Flashback naar 2016. Grace Wales Bonner is uit Londen afgereisd om haar collectie menswear voor te stellen aan de jury van de internationale LVMH-wedstrijd. Dat ze bij de finalisten is, vindt ze al surrealistisch, en nu blijkt ze zelfs als winnaar uit de bus te komen. Het levert haar, behalve 300.000 euro, een mentorschap van een jaar op. De jury is weg van haar 'zondagse kostuums', outfits waarvoor ze zich liet inspireren door beelden van de kroning van Haile Selassie, de laatste keizer van Ethiopië. " This is life-changing", glimlacht ze sereen, om dan gewillig te poseren voor een foto met Karl Lagerfeld, Jonathan Anderson, Marc Jacobs, Nicolas Ghesquière, Phoebe Philo en Delphine Arnault. Amper twee jaar nadat ze is afgestudeerd aan de modeafdeling van Central Saint Martins in Londen wordt Grace gelauwerd door collega's die - in tegenstelling tot zijzelf - niets meer te bewijzen hebben. De prijs zet de kroon op haar eerste stappen in de modesector.
...

Flashback naar 2016. Grace Wales Bonner is uit Londen afgereisd om haar collectie menswear voor te stellen aan de jury van de internationale LVMH-wedstrijd. Dat ze bij de finalisten is, vindt ze al surrealistisch, en nu blijkt ze zelfs als winnaar uit de bus te komen. Het levert haar, behalve 300.000 euro, een mentorschap van een jaar op. De jury is weg van haar 'zondagse kostuums', outfits waarvoor ze zich liet inspireren door beelden van de kroning van Haile Selassie, de laatste keizer van Ethiopië. " This is life-changing", glimlacht ze sereen, om dan gewillig te poseren voor een foto met Karl Lagerfeld, Jonathan Anderson, Marc Jacobs, Nicolas Ghesquière, Phoebe Philo en Delphine Arnault. Amper twee jaar nadat ze is afgestudeerd aan de modeafdeling van Central Saint Martins in Londen wordt Grace gelauwerd door collega's die - in tegenstelling tot zijzelf - niets meer te bewijzen hebben. De prijs zet de kroon op haar eerste stappen in de modesector. Vijf jaar later heeft Grace Wales Bonner de verwachtingen ingelost. De teller staat op veertien collecties, zowel mannen- als vrouwenmode. Die worden over de hele wereld verkocht: van Dover Street Market tot Net-à-Porter, van Galeries Lafayette in Parijs tot Bergdorf Goodman in de VS en Boon the Shop in Zuid-Korea. We hadden er graag met haar over gepraat in haar Londense studio, maar een babbel onder vier ogen ligt niet voor de hand, met dank aan de brexit en een kwaadaardig virus. We moeten ons behelpen met een telefoongesprek over het Kanaal. Graces tienerjaren, begin deze eeuw, spelen zich voor een klein deel af in de Caraïben - daar brengt ze haar vakanties door - en voor een groot deel in Zuidoost-Londen, tussen Dulwich, bij haar Britse moeder, en Stockwell, bij haar Jamaicaanse vader. Ze twijfelt over haar studiekeuze. Literatuur spreekt haar aan, maar uiteindelijk kiest ze toch voor mode aan Central Saint Martins. Ze neemt zich voor haar liefde voor boeken dan maar te uiten in haar ontwerpen. Al snel buigt ze zich over de zwarte identiteit en cultuur. Ze dweept met Charlie Parker, Jean-Michel Basquiat en Kerry James Marshall, en met de manier waarop zij Afrikaanse tradities blenden met westerse invloeden, de geschiedenis onder de loep nemen en vragen stellen bij de positie van de Afro-Amerikaanse minderheden. Later legt ze met haar afstudeercollectie Afrique de basis van haar esthetische taal. Ze stelt vragen bij identiteit, bij de weergave van lichamen, bij haar erfgoed dat deels Jamaicaans is en bij haar relatie met de Oude Wereld. Dit alles draagt bij tot de opbouw van een hedendaags silhouet. Al van bij de start wordt haar kleding gedragen door vrouwen met smaak. Waarop Grace spontaan met nóg meer ontwerpen komt en haar mannenlabel openstelt voor vrouwen. Haar hybride mode is een lofzang op Europese luxe, op ambachten van hier en elders. Ze introduceert andere perspectieven, die geworteld zijn in een divers zwart continent. "Ik heb een Jamaicaanse vader en een Britse moeder, ik ben een mix van beide", zegt ze. "Ik tast mogelijkheden af. Ik breng een dialoog tot stand tussen de Britse tailormade elegantie en de zwarte diaspora, ik bouw bruggen tussen die twee werelden." Ze legt uit hoe dat concreet gaat: "Het creatieve proces start in mijn geval vaak vanuit teksten of tekstfragmenten. Soms komen daar geluiden, muziek, silhouetten en personages bij. Ik fantaseer een wereld bij elkaar en heb dan een heel duidelijk idee van de outfits die daarbij passen, en ook van de kleuren, de materialen en de texturen. Bij de keuze van de vormen, silhouetten en stoffen ga ik heel pragmatisch te werk. Want hoewel mijn creatieve proces hoofdzakelijk gebaseerd is op research en op de exploratie van identiteiten, heb ik ook zin om gewoon iets moois te scheppen, los van elke context." Ze werkt ook vaak samen met kunstenaars uit alle windstreken, want haar principe luidt dat je samen beter bent dan in je eentje. Ze verlangt ernaar om uitgedaagd te worden en heeft een drang om zich te laten verrassen door andere werelden, andere talen en een veelheid aan visies. Vandaar dat ze samen met Harley Weir, Jordan Hemingway en Jeano Edwards films produceert en samenwerkt met Laraaji, die al bijna een halve eeuw kosmische muziek maakt. En dan komt de lockdown. Grace Wales Bonner ziet er een kans in om opnieuw te connecteren met haar waarden: "Ik heb de gelegenheid benut om na te denken over wat echt essentieel was. Ik wilde checken of ik wel op het juiste pad zat en of mijn visie helder was." Het is nu meer dan ooit zaak om niet in excessen te vervallen, om het met minder te doen en daar nog meer bezieling in te leggen. Zo rondt ze momenteel een trilogie af die startte met Lovers Rock, haar collectie voor de herfst-winter van 2020, geïnspireerd door de Jamaicaans-Britse gemeenschap in Londen in de seventies. Vervolgens kwam Essence, haar lente-zomercollectie 2021, verankerd in de dancehall, de Jamaicaanse muziek uit het begin van de jaren tachtig. Het derde deel, de collectie voor dit seizoen die ze Black Sunlight doopte, ademt de invloed van dichters, studenten, intellectuelen en kunstenaars die uit de Caraïben, India en West-Afrika kwamen en die het postkoloniale discours mee vorm gaven. De belangrijkste is Derek Walcott, de dichter uit Saint Lucia die in 1985 de volgende woorden schreef: 'De Engelse taal is niemands eigendom. Ze is eigendom van de verbeelding: ze is eigendom van de taal zelf.' "Totaal doordrongen van die eilandpoëzie verken ik ideeën via kleding en beelden. En ik gebruik mode om te communiceren", vertelt Grace Wales Bonner. Met als apotheose deze herfstcollectie, een eerste samenwerking met Anderson & Sheppard, de beroemde kleermakers op Savile Row die onder meer al Fred Astaire, Winston Churchill, Gary Cooper en prins Charles mochten kleden. Met deze collectie brengt Bonner een eerbetoon aan de avondkleding van de jaren twintig. Een van haar favoriete silhouetten is trouwens een smokingjasje dat ze samen met Anderson & Sheppard ontwierp. "Het was heel inspirerend om daar samen met hen aan te werken", vertelt ze. "Ik heb zo veel van hen geleerd. Ze kunnen als geen ander kleding van een tijdloze schoonheid maken. Maatwerk heeft mij altijd al geïnspireerd - als ambacht en als uiting van een cultuur." In juni mocht ze de Parijse Fashion Week digitaal openen. Ze deed dat met de collectie Volta Jazz, die belooft dat de lente en zomer van 2022 naar de seventies zullen lonken. Bezield door het werk van de Burkinese kunstenaar Sanlé Sory en zijn reeks Rolleiflex-portretten van hippe jongeren, trekt Grace zijn elegante esthetiek door naar het derde millennium. Deze dialoog tussen verleden en heden komt tot leven in een film en foto's van Joshua Wood en zelfs in een Spotify-playlist met Burkinese muziek uit de jaren zestig en zeventig, want als de ontwerper iets doet, dan doet ze het goed. Ze beseft dat het nog te vroeg is om te dromen van defilés met publiek. Maakt niet uit, ze is het gewend om met diverse media te goochelen. Zodra haar label een feit was, schakelde ze film in om meer over zichzelf te vertellen. "Ik werk graag met verscheidene media, ik schep graag beelden. En ik ben heel open en flexibel. Film is een medium dat me bevalt, omdat ik iets nieuws kan bedenken. En vooral: ik kan er de details van mijn ontwerpen mee tonen, zelfs de allerkleinste."