Massive Change, Bruce Mau and the institute without Boundaries, Phaidon, 29,30 euro.Jennifer Leonard heeft een eigen website : www.renegademedia.info
...

Massive Change, Bruce Mau and the institute without Boundaries, Phaidon, 29,30 euro.Jennifer Leonard heeft een eigen website : www.renegademedia.info Liefst drie keer werd de Canadese Jennifer Leonard (34) het laatste half jaar naar Europa gevlogen : voor DesignMai in Berlijn, ERA05 in Kopenhagen en eind oktober op Utrecht Manifest. Allemaal evenementen die dit jaar de toekomst ter discussie stelden. Net zoals designbrussels dat volgende week zal doen in de Brusselse Expo. Het boek Massive Change, dat ze samen met Bruce Mau uitgaf, kreeg dan ook de officieuze ondertitel The Future of global Design mee. Jennifer Leonard is het brein achter het boek : zij deed de interviews met de experts, verwerkte ze en selecteerde de beelden. Ze verdient er naar eigen zeggen "geen penny" aan, maar "ik heb nooit zoveel geleerd in een jaar tijd". Het is een stelling uit 1957 van Arnold J. Toynbee die het boek inleidt : dat het welzijn van een beschaving afhangt van zijn mogelijkheid om creatief te antwoorden op menselijke en natuurlijke uitdagingen. Meteen maken Leonard en Mau duidelijk wat design voor hen betekent : "We vegen het puur esthetische van tafel en kijken naar design door de lens van capaciteit. We selecteerden tien onderzoeksdomeinen : steden, beweging, energie, informatie, beeld, markt, materialen, leger, fabricage, leven, welvaart en politiek." Om alle misverstanden te vermijden staat het ook nog eens in grote letters op de achterflap : " Massive change is not about the world of design, it's about the design of the world. " Het belooft een theoretisch gesprek te worden, op de vooravond van haar speech in Utrecht. Daar moet ze in twintig minuten het boek en zijn opzet uit de doeken doen. Van ons krijgt ze een paar uur, een spie aubergine-ricottataart en een (halve) fles Merlot. "Als kind was ik een zwerver, mijn moeder hoefde maar haar rug te draaien en ik was verdwenen. Mijn grootste nachtmerrie was om een voorspelbaar leven te leiden in Sanria, de kleine stad drie uur ten westen van Toronto waar ik opgroeide. Maar wat ik dan precies wél wilde, daar was ik nog niet uit. Op mijn achttiende ging ik dan maar culturele antropologie studeren. Ik nam er zoveel mogelijk talen bij : Spaans, Frans en Italiaans. Want ik wilde die culturen beleven. Daarom ging ik ook vier maanden naar Guatemala. Jennifer Leonard : Door te reizen krijg je kansen. Het is avontuurlijk, maar soms ook griezelig, omdat je uit je comfortzone getrokken wordt. Maar ik dwing mezelf er telkens toe. Nog steeds. Om te leren. Op zulke reizen heb je van die momenten dat je je afvraagt : "Wat wil ik bereiken in mijn leven ?" Ik besliste daar dat ik wilde schrijven. Dat ik journalist wilde worden. Ik keerde terug naar Canada, begon voor stadskranten te schrijven en voor de radio te werken. Om geld te verdienen en om een portfolio op te bouwen. Ja, in 1997. In de opleiding journalistiek zat ook een maand stage. De meeste klasgenoten gingen naar Canadese kranten of radio. Maar ik dacht : 'Foert, ik ga naar New York City. ' Ik deed mijn stage bij Rolling Stone Magazine. Ik had immers ontdekt dat schrijven over creatieve mensen mijn eigen creativiteit aanwakkerde. In 1999 ben ik verhuisd naar Toronto en ik ben er gebleven. In 2003 verloor ik mijn vader en dat was ook zo'n moment om stil te staan. Ik was het ook beu om te schrijven over hoe andere mensen geweldige dingen doen : ik wilde zélf iets doen, mijn handen vuil maken. Dus besliste ik om design te studeren. Toevallig mailde een vriend me die week een advertentie : De Bruce Mau Design Studio startte met een nieuw postgraduaat designopleiding. Ik solliciteerde en raakte binnen in het zogenaamde Institute without Boundaries. Samen met een marketeer, een pas afgestudeerde architecte, een grafisch designer, een wetenschapper en een bookmaker. Het was een project tussen de Bruce Mau Design Studio en theGeorge Brown College. Het college zocht Bruce op om een denktank op te richten rond de toekomst van design in de wereld. Bruce liep al langer met een soortgelijk idee rond, maar het was een te grote financiële inspanning. Toen hij het voorstel kreeg, dacht hij dus : "Studenten die mij betalen en voor mij onderzoek doen !" Vanuit businessperspectief een goede zet. Onderzoeken wat de toekomst van design is. Een letterlijk massief project. De eerste zes maanden discussieerden en brainstormden we veel. En we deden onderzoek op het internet. Maar echt concreet iets maken, gebeurde niet. Ik raakte gefrustreerd. Ik vond het echt belachelijk dat we op het internet antwoorden moesten vinden. Hoe kun je nu de gevonden info vertrouwen ? Het is zoals op straat lopen met een blinddoek op : geen idee waar je naartoe moet. Ik ging naar Bruce en zei : "Ik wil een radioshow beginnen op de universiteit van Toronto. Ik heb radioachtergrond. Ik kan mensen opbellen en live gaan : elke week een uur praten met iemand die ons een antwoord kan geven. En elke week een ander onderwerp." Bruce was niet enthousiast, maar ik vond het erg belangrijk. Het zou immers een publiek project worden. Het zou de wereld rondgaan, dus moesten we zeker weten dat we de juiste en goede informatie te pakken hadden. Toen ik met de programmadirecteur van het radiostation, CIUT 89.5, ging praten, was die meteen verkocht. Twee weken later zat ik in de ether. Ik sprak de ene week met een fysicus, de volgende met een econoom, een wetenschapper of een milieuexpert. Op die manier coverde ik elk domein. Het was gewoon fantastisch ! Ik heb geen achtergrond in fysica of chemie, maar ik interviewde wel een Nobelprijswinnaar chemie. Precies omdat ik een leek was, waren ze verplicht het op een simpele en menselijke manier uit te leggen. Ik deed de show van september tot december 2003. Dat was het moment dat we afstudeerden. En dat Bruce me vroeg of ik samen met hem dit boek wilde maken. Ik bleef doorgaan met de show tot juni, precies een week voor ik het laatste hoofdstuk van het boek afwerkte. Het werd dus in real time geschreven. Ik had journalistieke achtergrond en vond snel de mensen die ik nodig had. Niemand weigerde om mee te werken. Academici en onderzoekers krijgen heel weinig kans om de buitenwereld te tonen waar ze mee bezig zijn. Maar zij zijn wél de mensen die de antwoorden hebben. Ze communiceren wel met de studenten die in hun klassen komen, maar soms raakt de info niet buiten de universiteit. Ik denk dat vooral journalisten hun job beter kunnen doen. Als ik kijk naar de Noord-Amerikaanse media : het is erg beschamend waarover zij nieuws maken. Ik wil een ommekeer forceren : sommige van die experts hebben zo'n groot nieuws te brengen. Ik vroeg aan elk van hen : "Hoe kan jouw discipline helpen om voor een specifiek probleem een oplossing te vinden ?" Het is zoals een grote diamant met allemaal verschillende facetten. Eén antwoord van één persoon is een facet. De oplossingen voor bepaalde wereldproblemen zijn er. We moeten ze alleen nog op hun plaats zetten of op zo'n manier vormgeven dat ze functioneren. Het gebeurt nu al, hoor. Die 39 mensen uit het boek zijn maar de top van de ijsberg. Want dit boek mag dan wel als ondertitel 'de toekomst van globale vormgeving' hebben, het zijn wel allemaal projecten die al uitgedacht zijn. Elk verhaal dat in het boek staat, is een praktisch en bestaand voorbeeld. Er komt kritiek op dat hoofdstukje over de Wal-Mart. En dat begrijp ik. Ik voel me ook niet goed bij grote winkels die de lokale winkels, de lokale cultuur en de lokale bezoekers wegnemen. Maar ze zijn er nu eenmaal en in plaats van er tegen te proberen vechten, kun je het misschien anders aanpakken. De Nike's, de McDonald's en de Starbucks van deze wereld hebben een enorme capaciteit. Als het publiek hen genoeg pusht om hun praktijken duurzamer te maken, kan dat ineens veel betekenen : een kleine stap van hen heeft een groot globaal effect. Daarom namen we ook Catherine Gray op in het boek. Zij werkt voor Natural Step, een organisatie die bedrijven op dat domein consulteert. We kunnen de dingen op hun kop zetten, maar we moeten ons engageren. Wat is te optimistisch ? Het is gemakkelijker om negatief te zijn. Ik ben altijd optimistisch geweest, en ik denk niet dat dat ooit zal veranderen. Je mag de hoop niet verliezen, want dan ben je verloren. Ik denk dat elke persoon op zijn eigen manier met zijn toekomst bezig is, maar eraan werken ? Niet genoeg. Maar het is een erg spannende tijd. Er verandert veel. Volgende week verhuis ik naar San Francisco. Ik werd gevraagd om voor Ideo te gaan werken, een bedrijf dat producten, diensten, omgevingen en digitale ervaringen ontwerpt. Ik ga er voor het transformation by design-team werken. Dat brengt al mijn interesses samen : antropologie, journalistiek en design. Ik had er vijftien jaar geleden geen idee van dat deze job zou bestaan, maar als je gewoon blijft doen wat je graag doet, komt er wel iets bovendrijven. Het is een nieuwe sprong in het onbekende. Jennifer Leonard komt op 19 november naar Brussel voor designbrussels. Daar zal ze spreken op de Staten-Generaal van Design, een tweedaags symposium over de toekomst van design, de standaardisering ervan en de rol van Brussel als designstad. Wat Beurs, jongerenplatform en tentoonstellingen. Transitions (Light on the move ) zie p. 70, (The Shape of) Things to come : een installatie van ontwerper-kunstenaar Jerszy Seymour, en het Berlijnse Museum der Dinge , rond de toekomst van design. Specialisten tonen er ook wat zij het boeiendste designproject van vorig jaar vinden. BtotB, from Brussels to Berlin and back : werk van jonge Berlijnse ontwerpers, zowel in het beursgebouw als op diverse locaties in de binnenstad. Staten-Generaal van Design, symposium met onder andere Jennifer Leonard en Jerszy Seymour. Enkel op 19 en 20 november. Parcours in de binnenstad Wanneer van 19 tot 27 november, van 11 tot 19 uur Waar Brussels Expo, Paleis 6 (www.brusselsexpo.be) en diverse andere locaties in de binnenstad. Prijs 9 euro (daarmee kan u ook op de woonbeurs Cocoon) Info www.designbrussels.com Door Leen Creve