Een van de verrukkelijkste herinneringen uit mijn kindertijd is het moment toen juffrouw Gilberte van de gemeentelijke kinderbibliotheek diep zuchtte en zei: "Je hebt alle boeken bij mij uitgelezen. Ga nu maar hiernaast, bij de grote." Ik had daar al vaak verlangend door de openstaande deur naarbinnen gegluurd. Dat ik ineens dat verboden paradijs binnenmocht, een jaar eerder dan ik had verwacht, deed me duizelen van genot. Nooit heb ik me daarna nog zo slim, trots en volwassen gevoeld als op dat delicieus moment.
...

Een van de verrukkelijkste herinneringen uit mijn kindertijd is het moment toen juffrouw Gilberte van de gemeentelijke kinderbibliotheek diep zuchtte en zei: "Je hebt alle boeken bij mij uitgelezen. Ga nu maar hiernaast, bij de grote." Ik had daar al vaak verlangend door de openstaande deur naarbinnen gegluurd. Dat ik ineens dat verboden paradijs binnenmocht, een jaar eerder dan ik had verwacht, deed me duizelen van genot. Nooit heb ik me daarna nog zo slim, trots en volwassen gevoeld als op dat delicieus moment. Een kind dat leest, dat doet me iets. Bij mij thuis waren er geen boeken behalve de prijsboeken die ik op school had gekregen. Het waren mijn kostbaarste schatten. Ik had mijn minuscule bibliotheek genummerd met Romeinse cijfers en ontleende slechts een boek nadat ik mijn zelfgemaakte bibliotheekkaart had ingevuld en afgestempeld met een aardappelstempel. Zaterdagnamiddag in New York op Broadway, op de hoek van de 82ste straat. Ik stap de boekenwinkel Barnes & Noble binnen. Ik weet wat ik wil kopen: twee recent uitgegeven dikke kanjers over de geschiedenis van New York, Gotham en The History of New York. Maar eerst neem ik de roltrap naar de eerste verdieping. Boven sla ik linksaf naar de kinderafdeling. Als ik de tijd heb, kom ik hier altijd even langs. Ik wandel tussen de rekken. Ik tel wel vijftig kinderen. Sommigen zitten of liggen te lezen op het tapijt; ik moet goed opletten waar ik mijn voeten zet. Alle stoeltjes in de leeshoek zijn bezet. Hier en daar zit een volwassene met gedempte stem voor te lezen met een kleintje op schoot. Het is een magische plek. Amerikaanse kinderen kunnen verschrikkelijk onhebbelijk en luidruchtig zijn, maar hier heb ik er nog maar zeer zelden iets van gemerkt. De kinderafdeling, hoe groot ook, beslaat slechts een klein deel van de drie verdiepingen tellende winkel. Ik wandel nog wat rond. Overal zitten mensen in zetels of op de grond te lezen. Aan de lange tafels voor de vensters zitten studenten op hun laptops te werken met, rond hen, opengeslagen boeken die ze gewoon uit de rekken hebben gehaald. Anderen zijn druk aan het schrijven. Sommigen zijn niet veel ouder dan 10, 11 jaar. Een van de kinderen heeft een stapel boeken over Martin Luther King voor zich liggen. "Hebt u boeken over de eerste pioniers in Californie?", hoor ik een lagere-schoolmeisje vragen aan een winkelbediende. "Ik zoek het even op", zegt hij, en begint ijverig op zijn computer te tikken. De kans is groot dat het meisje het boek enkel zal inkijken en niet kopen maar dat zal hem een zorg wezen. De Barnes & Noble-keten, die jammer genoeg al een hele resem kleinere New Yorkse boekenwinkels heeft doodgeconcurreerd, speelt met steeds meer plezier openbare bibliotheek. De kinderen kennen Barnes & Noble door hun ouders die er wel boeken kopen. Als toekomstige klanten worden ze in de watten gelegd. Een groeiend aantal jongeren gaat dan ook liever naar Barnes & Noble dan naar de school- of stadsbibliotheek. De winkels sluiten doorgaans pas om 9 uur gedurende de week, in tegenstelling tot de meeste bibliotheken die niet lang na schooltijd dichtgaan. Ze zijn ook heel het weekend open, sommige tot middernacht. Daarbij zijn ze ook een stuk gezelliger. Je kan er zelfs (onbetaalde) boeken en tijdschriften meenemen in de snackbar. En niemand zal je dwingen om dat boek te betalen als je er per ongeluk je soep op morst. De bibliotheken zouden ook wel klantvriendelijker willen zijn, maar ze kampen met geld- en personeelstekort. In 1975, toen New York dreigde bankroet te gaan, werden duizenden bibliothecarissen ontslagen en werd het grootste deel van de lagere-schoolbibliotheken gesloten. De meeste daarvan zijn intussen heropend maar 140 van de 675 lagere scholen moeten het nog steeds zonder bibliothecarissen stellen die de kinderen een handje toesteken. Er wordt veel gelezen in New York: op straat, in de subway, in cafés, in de parken. Dag en nacht kan je leesvoer kopen in winkels, in krantenkiosken of van straatverkopers. Al dat lezen werkt aanstekelijk. Wie geen lezer is als hij hier toekomt uit god-weet-waar-ter-wereld, wordt het wellicht vroeg of laat. Geld hoef je er niet voor te hebben. Niet alleen kan je gratis terecht in leespaleizen zoals Barnes & Noble, je vindt bovendien om de haverklap stapels boeken op straat van mensen die verhuizen of die plaats nodig hebben voor nieuwe boeken. En je hebt natuurlijk ook nog de meer dan duizend bibliotheken van New York. Sommige daarvan zijn wereldvermaard zoals de gigantische New York Public Library op de hoek van Fifth Avenue en de 42ste straat. Ik heb al menige Belg meegetroond op de statige trappen, voorbij de massieve stenen leeuwen, voor een blik op de elegante en luxueuze Reading Room of 'publieke leeszaal'. Telkens weer geeft het me voldoening om hun blikken van verbazing en bewondering te zien. Het bibliotheekje van juffrouw Gilberte zou wel vijftig keer in deze zaal kunnen maar de magische sfeer is dezelfde. Jacqueline Goossens vanuit New York