:: Château de la Cour des Prés, F-8290 Rumigny, +33 324 35 52 66, la-cour-des-pres@laposte.net
...

:: Château de la Cour des Prés, F-8290 Rumigny, +33 324 35 52 66, la-cour-des-pres@laposte.net De Thiérache is niet zo'n bekende regio in Vlaanderen, hoewel die eigenlijk het vervolg op de Belgische Ardennen vormt, ten zuiden van de provincie Namen. Het is een lieflijke streek met zachte glooiingen, versterkte kerkjes en onvermoede tradities. Philippe Avril, de vriendelijke eigenaar van het Château de la Cour des Prés, mag terugkijken op een onwaarschijnlijke traditie : het kasteel dat hij bewoont, is sinds bijna vijf eeuwen in het bezit van zijn schoonfamilie. Het werd in 1546 opgetrokken, al moest een deel van de grachten tijdens de Franse Revolutie gedempt worden, en ging toen ook de donjon tegen de vlakte. In de Eerste Wereldoorlog werd een gedeelte opgeblazen, tijdens de tweede wereldbrand was er een kamp voor Arabische gevangenen gevestigd. En toch is het kasteel met zijn binnenkoer, zijn tuin en zijn slotgracht een schitterend kleinood gebleven, ook al is het verval her en der ingetreden. Om zijn patrimonium in stand te houden laat de kasteelheer in het weekend bezoekers toe, en verhuurt hij twee kamers aan gasten. De mooiste is de gelijkvloerse SuiteRomantique met het hemelbed, crèmekleurige lambrisering en de zithoek. Zelf verbleven we op de eerste verdieping in de roze SecondEmpire-kamer, die een flink stuk kleiner uitvalt maar wel een prachtig lit bateau heeft, oude kasten en meubilair, en op de schouw een foto van een De Dion Bouton uit 1904 met aan boord de familie van grootvader, klaar om in 1910 van Parijs naar Wenen te rijden. In een van de kasten zitten een wastafel en een heuse douche verwerkt, een werk van Philippes schoonmoeder, die fraaie doeken schilderde en een farceuse was. Er staat ook een lelijk maar efficiënt elektrisch vuurtje. Jammer genoeg is er geen toilet op de kamer : daarvoor moet men de ijskoude GaleriedesAncêtres oversteken, waar tientallen oude portretten van familieleden de muren sieren. De kans dat men daarbij iemand tegen het lijf loopt, is nagenoeg onbestaande. De gastheer woont beneden, net zoals de andere logés. De empirekamer kan gekoppeld worden aan de aangrenzende kleine en intieme Louis XV-kamer, waar de EaudeNil-kleur overheerst. Het ontbijt wordt in het grote salon op de benedenverdieping geserveerd, waar de gastheer de monumentale haard heeft aangemaakt en tussen vers brood, croissants en confituur twee elektrische kandelaars op de tafel voor veertien heeft gezet. Terwijl een kokosmat de ergste koude uit de vloer probeert op te vangen. Het Château de la Cour des Prés verhuurt een tweepersoonskamer voor 65 euro en een suite voor 70 euro, beide inclusief ontbijten. Tekst Pierre Darge