De dagen tussen kerst en Nieuwjaar, tussen kalkoen en chicken vindaloo. Een van de zegeningen daarvan is het belspel op de landelijke zender 2BE waarin Bart Van den Bossche, ook bekend als zanger, met euro's wappert naar mensen die woorden moeten raden als eethuis, huurhuis, pakhuis, tolhuis, sterfhuis - kortom dingen met huis in, u had het al door. De presentator, als we dat zo mogen noemen, is slordig verkleed als Kerstman, roept hohoho, duwt zijn baard weer omhoog, lult een eind van de wereld weg en bauwt een flard Jacques Brel na, terwijl op de achtergrond stadiontoeters weerklinken, alarmsirenes, kanonschoten, kookwekkers, foorgeluiden en iets wat het kloppen moet voorstellen van een menselijk hart. Soms denk ik dat het op dát moment is dat het met de westerse beschaving verkeerd is...

De dagen tussen kerst en Nieuwjaar, tussen kalkoen en chicken vindaloo. Een van de zegeningen daarvan is het belspel op de landelijke zender 2BE waarin Bart Van den Bossche, ook bekend als zanger, met euro's wappert naar mensen die woorden moeten raden als eethuis, huurhuis, pakhuis, tolhuis, sterfhuis - kortom dingen met huis in, u had het al door. De presentator, als we dat zo mogen noemen, is slordig verkleed als Kerstman, roept hohoho, duwt zijn baard weer omhoog, lult een eind van de wereld weg en bauwt een flard Jacques Brel na, terwijl op de achtergrond stadiontoeters weerklinken, alarmsirenes, kanonschoten, kookwekkers, foorgeluiden en iets wat het kloppen moet voorstellen van een menselijk hart. Soms denk ik dat het op dát moment is dat het met de westerse beschaving verkeerd is gelopen, het moment waarop de belspelmensen van onder hun steen zijn gekropen en van de teevee bezit hebben genomen, zonder dat iemand het op den duur nog vulgair vond of er zich zelfs maar aan stoorde. Dat doe ik wel, op een manier die mij belet weg te zappen. Ik blijf kijken, met een gevoel dat een rare cocktail is van fascinatie, leedvertier en plaatsvervangende schaamte. Gelukkig zijn er ook teeveekoks en stand-upcomedians, in alomtegenwoordige en allesoverheersende mate, en toen ik onlangs een nieuwe zoutmolen aanschafte moest ik een hele tijd zoeken voor ik de klauw kon leggen op een exemplaar waarop Piet Huysentruyt niét guitig de wereld inloerde. Had dat eens aan George Orwell uitgelegd, dat geen almachtige dictator je in de toekomst van op metersgrote affiches hypnotiserend zou aanstaren, maar lieden met koksmutsen van op pannenlappen en ovenwanten. Het bewijst eens te meer hoe moeilijk het is je een voorstelling van de toekomst te maken. Over George Orwell gesproken, er valt nog indrukwekkende televisie te rapen. Zoals onlangs de documentairereeks Paper Trails, waarin Hendrik Willemyns van Arsenal onder meer Orwell achterna is gegaan. Sinds twintig jaar ben ik gefascineerd door de schrijver van Animal Farm, 1984 en het minder pottenbrekende A Clergyman's daughter en Keep the Aspidistra Flying. Ik heb zijn voetsporen gedrukt in Barcelona, Londen en Parijs, tot zelfs op het lieflijke kerkhof van Sutton Courtenay, waar ik een bloem van Orwells graf heb geplukt, gedroogd en vervolgens verloren. Maar die documentaire deed mij weer kippenvel krijgen, toen ik hoorde dat Orwell acht talen machtig was en in Rangoon of Mandalay met de plaatselijke priesters lange gesprekken voerde. Met 'onze' priesters wil niemand nog lange gesprekken voeren, tenzij hij toevallig onderzoeksrechter is of procureur des Konings. Ergens te lande is zelfs een kerk ingestort onder de last van de sneeuw, men zou haast denken om het succumberen van het katholieke geloof extra aanschouwelijk aan te tonen. Zo zijn we 2011 binnengesukkeld, niet met felicitaties van de jury, maar met de hakken over de sloot. Ik stel vast dat een zeker cynisme bezit van mij heeft genomen, dat ik niet zonder gemengde gevoelens Gelukkig Nieuwjaar op de kaartjes schrijf. Ik vertrouw dat nieuwe jaar niet voldoende om er uitbundig het glas op te heffen. Zouden ze een eeuw geleden, in 1911, vermoed hebben wat hen kort daarop te wachten stond ? En nu lijkt het allemaal nog explosiever en allesomvattender. Tegen halfweg dit jaar overschrijden we de kaap van de zeven miljard mensen, van wie naar verluidt 2,6 miljard zonder deftig toilet. Gelukkig wordt, bij ons, binnenkort de flatscreen verplicht in rusthuizen en haalt een kind dat bij C&A geen zakje krijgt om te kotsen nog vlot de voorpagina van de krant. Gelukkig is er de liefde, gelukkig is er het enthousiasme van meisjes van bijna vier jaar, die zeggen dat je niet mag vergeten hoestsiroop te kopen bij de appeltheker. Gelukkig is er het Zwitsers zakmes dat ik als jongen cadeau hebt gekregen en waarvan het schaartje, dat al een eeuwigheid kapot was, onverhoopt nog hersteld blijkt te kunnen worden. Dankzij de levenslange garantie, een prachtig concept dat voor alle dingen zou moeten gelden, voor de tastbare zowel als voor de onstoffelijke. Rest mij u in afwachting daarvan alvast een gezond en gelukkig, kortom voortreffelijk 2011 toe te wensen, zonder zweetluchtjes van onbekenden die in de lift zijn blijven hangen maar vol voorspoed en verlangen, dat ook weer niet te gemakkelijk mag worden vervuld. jp.mulders@skynet.be Jean-Paul Mulders