Of ik een gekoeld doekje wenste, vroeg de chauffeur in livrei. Witte handschoenen droeg hij, het doekje presenteerde hij met een zilveren tang. Kon ik dat zomaar met de blote hand aannemen eigenlijk ? Ter verduidelijking : wij bevonden ons in een limousine van een bekend Duits merk. Een zwarte en niet stretch, dat is voor wannabe's. Of ik sparkling water prefereerde of still, wilde de man onder de kepi vervolgens weten. En welke muziek ik verkoos om de rit van de luchthaven naar Central Hong Kong te veraangenamen. Hij over...

Of ik een gekoeld doekje wenste, vroeg de chauffeur in livrei. Witte handschoenen droeg hij, het doekje presenteerde hij met een zilveren tang. Kon ik dat zomaar met de blote hand aannemen eigenlijk ? Ter verduidelijking : wij bevonden ons in een limousine van een bekend Duits merk. Een zwarte en niet stretch, dat is voor wannabe's. Of ik sparkling water prefereerde of still, wilde de man onder de kepi vervolgens weten. En welke muziek ik verkoos om de rit van de luchthaven naar Central Hong Kong te veraangenamen. Hij overhandigde mij een keurig in leer gevat lijstje : Michael Bublé, Vanessa Mae, Jamie Blunt, Andrea Bocelli. Easy listening voor terminale jetlagpatiënten. Weet je wat, doe mij maar een streepje Miles Davis. Perfect gekoeld, gehydrateerd en op de klanken van Autumn Leaves zoefden we de imponerende skyline van glas en staal tegemoet. Schandalig boven je stand leven zonder dat het pijn doet in de portemonnee, het is één van de randvoordelen van de lifestylejournalist. Niet dat het alle dagen bubbels en kaviaar is, maar kom, als het moet, dan moet het. Iemand moet zich opofferen nietwaar. Kwestie is van het met een zekere zwier te doen. En kijk, daar wringt bij mij het schoentje. Moeite om het gezicht in de juiste plooi te houden. Om niet in ondamesachtig gegiechel uit te barsten als zo'n gelivreide iets te onderdanig je verweerde koffertje in ontvangst neemt. "Komaan makker, doe maar gewoon. Jij weet net zo goed als ik dat je niet met de nieuwe Gloria Vanderbilt te maken hebt." Of niet te grijnzen als je de sleuteltjes van de goedkoopste huurauto aan de parkeerjongen van het vijfsterrenhotel overhandigt. Niet dat ik luxe niet weet te appreciëren. Zalig vind ik het, in World Club vliegen, of een ander eufemisme voor het betere luchtvervoer. Stoel plat, benen lekker languit, kwispelen met de tenen terwijl ik naar de film van mijn keuze kijk, glaasje chardonnay in de hand. Na een half uur knoeien met het autovideosysteem weliswaar, tja, ook op grote hoogte zullen we wel nooit een technologisch wonder worden. Maar wel zonder pardon met één vingerdruk het tussenschot activeren als de korte dikke Amerikaan naast me onzin uitkraamt, genre "alle Chinezen zijn lelijk". Bovendien geeft upper class vliegen me een illusie van verhoogde veiligheid. Alsof zo'n bak niet halverwege American Gangster uit de lucht zou kunnen vallen. Het zou in elk geval zonde zijn van de eendenborst met ingekookte sinaasappeljus op mijn bord. Een beetje vrouw van de wereld kleedt er zich op, op reizen in stijl. Maar kijk, alsof de duivel ermee gemoeid is, trap ik bij het bij het instappen achteraan de zoom uit mijn broek. Of lost er een knoop op een cruciale plek. En ook al heeft voor de rest niemand wat in de gaten, voor mijzelf is het zonneklaar : op 6A zit een gatecrasher. aaLinda Asselbergs