"Alles waar je echt van houdt,
...

"Alles waar je echt van houdt, zal je warmte blijven geven, Ook al is het niet gebleven of geworden wat je wou, Het blijft altijd een deel van jou, een stukje van je leven." (*) Geen liedjestekst van Robert Long is meer van toepassing op ons leven samen. Ik leerde hem kennen in 1988, na een optreden van Simone Kleinsma, waar ik in de plaats van een vriend naartoe ging omdat hij verhinderd was. Mijn broer was een grote fan van Robert Long, er lagen nogal wat elpees van hem bij ons thuis. Maar op die avond ontmoette ik hem dus voor het eerst live. Hij was redelijk afstandelijk toen, er was nog geen sprake van aantrekkingskracht of vonkjes. Die kwamen pas toen ik korte tijd later naast hem in de bus zat, op weg naar een optreden van Eddy Wally ! Robert had een relatie, maar was daar niet tevreden over, ik was vrijgezel. We raakten aan de praat en konden goed met elkaar opschieten. Er bleek een grote verbondenheid tussen ons te zijn, en nadat we samen een paar keer waren gaan eten werd dat gevoel van just the two of us steeds duidelijker. De grote vonk sloeg over en ik wist met grote zekerheid dat ik hier mijn hele leven op gewacht had. Hij mocht dan wel achttien jaar ouder zijn dan ik, bijna dertig toen, we waren toch volwassen mannen onder elkaar. Dat leeftijdsverschil is nooit een punt geweest, trouwens. Ik viel als een blok voor het onconventionele, het creatieve in zijn houding. Zelf was ik toen een brave Vlaamse Chirojongen die in een dorp onder de kerktoren was opgegroeid. Volgens Robert was ik voortdurend bezig om mijn ouders te plezieren, en ik denk dat hij gelijk had. Hij schopte al mijn heilige huisjes omver en ik vond dat eigenlijk heerlijk. Mijn ouders waren in het begin helemaal niet blij met mijn beroemde partner. Ze waarschuwden me dat ik er de boekjes maar eens op moest naslaan : ik mocht dan wel Roberts grote liefde zijn, er waren er minstens nog een stuk of vijf anderen in omloop geweest, volgens hen. Maar ik wist het zeker : met Robert wil ik oud worden. We gingen samenwonen, leefden een zalig en royaal leven. We reisden, we genoten. En toen vond ik op een avond bij mijn thuiskomst een brief op tafel. Liefste, las ik, waarna een vurige liefdesverklaring volgde. Wat een schat is hij toch, dacht ik vertederd, dat hij me zo'n mooie woorden schrijft. Ongeveer halverwege begon het me echter te dagen dat die brief helemaal niet voor mij bestemd was. Ik was compleet lam geslagen en enorm teleurgesteld en dat ben ik eerlijk gezegd nog altijd een beetje. Ook in mezelf. Als iets dergelijks zich nu zou afspelen, zou ik de deur achter mij dichttrekken en weggaan. Ik zou het niet pikken, ik zou duidelijkheid eisen. Maar ik ben gebleven, omdat Robert mij ervan wist te overtuigen dat wat hij had met die ander, piepjong nog, totaal niet te vergelijken was met wat wij samen hadden. Onze relatie was groots en volwassen, met die jongen was het veeleer van fysieke aard. Ik heb me zelfs afgevraagd of vaderlijke gevoelens een rol speelden. In ieder geval : Robert wist zich er helemaal uit te praten zoals altijd en ik geloofde hem, zoals ik hem altijd geloofde. Sterker nog : hij was de enige die me kon troosten als ik me rot voelde door het verdriet dat hij veroorzaakte. Vanaf die brief, die hij volgens mij bewust had laten slingeren om mij op de hoogte te brengen, was er iets gebroken in onze relatie, voor mij althans. Maar er zijn toch nog zo'n duizend herinneringen aan toegevoegd die ik echt niet gemist had willen hebben. Op een gegeven moment was het zelfs gewoon geworden dat hij de weekends bij die ander doorbracht. Op zondagavond wachtte ik hem gezellig thuis op met een glaasje jenever en luisterde naar zijn verhalen. Alles went, zelfs een andere vent. Robert is zelfs getrouwd met zijn jonge liefde, en ik was getuige. Dikke vrienden zijn we nooit geweest, die ander en ik, maar we waren beleefd tegen elkaar. Nu besef ik dat er ook wel sprake was van machtsspelletjes. Ik kon me een leven zonder Robert onmogelijk voorstellen. Toch ben ik op een gegeven moment naar Los Angeles verhuisd om wat afstand te scheppen. Maar op feestdagen, verjaardagen of premières kwam ik terug en was ik erbij. Hij verweet me altijd dat ik burgerlijk was, tot jaren later zijn jonge vriend ook een ander had. Het huis was te klein toen, en ik had eerlijk gezegd een beetje leedvermaak. Een jaar na zijn huwelijk is Robert vrij plots overleden. Hij sukkelde met zijn gezondheid na een hartinfarct, had veel klachten, ging uiteindelijk naar de dokter. Daar bleek dat zijn lichaam totaal verkankerd was. Een week later is hij gestorven. Zowel de ander als ik waren bij hem. Het was een enorme klap. Hij was mijn eerste dode, mijn eerste geliefde dode althans, en het heeft heel lang geduurd voor de werkelijkheid tot me doordrong. Ik ben diep bedroefd geweest, pas later werd ik kwaad. Ik ben zelfs nu bozer dan toen hij nog leefde, ook op mezelf. Vooral vanwege het bedrog, het eenrichtingsverkeer. Hij eiste totale eerlijkheid van anderen, maar zelf was hij niet eerlijk. Toch was hij de man van mijn leven, maar of hij nu een goeie man was ? Een vreselijke egoïst was hij, maar wel de liefste egoïst ter wereld. Hij gaf me het idee dat ik de allerbelangrijkste in zijn leven was, draaide zich om en zei precies hetzelfde tegen die ander. En hij meende het in beide gevallen, echt. We konden elkaar gewoon niet loslaten, hoe pijnlijk onze relatie ook was, vooral voor mij dan. Maar als je vraagt of ik ze had willen missen, dan zeg ik NEEN, met hoofdletters. Na zijn dood was niet ik de officiële weduwnaar, terwijl ik me wel zo voelde. Dat deed en doet pijn. Niemand brengt mij nu, zeven jaar later, nog in verband met Robert Long, terwijl er toch geen dag voorbij gaat zonder dat ik aan hem denk. Ik kan soms nog treurig wakker worden omdat hij me in de steek gelaten heeft door zo jong te sterven. Dit jaar zou hij zeventig geworden zijn. Als hij wat beter voor zichzelf had gezorgd, was hij er nu nog geweest, en waren wij er samen nog geweest, denk ik dan. Ik woon nu in Los Angeles en ben gelukkig. Ik ben graag alleen, maar ik waak ervoor om dat niet te vaak te zeggen. Want als je voortdurend verkondigt hoe je graag alleen bent, zal er natuurlijk nooit nog iemand op je pad komen. En diep vanbinnen is dat verlangen er toch nog. (*) Uit 'Alles waar je echt van houdt' van Robert Long. DOOR DIANE BROECKHOVEN'Alles went, zelfs een andere vent' 'Robert was de liefste egoïst ter wereld. Ik denk nog iedere dag aan hem' "Hij was de enige die me kon troosten als ik me rot voelde door het verdriet dat hij veroorzaakte"