Oude polshorloges zijn in, maar de leek kijkt een beetje argwanend naar het aanbod. Ruth Zandberg van Christie's geeft raad.
...

Oude polshorloges zijn in, maar de leek kijkt een beetje argwanend naar het aanbod. Ruth Zandberg van Christie's geeft raad.Pierre Darge R uth Zandberg is niet zomaar een kenner van horloges. Sinds jaar en dag reist ze voor Christie's de wereld af, en adviseert ze kopers en verkopers van uitzonderlijke stukken. Eens per jaar komt ze ook naar het Brusselse bijhuis om ?gewone? amateurs bij te staan. ?Time is irrelevant?, zegt ze opeens als we ons door de theorie en de praktijk van de horlogerie hebben gewerkt. ?Een horloge is veel meer dan een machine die de tijd aangeeft, ik leef niet op de minuut. Maar als kind was ik wel al gefascineerd door alles wat mechanisch was, door die kleine radertjes die in elkaar draaien, die terug te brengen zijn tot één rond of vierkant werk. The movement that makes the world thick. Maar dat betekent niet dat ik een slaaf zou zijn van de tijd. Verre van, zelfs.? We zitten op de eerste verdieping van het Brusselse bijhuis, waar onze gesprekspartner achter dikke gordijnen over een computerscherm gebogen zit. We zijn gekomen om over de kwaliteiten van polshorloges te praten en over de mensen die ze dragen. ?Het dragen van een polshorloge is op zichzelf al een statement. Het bepaalt de plaats die je in de wereld wil innemen, je relatie tot de buitenwereld. Aan een horloge zie je of iemand een connoisseur is dan wel onmiddellijk herkend wil worden. Het dragen van een Patek Philippe is vaak een heel nadrukkelijk understatement. Baume & Mercier maakt een horloge met een minute repeater waarop je die functie nauwelijks kunt zien omdat het er zo uitziet. Toch is het misschien wel 5000 dollar waard, maar je draagt het dus duidelijk voor jezelf. Iemand met een Rolex om de pols wordt op straat vanop verre afstand door iedereen herkend.? Van een Rolex krijgt een buitenstaander de indruk dat het alleen maar om imago draait. Ruth Zandberg : Rolex heeft zeer goede horloges gemaakt, ze waren als eerste op de markt met een polshorloge, als eerste met een waterproof, met een mechanisme dat zichzelf opwindt. Jammer genoeg is het vandaag de dag een zeer commercieel bedrijf, maar de kwaliteit is nog altijd goed. Als je gewoon bent om je horloge tegen de muur te gooien of ermee te gaan duiken, is een Rolex de beste keuze. Het is de most abusable watch, maar of het de tijd houdt, is een andere vraag. En natuurlijk is een Rolex het meest herkenbare polshorloge. Kenners zoeken vooral Rolexen van voor de jaren vijftig, toen ze nog niet zo herkenbaar waren. Zelf heb ik een heel vervelende ervaring met een Rolex die misschien vijftien jaar oud was, maar waar water inkwam en die een uur per dag achterliep. Toen ik het bij Rolex binnendroeg voor herstelling, zegden ze me eerst dat het te oud was, en vervolgens dat het te zeer misbruikt was. Ik legde uit dat dat precies de reden van mijn bezoek was, dat ze gerust nieuwe onderdelen konden monteren. Dat konden ze niet, ze adviseerden me om een nieuw horloge te kopen, terwijl ze in hun publiciteit spreken van a watch of a lifetime, die zowel op 3000 meter hoogte als 3000 meter onder water nog perfect loopt. Uiteindelijk gaf ik het aan onze horlogemaker, die er flink wat werk mee had maar er wel in slaagde om het te herstellen. Tegenwoordig is het allemaal Breitling wat de klok slaat. Gaat het in dit geval nu louter om een commerciële operatie of is het echt een grote naam ? Breitling is een zeer goed sportuurwerk, maar natuurlijk erg in de mode. Er is niks fout met Breitling, het bedrijf is sinds lang maker van precisie-instrumenten zoals die in vliegtuigen worden gebruikt, maar pakt nu vooral uit met een modieus design. Ook Longines maakte naam in de vliegerij, met de productie van uurwerken voor piloten. Universal Genève is ook een zeer goed bedrijf, en Lecoultre, dat de grootste producent van basiswerken ter wereld is. Maar behalve voor de Reverso blijkt er niet veel belangstelling te bestaan voor dit uitstekende huis. Het idee achter de Reverso was tegelijkertijd zo nieuw en zo klassiek, dat het nog steeds het verzamelen waard is. Dat ook de marketing goed zit, wordt nog elke dag bewezen met een heruitgave in verschillende formaten, zelfs met kwarts, met Batman of Superman op de achterzijde. Klopt het dat kenners de neus ophalen voor een kwartsuurwerk, dat een polshorloge dat op een batterij loopt een doorn in het oog is van de echte liefhebber ? Toen kwarts op de markt kwam, werd dat meteen mode, tegenwoordig is het helemaal niet meer in. Al moet ik toegeven dat zo'n batterij-uurwerk zo zijn voordelen heeft : als je op reis gaat en geen duur stuk wilt meenemen, verricht een kwarts uitstekende diensten. Zelf zou ik liever geen uurwerk hebben dan een kwarts. Veel vrouwen zijn nog altijd dol op kwarts omdat ze, geloof ik, een horloge in de eerste plaats als decoratie zien. Mannen daarentegen zijn meer geboeid door mechaniek en willen nagenoeg altijd een mechanisch uurwerk. Tegenwoordig is het echt heel moeilijk om nog een fabrikant van kwarts mannenhorloges te vinden. Wat verkiezen serieuze horlogedragers dan ? En welke kwaliteiten schatten ze hoog ? Movement, case and dial, het werk, de kast en de wijzerplaat en wel in die volgorde. Een kwaliteitsmerk die naam waardig zal automatisch op elk van deze drie punten sterk staan. Alles draait om de kwaliteit van het werk, de afwerking, het aantal juwelen, de uiterste verfijning en de precisie. Een oningewijde kan dat niet zo beoordelen, maar er zijn firma's waarvan de naam alleen al garant kan staan voor topkwaliteit. Patek Philippe is de absolute top in elk van die drie onderdelen, maar ook Audemars Piguet en Vacheron & Constatin. Breguet teert een beetje op de faam van de goeie ouwe tijd toen Louis Abraham Breguet nog leefde. Hoe goed de mechaniek ook is, de oplage blijft beperkt aan de top, omdat er zoveel handwerk bij betrokken is. Bij Patek Philippe produceren ze misschien 15.000 horloges per jaar, terwijl Rolex er 300.000 tot 500.000 verkoopt. De hand van een horlogemaker kan niet worden vervangen, neem dat van mij aan. Een horlogemaker lost elk probleem op waarmee hij geconfronteerd wordt. Hij herkent de problemen die de machine niet kan herkennen. En handwerk staat voorop bij de drie topmerken, en misschien bij Breguet. Ooit werd ons verteld dat puristen alleen horloges willen van makers die alle onderdelen ook zelf vervaardigen. Er is niks mis met het feit dat de onderdelen van verschillende fabrikanten komen, dat was rond de eeuwwisseling zelfs heel gewoon en je kan nu eenmaal niet alles maken. Eén firma maakt bijvoorbeeld nog altijd alle crowns, het aandrijfwieltje voor het mechanisme, voor alle merken ter wereld, van Swatch tot Cartier. De verschillen in de grote merken situeren zich op het vlak van de complexiteit van het werk, het aantal functies, het design, maar ook de geschiedenis van de naam. Piaget en Choppard hebben een bijzondere geschiedenis, maar legden meer de nadruk op het horloge als juweel. Hun producten leggen de lat zeer hoog op het gebied van de decoratie door het gebruik van diamant, en iets minder hoog op het gebied van het werk. De redenen waarom cliënten een horloge kopen, zijn vaak heel verschillend. Sommigen zien het als een investering, anderen als een verzamelobject, weer anderen zijn uit op speculatie. Ik vind gewoon dat je het horloge moet kopen waar je van houdt dan verliest het nooit aan waarde. En je moet goed beseffen dat als je een nieuw horloge koopt, de waarde ervan met een derde of een vierde afneemt eer je de winkel verlaten hebt. Want niemand zal het aan dezelfde nieuwprijs van je kopen, de winkel niet en de fabrikant niet. Nu zijn tweedehands horloges meestal moeilijk te beoordelen, en daar heeft de leek schrik van. Hoeft niet, want dan komen wij op de proppen. We krijgen advocaten over de vloer die een horloge zoeken voor hun cliënten, maar ook verzamelaars, mensen die met één exemplaar begonnen en daar zo in zijn opgegaan dat ze meer willen. Of gewoon iemand die voor zichzelf een speciaal horloge zoekt. Prijzen vallen daar nauwelijks op te plakken, je vindt horloges van 200 tot 200.000 dollar, dat hangt alleen af van hoeveel je wil investeren, hoever je wil gaan in complexiteit. Als je met een horloge van 200.000 dollar om de pols wil lopen ook al ziet het er niet zo uit en je je daar goed bij voelt, dan moet je dat doen. We organiseren veilingen in Londen, New York, Genève, Hongkong en soms in Rome waar volop keuze is. In onze Londense tak in South Kensington vind je degelijke horloges van 100 à 150 pond, zonder naam, maar ook Hamiltons, Universals, Longines. Je kan ook bij een handelaar terecht die je kent en vertrouwt ook al loert het spook van de namaak altijd om de hoek. En denk maar niet dat wij die er probleemloos uithalen. Het is beangstigend om te zien welke goede imitaties er van Rolex in Italië of in de Verenigde Staten op de markt zijn, en het gebeurt ons zeer vaak dat we zelf naar Rolex stappen voor een tweede opinie. Ik herinner me het geval van een klant uit Hongkong wiens Rolex we drie keer voorlegden in Londen en aandrongen om het nog een vierde keer te bekijken. Pas toen bleek dat er een verschil in gewicht was van 2 gram. Het horloge was allicht in Hongkong gemaakt en van een uitzonderlijke kwaliteit, zowel binnenin als aan de buitenkant. Maar niettemin was het een kopie. Als je een leek bent, is het verstandig om een paar veilingen af te lopen, de catalogi op te vragen waarin de geschatte waarde wordt vermeld, een paar boeken te lezen en de actualiteit in de gespecialiseerde tijdschriften te volgen. Dan krijg je alvast een idee van wat er op de markt is, en van wat je zelf aardig vindt. Vergeet niet dat voorkeuren soms hele speciale vormen aannemen. Neem nu de crash watch van Cartier, waarvan de mensen denken dat dat iets te maken heeft met de smeltende klokken van Salvador Dalí. Terwijl het idee gewoon van een Cartier-klant kwam, wiens leven en uurwerk min of meer intact uit een zwaar ongeval kwamen. Die man was een beetje bijgelovig en wilde het uurwerk dragen zoals hij het had overgehouden. Dat resulteerde in een beperkte serie. Ruth Zandberg lacht luid als we vragen welk horloge ze zelf draagt. ?Ik heb ooit maar één horloge gekocht, de gehavende Rolex waarover ik sprak. En ik draag de Patek Philippe van mijn vader. Maar zelfs een Patek Philippe is niet perfect, omdat een horloge een zeer gecompliceerd stuk mechaniek blijft dat erg breekbaar is daar kan zowat alles aan stukgaan. Maar het is een geruststelling te weten dat het bedrijf op een schitterende manier de archieven bijhoudt, dat elk horloge er geregistreerd staat. Daardoor kan ik achterhalen wanneer mijn vader het kocht, wanneer het werd nagezien of hersteld, wat eraan werd vervangen. Bij Vacheron en bij Audemars bestaat zo'n register ook, zij het wat minder goed georganiseerd, waardoor je het horloge moet brengen, en ze het eerst uit elkaar moeten nemen om de nummers te zien die van belang zijn. Ook bij Cartier hielden ze een gigantisch register bij dat gedeeltelijk in de vlammen opging. Maar ook dat lossen we op : we kennen wel iemand die kopies bezit. Een horloge leidt een leven en daarom is het van belang om het op gezette tijden te laten nazien. Een echt oud horloge moet om de twee, drie jaar worden nagekeken, gereinigd. Kleine horlogemakers in Londen rekenen daar misschien 30 pond voor, in Genève kan je dat tot 1000 Zwitserse frank kosten.? Ruth Zandberg leunt achterover, zegt dat iedereen op elk moment kan beginnen van horloges te houden. Maar dan begint een zoektocht waarvan het einde onvoorspelbaar is. Ondanks al haar kennis en expertise werd ze niet als horlogemaker opgeleid. ?Ik leerde mijn stiel bij de veilinghuizen, maar er bestaan ook cursussen voor horlogemakers. Van opleiding ben ik eigenlijk psychologe, en dat kan helpen als mensen met een horloge langskomen waarvan ze onterecht denken dat het een fortuin waard is.? Info : Christie's Belgium, Waterloosesteenweg 33, 1000 Brussel, tel. (02) 512.88.30. Links : de subtiele mechaniek van een Patek Philippe. Zandberg : Het dragen van zo'n meesterwerk is vaak een heel nadrukkelijk understatement. Boven : crash watch van Cartier (links) en Patek Philippe. Midden en onder : twee exemplaren van Patek Philippe van 18 karaat (1955), in mei geveild voor respectievelijk 289.500 en 190.500 Zwitserse frank (=ca. x 24,5).