Porto, de metropool van het noorden en de tweede stad van het land, is vanzelfsprekend de uitvalsbasis voor een verkenning van de wijnregio. Nergens is het panorama over de stad en de rivier indrukwekkender dan op de bruggen die hoog over de Douro de twee stadsdelen verbinden. De Ponte de Dom Luis I, een dubbeldeksbrug in 1886 ontworpen door Gustave Eiffel, loopt van de volkse wijk Baixa naar Vila Nova de Gaia, de linkeroever van de Douro waar wijnhuizen vanouds de dienst uitmaken. Langs de kade liggen tientallen rabelo's aangemeerd, kleine houten platbodems die ooit de wijn uit het binnenland aanvoerden. De rabelo's behoren intussen tot de folklore, maar de wijn blijft big business.
...

Porto, de metropool van het noorden en de tweede stad van het land, is vanzelfsprekend de uitvalsbasis voor een verkenning van de wijnregio. Nergens is het panorama over de stad en de rivier indrukwekkender dan op de bruggen die hoog over de Douro de twee stadsdelen verbinden. De Ponte de Dom Luis I, een dubbeldeksbrug in 1886 ontworpen door Gustave Eiffel, loopt van de volkse wijk Baixa naar Vila Nova de Gaia, de linkeroever van de Douro waar wijnhuizen vanouds de dienst uitmaken. Langs de kade liggen tientallen rabelo's aangemeerd, kleine houten platbodems die ooit de wijn uit het binnenland aanvoerden. De rabelo's behoren intussen tot de folklore, maar de wijn blijft big business. "De Romeinen loofden al de lokale wijnen, gewonnen op steile terrassen langs de rivier", vertelt gids Paulo Mucha. Onder de kaliefen stierf de wijnbouw een stille dood, maar eeuwen later gaf onenigheid tussen Frankrijk en Engeland de Portugese wijn zijn boost. "Omdat wijn van de Franse vijand in Engeland taboe was, zakten de Londense wijnhandelaren af naar de Portugese kust, waar ze massaal rode dourowijnen kochten. Van portwijn zoals we die nu kennen, was toen nog geen sprake. Veel wijn verteerde de bewogen zeereis echter slecht. Tot een handelaar ontdekte dat een wijnvat versterkt met enkele emmers brandewijn beter bewaarde. Port, vernoemd naar de haven van oorsprong, werd - vooral in Engeland - een enorm succes." Langs de kade van Vila Nova de Gaia getuigen de gigantische opslagplaatsen van welvaart en traditie. Bij Cálem, Graham's, Sandeman, Taylor's en vele andere - dikwijls van oorsprong Britse huizen - rijpt de schat van de Douro op eikenhout geduldig tot ruby, tawny of vintage port. De meeste wijnmakers stellen hun deuren open voor een kelderbezoek en een degustatie. Ik proef en sluit de dag af met een diner in het hooggelegen restaurant bij Taylor's, met een schitterend uitzicht op Porto by night. Peso de Régua, op een kruispunt van spoorlijnen en autowegen, vormt de toegangspoort tot de wijnregio. "Het eerste herkomstbeschermde wijngebied ter wereld", verklapt Maria Serpa Pimentel, oenologe in de Quinta da Pacheca, even ten zuidwesten van het stadje. "Markies de Pombal, de visionaire Portugese eerste minister, decreteerde al in 1756 de grenzen van de wijngaarden in de Dourovallei. De Koninklijke Wijnvereniging garandeerde de wijnboeren een minimumprijs in ruil voor controle op de kwaliteit van de wijn uit het afgebakende productiegebied. Alle wijngaarden werden geclassi-ficeerd, van 'A' voor de beste percelen tot 'F' voor de mindere", doceert de gast-vrouw. "Hoe beter de classificatie, des te hoger de druivenprijs en hoe groter het percentage van de wijn waarvan port mag worden gemaakt." Maria's voorvaderen waren de eersten om op dit prestigieuze domein, gesticht in 1740, wijn onder hun eigen label te bottelen. In september 2009 opende de familie (naast Maria ook zus Catarina en broer José) op de quinta een charmehotel met vijftien kamers midden de wijngaarden. De Quinta de Vale Abraão, een tweede landhuis van de familie, werd recentelijk getransformeerd tot het luxueuze hotel Aquapura Douro Valle, een van de belangrijkste investeringen in de regio. Maar wijn blijft de prioriteit, zeventien hectare nieuwe wijngaarden werden aangeplant. Enkele kilometers naar het oosten verbouwde wijnmaker Luis Barros in het dorp Favaios de Quinta Avessada tot een interactief wijnmuseum. "Van de veertien vaten wijn die we oogsten, mogen we slechts vier vaten verwerken tot port." Nog steeds bepaalt het Instituut gesticht door de markies elk jaar de quota. "De alcohol die aan de wijn wordt toegevoegd om de fermentatie te stoppen en het huwelijk tussen druif en alcohol dat op vat ontstaat, zijn slechts twee geheimen van de port", fluistert Luis samenzweerderig. Luis toont me de lagara, een stenen tank waarin traditioneel de oogst vertrappeld werd tot fermenterend sap. "Het voetengestamp is het eerste geheim", meent Luis. "Drie uur stampen de boeren de druiven tot moes, in beide richtingen, heel langzaam, voet voor voet." Ten behoeve van bezoekers wacht een bassin gevuld met de laatste oogst. Schoenen uit, broekspijpen op : de brij voelt koud aan. "De menselijke warmte bracht de fermentatie op gang", besluit Luis. In Quinta do Seixo, een hypermoderne wijnmakerij op een domein van 99 hectare en eigendom van Sandeman, vertrappelt een robot de laatste druiven van het seizoen. "Strikt gecontroleerd, het beste compromis tussen traditie en technologie", looft gids Paolo. Toch maakt vooral het panorama over de vallei hier indruk. Langs de steile oevers van de rivier klimmen terrassen tot de top van de heuvels, als gigantische trappen die ooit door reuzen werden aangelegd. Dit landschap is echter mensenwerk, geploeter van generaties landarbeiders die ook de minst toegankelijke plekken in cultuur brachten. Vanuit het proeflokaal bewonder ik de socalcos, het oudste systeem bestaande uit lage stenen muren, en de grotere terrassen. Sedert de jaren tachtig deed een verticaal plantsysteem zijn intrede en worden de ranken geplant op enkele of dubbele rijen. Het eeuwenoude mozaïek, langs de rivier kronkelend tot voorbij Pinhão, dwingt respect af. Nergens in Europa zag ik zulke indrukwekkende terrasbouw, kilometers lang kronkelend langs een rivier. Op de andere oever ligt de Quinta Nova de Nossa Senhora do Carmo, waar een achttiende-eeuws manor house in 2005 verbouwd werd tot hotel. De ligging, tussen 120 hectare wijngaarden hoog op de helling, is spectaculair. Wandelroutes van twee tot zes kilometer lopen kriskras door de wijngaarden en naar de rivier, maar de loden zon maakt stappen zwaar. Alleen de achttiende-eeuwse ommuurde boomgaarden, rijk aan sinaasappels, amandelen en vijgen, bieden af en toe schaduw. Bij de kapel op de oevers van de rivier waakt Nossa Senhora do Carmo over de gevaarlijke rivierbocht, maar de bootslui van de rabelo's smeken hier niet langer een behouden vaart af. Sluizen temden de rivier. Tegenwoordig ligt Porto veilig vlakbij. TEKST EN FOTO'S JO FRANSEN