"Enkel door interdisciplinariteit kun je de wereldproblemen oplossen", gelooft Harvardprofessor David Edwards. De biotechnicus is de drijfveer achter Le Laboratoire in Parijs, een plek waar wetenschappers, designers en kunstenaars samengebracht worden en waar het grote publiek het resultaat van die kruisbestuivingen kan komen bekijken. Begin vorig jaar werd de Bel-Air er gepresenteerd, een luchtzuiveraar op basis van planten van de Franse ontwerper Mathieu Lehanneur. Het toestel verhuisde daarna naar de expo Design and the Elastic Mind in het MoMa in New York. Bijna anderhalf jaar later kunt u het onder de naam Andrea ook aanschaffen voor bij u thuis. Mathieu Lehanneur is opgetogen als hij de geschiedenis van zijn project overloopt. Want deze aanpak hield hem al langer bezig.
...

"Enkel door interdisciplinariteit kun je de wereldproblemen oplossen", gelooft Harvardprofessor David Edwards. De biotechnicus is de drijfveer achter Le Laboratoire in Parijs, een plek waar wetenschappers, designers en kunstenaars samengebracht worden en waar het grote publiek het resultaat van die kruisbestuivingen kan komen bekijken. Begin vorig jaar werd de Bel-Air er gepresenteerd, een luchtzuiveraar op basis van planten van de Franse ontwerper Mathieu Lehanneur. Het toestel verhuisde daarna naar de expo Design and the Elastic Mind in het MoMa in New York. Bijna anderhalf jaar later kunt u het onder de naam Andrea ook aanschaffen voor bij u thuis. Mathieu Lehanneur is opgetogen als hij de geschiedenis van zijn project overloopt. Want deze aanpak hield hem al langer bezig. "Ontwerpers bedenken graag stevige dingen en grote meubels. Ik ben altijd verbaasd over de manier waarop ze het menselijke wezen bekijken. Ze kijken nooit naar wat er binnen in dat lichaam gebeurt, hoe het werkt. Precies die aanpak interesseert mij wél. En daarom kom ik in contact met wetenschappers, die weten hoe het daarbinnen allemaal loopt. Of met psychiaters, psychoanalytici, psychologen. Ik zie het zo : er is een individu dat leeft in een huis. Hij heeft iets om zijn huis te verlichten, iets om op te gaan zitten, maar al twintig jaar ademt hij vervuilde lucht, en er is niet echt iets interessants bedacht voor dat aspect. Dit zijn maagdelijke domeinen, soms onzichtbaar of verstopt, die nochtans enorme gevolgen hebben voor ons leven." "Ik heb drie jaar geleden al verschillende objecten ontworpen, allemaal rond het idee dat ons lichaam interageert met de omgeving. Een object dat zuurstof aan de lucht toevoegt, een kleine bal die harde geluiden filtert en verzacht, dergelijke dingen. Het zijn prototypes gebleven. Niet omdat ze niet werken, maar omdat de industrie een beetje afzijdig bleef. Is er wel vraag naar ? Gelukkig ontmoette ik David Edwards. Hij heeft me aangemoedigd. Ik ben blijven werken rond de notie van lucht. Met lucht hebben we altijd contact, het stroomt de hele dag door ons lichaam." Mathieu Lehanneur : De lucht in wo-ningen en kantoren is erg vervuild. Met formaldehyde, benzeen en trichloorethyleen. Die stoffen komen van synthetische materialen, van meubelmousses, van kamerbreed tapijt, isolatiemateriaal, verf en alle objecten die een brandwerende behandeling kregen. We kennen de gevolgen ervan : ze lokken allergieën uit, ademhalingsproblemen, en op lange termijn ergere ziekten. De Wereldgezondheidsorganisatie heeft al deze stoffen aangeduid als carcinogeen voor de mens. En toch leven we er middenin. En we zien of merken het niet. Ik ben geen gezondheidsfreak, ik rook, ik let niet erg op wat ik eet of wat ik inadem. Maar wat me wel interesseert, is dat mensen die er meer op letten, of die er gevoeliger voor zijn, wel over producten kunnen beschikken die hen helpen. "Ik wist dat bepaalde planten lucht absorbeerden, maar ik wist niet precies hoe. De eerste tekeningen die ik maakte, waren erg naïef. Maar David was geïntrigeerd en begon zelf mee te zoeken. Beetje bij beetje begonnen we het echte functioneren te snappen : dat de blaadjes wel lucht absorberen, maar dat vooral de wortels en de grond zuiverend werken. Wat als we de lucht nu sneller kunnen laten stromen, vroegen we ons af. Het apparaat werd complexer en technischer. Maar ik wilde absoluut vermijden dat het een computerachtig ding zou worden. Ik wilde dat het object ook visueel zijn evidentie en eenvoud bleef behouden. De plant moest absoluut zichtbaar blijven. Het gevolg is nu dat mensen het erg mooi vinden, maar 'waarschijnlijk wel niet erg efficiënt'. Ze vergissen zich, het werkt echt perfect." "Ergens is het logisch : planten hebben in onze cultuur vooral een decoratieve functie. Het bizarre is dat de natuur helemaal niet bezig is met decoratie. Als je heel felle kleuren ziet, bizarre vormen of texturen, dan is dat nooit gratuit maar net erg functioneel. Vaak als signaal naar dieren, het zijn boodschappen. De plant in de Bel-Air is ook geen decoratief element, maar de motor van deze machine, zoals de microprocessor van een computer." Halfweg de jaren tachtig identificeerde de Nasa verscheidene planten die toxische stoffen konden absorberen. De gerbera, de spathiphyllum, de chlorophytum en de pathos zijn de efficiëntste. Het zijn bovendien planten die je gemakkelijk vindt. Bij de florist om de hoek. Dat is geen toeval. Het zijn immers extreem sterke en resistente planten. Zelfs als u ze niet genoeg water geeft, of ze te donker staan, of op een balkon langs een drukke verkeersweg, dan nog gaan ze niet dood, omdat ze een structuur en systeem hebben die ze sterk maken. Maar van op de vensterbank zijn ze bijna niet effectief om lucht te zuiveren. Het systeem van Bel-Air bestaat erin om de lucht uit de kamer via een ventilatiesysteem in contact te brengen met de bladeren, daarna met de grond en de wortels. Als je die plant thuis staan hebt, zal de lucht er nooit doorheen gaan. Je moet ze forceren. We hebben vijf prototypes gemaakt, waar veel interesse voor was. De testen die we hebben gedaan, waren erg goed. We hebben zelfs een prijs gewonnen van een Amerikaans wetenschappelijk tijdschrift als Best Innovation Award. Daar ben ik fier op, omdat het geen designmagazine is dat me die prijs gegeven heeft. Het is geen magazine dat zegt "uw product is mooi en schattig", maar wel "uw product is efficiënt". Nu komt het in productie, samen met Le Laboratoire. Er is dus een coherentie tussen de plaats waar het idee ontstaan is en de plek waar mensen het kunnen kopen. Dat is erg belangrijk voor David en mij. Alles wat ik niet ken of niet goed ken, vind ik interessant. Ik ben bezig met het inte-rieur van een kerk uit de elfde eeuw. Ik bedenk vitrines voor Cartier en heb een nieuwe lamp bij Artemide. Ik ontwerp een zilverlijn voor Christofle en werk voor een huishoudtoestellenmerk uit Korea. Ik doe zoveel mogelijk om geen specialist in een of ander domein te worden. Dat is mijn troef. Ik wil die naïviteit behouden. Info : De Andrea (vanaf 150 euro) zal verkrijgbaar zijn rond juni, hou de website www.lelaboratoire.org en hun onlineshop www.laboshop.fr in de gaten, www.mathieulehanneur.com. Door Leen Creve