Jonge wijn proeven, en zeker in primeurversie, is behoorlijk moeilijk. De Franse slag om wijnen te loven om hun bloemen- en fruitassociaties gaat niet op, want die accenten veranderen in dit stadium elke dag. Wat niet verandert, is de wijnstructuur. De manier waarop frisheid, alcohol, fruit en bitterheid zich onderling verhouden en hoe ze evolueren in de mond. Alles moet goed samenblijven van in het begin (de attack of de aanspraak) over het smaakmiddengebied tot en met het einde (de afdronk). De vaakst voorkomende structuurfouten zijn : een charmerende maar niet volgehouden aanspraak, een holte in het middengebied en een te bittere afdronk. Dergelijke onevenwichten komen nooit meer goed, ze worden alleen maar erger.
...

Jonge wijn proeven, en zeker in primeurversie, is behoorlijk moeilijk. De Franse slag om wijnen te loven om hun bloemen- en fruitassociaties gaat niet op, want die accenten veranderen in dit stadium elke dag. Wat niet verandert, is de wijnstructuur. De manier waarop frisheid, alcohol, fruit en bitterheid zich onderling verhouden en hoe ze evolueren in de mond. Alles moet goed samenblijven van in het begin (de attack of de aanspraak) over het smaakmiddengebied tot en met het einde (de afdronk). De vaakst voorkomende structuurfouten zijn : een charmerende maar niet volgehouden aanspraak, een holte in het middengebied en een te bittere afdronk. Dergelijke onevenwichten komen nooit meer goed, ze worden alleen maar erger. De 2010-wijnen werden al dagenlang aangekondigd als bitterbeladen, alcoholrijk en voorzien van expliciete frisse zuren. Bij het proeven ervan moet men dus letten, niet op de hoeveelheden, maar op de onderlinge verhouding. Verder moet de bitterheid 'smakelijk' zijn ( tannins savoureux), het fruit rijp en diep, een garantie voor latere finesse. Maar zeker niet overrijp en de zuurheid moet fris en levendig smaken. Als men een evenwichtige samenstelling treft én een evenwichtige dynamische sequens in de mond én dat alles nog van hoge kwaliteit, dan mag men spreken van grote wijn. Zelfs in het primeurstadium.Net voor de primeurweek proeven we al de wijnen van La Grappe, de consultgroep van Stéphane Derenoncourt. Hier is eenheid in wijnmakersopvattingen (respect voor fruit) over veel appellations. Op de uitnodiging vinden we een korte beschrijving van het wijnjaar : "Na een koude winter komt de wijngaard in 2010 maar traag op gang. April en mei blijven fris en de wijnstok groeit volkomen evenwichtig verder. Door de lage temperatuur verloopt de bloemzetting wat gebrekkig met veel coulure waardoor het volume van de oogst op een gunstige manier beperkt wordt. Een warme en droge augustus brengt op de normaal groeiende planten weinig schimmelgevaar. Een zacht en droog naseizoen laat de lange rijpingscyclus van de druiven zijn gang gaan." Stéphane Derenoncourt : "De 2010 voert een andere stijl dan de 2009. De zuurheid, die frisheid brengt, is meer present (met lagere pH-waarden) en het aromatische palet is frisser, maar ook minder exotisch. De bitterheid en de alcohol zijn wat uitgesprokener dan in 2009 en we staan voor wijnen die heel goed en lang zullen bewaren, maar met wat minder sexappeal in hun jeugd. Aan de Médoczijde is er, zoals verleden jaar, een beter evenwicht met wat minder alcohol. Het jaar 2010 heeft meer weg van 2005 dan van 2009. Ik verkies 2010 boven 2009 om zijn meer expliciete frisheid." Een andere visie van Alexandre Thienpont (Le Vieux Château Certan) : "2010 is wat strakker, mannelijker, terwijl 2009 zachter is en suave, kortom vrouwelijker. De 2009 stijgt wat naar het hoofd : de alcohol maakt de wijnen rijk en wat decadent overvloedig. De 2010 is even rijk in alcohol, maar de krachtige bitterstructuur en de inherente frisheid geven de wijnen dat typische bordeauxkarakter." Bij de voorproeverij van de wijnen waarvoor Stéphane Derenoncourt als consultant optreedt, valt het op hoe goed de 'kleintjes' het doen. Nog nooit zijn wijnen van Bordeaux Supérieur of de Côtes zo goed geweest. Diepe kleur, fijn diep fruit en een frisse fruitige smaak in de mond. Chateau Villemaurine, Domaine de Courteillac, Ch. Jean Faux, Ch. L'Isle Fort, Ch. Le Pin Beausoleil, Ch. Gree-Laroque, Ch. Vrai Canon Bouché, Ch. Monestier La Tour, Ch. Côte Montpezat, Ch. La Croix Lartigue, Domaine de l'A, Ch. Brown, Ch. Haut Nouchet en Ch. Preuillac zijn van dit ongemeen aantrekkelijke type. De meeste grote zijn heel goed. Maar opvallend zijn : Ch. Prieuré Lichine, Ch. Poujeaux, Ch. Petit Village, Ch. Canon La Gaffelière, Ch. Larcisse Ducasse, Ch. Pavie Macquin, Ch. La Gaffelière, Clos Fourtet en La Mondotte. De primeurweek van Bordeaux, jaarlijks georganiseerd door de Union des Grands Crus, is een triomf van marketing, maar ook van manipulatie. Het jaar wordt telkens als 'uitzonderlijk' aangekondigd en de meer dan vijfhonderd professionals uit de handel en honderd persmensen worden al proevend voorbereid op prijsstijgingen. Vorig jaar sprak men terecht van een wonderjaar, nu komt er met de 2010 weer een uitzonderlijk jaar en er is wat aarzeling om nog maar eens "jaar van de eeuw" boven te halen. Maar het zal toch gebeuren, zij het wat moderato. En de prijzen zullen zeker niet dalen : de vraag drukt op een beperkte hoeveelheid. Boven het feest dreigen echter drie wolken. De klimaatopwarming brengt Bordeaux in de problemen. De Bordeauxse klimaatzone zal weldra niet meer afgestemd zijn op de druivensoorten cabernet en merlot. Tegen 2050 verwachten wetenschappers een temperatuurstijging met gemiddeld 2,4 graden. Het rijpingsmoment zou daardoor 40 dagen vroeger vallen dan vandaag. Technologisch zou men de ondergang nog kunnen uitstellen door de watertoevoer bij te sturen of door op de onderstammen in te werken. Men kan nu al het suiker- en zuurgehalte van de druiven in situ meten met infraroodspectroscopie, men zou druifjes kunnen triëren in een densitometrisch bad, men zou met fysische methoden de suiker uit het sap of de alcohol gedeeltelijk uit de wijn kunnen weghalen. Maar een pasklaar antwoord is er nog niet. Een tweede schaduw. Het imago van Bordeaux blijft verbonden met de Grands Crus, ook al staan die voor hooguit tien procent van de totale wijngaard. Bij de overige eigendommen lijden de kleine eigenaars honger. Een kwart van de wijnbouwers werkt met verlies. De prijs van een tonneau (vier barriques of 900 liter onverpakte wijn) is met acht procent gedaald, in sommige AOC's zelfs met twintig procent, terwijl de productiekosten stijgen. Volgens de betrouwbare Bordeauxse handelskamer bedraagt de prijs bij de helft van de transacties in bulk minder dan 800 euro voor een tonneau, of niet eens één euro per liter, onvoldoende om ervan te blijven leven. Bij de kleine eigenaars vormen zich revoltecomités die actie overwegen tegen hun eigen beroepsvereniging en tegen supermarkten. Ze voerden al actie tegen Leclerc, dat onlangs bordeauxwijn verkocht tegen 1,32 euro per fles. En dan is er nog de derde bedreiging : de speculatie. De prijs van de Grands Crus is op de open markt in vijf jaar tijd gestegen met wel 28 procent. Het nec plus ultra is Lafite Rothschild 1982, die verviervoudigd is in prijs tot 3500 euro voor één fles, Latour is 'maar' gestegen met 160 procent, tot 1200 euro. Voor een lege fles met het Lafite-etiket er nog op wordt op de zwarte markt in China 1000 euro gegeven. Het is vooral in China en Hongkong dat deze gekke prijzen geboden worden, vooral voor de 1982 en de 2000. Maar er is natuurlijk ook speculatieve druk op de prijs van de recente wijn : 2009 en binnenkort 2010 leiden in China en Hongkong tot een ongewone dorst. De uitvoer van bordeaux steeg spectaculair naar China en Hongkong : 67 procent in volume en 121 procent in waarde. Toch is Europa nog goed voor de helft van de bordeauxexport, Azië voor 28 procent en Amerika voor 11 procent. De landenlijst toont ook dat Azië 'duur' koopt. In volume komt Duitsland met 15 procent op de eerste plaats, gevolgd door China met 13 procent en België met 12,5 procent. In waarde echter komt Hongkong op één (17 procent), voor Engeland (15) en China (11). Op wat aarzeling bij de bloem- en vruchtzetting van de merlot na was het klimaat 2010 gunstig gezind. De warme, droge juli dwong de planten om met bladzetting te stoppen ten voordele van de vruchten. De droge maar niet te warme augustus en september brachten volledige rijpheid bij alle druivensoorten en ook gedurende de oogstmaand was het weer warm en droog, waardoor men risicoloos kon wachten op optimale rijpheid perceel per perceel. Maar Denis Dubourdieu van de wijnbouwfaculteit bracht een kanttekening bij zijn klimaatsoverzicht. Er zijn twee stijlen van merlotwijn, een van extreme integrale extractie en deze van partiële selectieve extractie. De eerste brengt pikzwarte wijnen met een hoge alcoholische aanspraak, een enome bittercharge en een weggedrukte fruitbasis : een wat gigantische, maar verbrokkelde, Californische stijl. De tweede gaat voor een open zachte kleur, expliciet zwart fruit en een ingebouwde smakelijke bitterheid, alles mooi samen geknoopt : een zachte aanspraak, een compleet en gevuld middengebied en een zijdeachtige finale. Denis Dubourdieu : "Men moet niet alles uit de druif in de wijn willen brengen, enkel het beste..." Type één, de gigant, moet verworpen worden omdat de geweldige componenten van bitter, zuur en alcohol samen geen structuur vormen, nu niet, en in de toekomst niet. Dit heeft belangrijke gevolgen. Rijpe merlot is gevoeliger dan rijpe cabernet voor dit gigantisme. Traditioneel lopen grote wijnen van excellente percelen ook meer risico. 2010 is dus het jaar van de cabernet, de Medoczijde van de stroom en van de 'kleintjes'. Bij de wijnen van La Grappe, die allemaal zachtaardig met respect voor het fruit gemaakt worden, is dit opvallend. De grote zijn goed, de kleintjes excellent. Met Cheval Blanc 2010 zijn we in goed gezelschap : hij is uitgesproken van het frisse zachte type : een zachtrode kleur, een presente neus met stevig zwart fruit en een perfect geknoopte lengte met structuurtannines. Een grote wonderlijke wijn. Bij Perse is het ook goed te constateren : zijn Clos les Lunelles, een Côtes de Bordeaux en de Monbousquet, een Saint-Emilion zijn goed, de grote zoals Pavie Decesse, Bellevue Mondotte en Pavie zelf zijn verbrokkeld. DOOR HERWIG VAN HOVE - ILLUSTRATIE JEAN-MICHEL MEYERSVOOR EEN FLES MET ETIKET VAN LAFITE ROTHSCHILD WORDT OP DE ZWARTE MARKT IN CHINA 1000 EURO GEGEVEN. VOOR EEN LEGE FLES! DENIS DUBOURDIEU : "MEN MOET NIET ALLES UIT DE DRUIF IN DE WIJN WILLEN BRENGEN, ENKEL HET BESTE."