Ooit erfden we een groot servies, twaalfdelig en met heel wat vormstukken, zoals sausboten en terrines. Hoe oud en waardevol is het ?

We kunnen het aan de hand van de merktekens op de achterzijde goed thuiswijzen. Het servies werd omstreeks 1880 vervaardigd door fabrikant Regout in Maastricht. Wie in deze stad het Bonnefantenmuseum bezoekt, ontsnapt niet aan de familie Regout. Het museum staat trouwens op de plek waar hun ceramiekfabriek ooit draaide en huisvest er ook een hele collectie van. De familie vestigde zich in de zeventiende eeuw in de Maasstad en dreef er decennialang handel in glas, porselein en gleisw...

We kunnen het aan de hand van de merktekens op de achterzijde goed thuiswijzen. Het servies werd omstreeks 1880 vervaardigd door fabrikant Regout in Maastricht. Wie in deze stad het Bonnefantenmuseum bezoekt, ontsnapt niet aan de familie Regout. Het museum staat trouwens op de plek waar hun ceramiekfabriek ooit draaide en huisvest er ook een hele collectie van. De familie vestigde zich in de zeventiende eeuw in de Maasstad en dreef er decennialang handel in glas, porselein en gleiswerk. Zoals wel meer gebeurde, begonnen de handelaren op een dag ook zelf te fabriceren. De beroemdste telg uit het geslacht, Petrus Regout (1801-'78) begon met een glasslijperij en startte in 1836 een ceramiekbedrijf. Terwijl de traditionele aardewerkfabrieken van Delft en Friesland een na een de deuren sloten, door de import van goedkoop industrieel vaatwerk uit Engeland, hield Regout het hoofd boven water. Meer nog, zijn bedrijf werd vanaf 1851 dé ceramiekfabriek van Nederland en voerde ook uit, onder meer naar België. Hoe dat kon ligt voor de hand. Regout kopieerde de Engelse ceramiek en werkte eveneens op industriële basis. Alles werd in een mal gevormd en voorzien van drukdecors. Er was nog veel handwerk nodig om zijn serviesgoed te produceren, maar al minder dan voor traditionele ceramiek. In de tweede helft van de negentiende eeuw bloeide het bedrijf als nooit tevoren, Maastricht werd een heuse ceramiekstad. Daar was Petrus Regout niet alleen verantwoordelijk voor. In 1854 kreeg hij een eerste concurrent die tot 1866 stand hield. Maar in 1863 werd een fortuinlijker concurrent opgericht, de Société Céramique die net zo'n reus werd als Regout. In 1958 werden beide fabrieken gefusioneerd tot De Sfinx, een benaming die het bedrijf Regout in 1883 al had geregistreerd. Voor meer details hierover en het uitgebreide verhaal van Nederlands eerste grootindustrieel verwijzen we naar het net (o.a. www.verenigingmaastrichtsaardewerk.nl). Daar merk je dat deze ceramiek in Nederland druk wordt verzameld en verhandeld. De prijzen durven wel eens de pan uitswingen, in tegenstelling tot bij ons, waar dit soort negentiende-eeuws gleiswerk betaalbaar blijft. Dit servies met een mille fleurs-decor is dus meer dan een eeuw oud. Het is redelijk zeldzaam en behoorde ook destijds tot de duurdere klasse, omdat het drukdecor gehoogd werd met een rode penseelstreek. We schatten de waarde van uw servies, weliswaar onvolledig, indien gaaf, op 250 euro. Ten slotte merken we nog op dat er voor de liefhebbers in Maastricht een Regoutwandeling bestaat, die je langs de musea en tal van monumenten leidt. Piet Swimberghe