan de Amerikanen en de Britten. Creatieve mode vergt tijd, luidt het. En bombast is echt niet chic. De shows van Karl Lagerfeld in het Grand Palais hebben traditiegetrouw een hoog Cecil B. DeMille-gehalte, met duizenden toeschouwers en duizelingwekkende decors. Dit keer mocht iedereen op de eerste rij. Resultaat : de grootste front row aller tijden, voer voor het Guinness Book of Records. Ook bij Givenchy zat iedereen op de eerste rij. Het merk bouwde een labyrint waarin de gasten verstopt zaten achter hoge houten muren. De modellen, in fonkelende, oud-Egyptische sportswear, liepen soms verloren, en de hele show eindigde in absolute chaos. Vêtements streek neer in een Amerikaanse kerk in de dure Avenue George V : het undergroundmerk van weleer is in geen tijd mainstream geworden, met Demna Gvsalia de ontwerper die hier en daar wordt gezien als de redder van de mode. Ook hij gaf iedereen een plek op de eerste rij. Gvasalia's debuut voor Balenciaga, waar hij in de voetsporen treedt van Nicolas Ghesquière en Alexander Wang, geldt als een van de belangrijkste shows van het seizoen, allicht terecht. De Belgische pers was niet uitgenodigd bij Balenciaga, en de livestream kampte met technologische problemen. Saint Laurent verwelkomde 140 invitees in zijn couturesalons, ongeveer drie keer minder dan in de oude markthallen van Le Carreau du Temple, waar het merk de voorbije seizoenen de tenten neerzette, en ongeveer tien keer minder dan Chanel. Paul Smith gidste ons in persoon door zijn showroom, Koché liet insiders en buitenstaanders toe op haar standing room only-defilé in een sjofele overdekte passage (streetwear meets couture), en Iris Van Herpen ontving ons en Anna Wintour in een kelder in Belleville. De Nederlandse ontwerpster plaatste haar dansende modellen in futuristische jurken achter optische schermen met een vervormend, dromerig effect. Het zag er allemaal bijzonder spectaculair uit op Instagram. Maar je moest er tegelijk ook bij zijn geweest. En dan hebben we het niet eens gehad over, onder anderen, Dries Van Noten, Sacai of Véronique Leroy. Het modesysteem ligt misschien op apegapen, maar de mode stelt het goed. Door Jesse Brouns & Ellen De Wolf