"Ik verbijt mijn opgestapelde woede. Nog even volhouden, ze is bijna weg. Over een paar minuten kan ik weer ademhalen. Eigenlijk moet ik haar nu vermanend toespreken, maar ik breng het niet meer op. 'Dag, ik ben weg. Wel thuisblijven, hè ? Je bent toch wel thuis als ik terugkom ?' Ik heb zin om even olie op het vuur te gooien en te zeggen dat ik dat nog niet weet, maar ik doe het niet. De komende tweeënhalf uur zijn van mij. Van mij alleen."
...