Als ik het artikel van Pierre Darge lees over de autosalon ("Proper rijden als attitude", pagina 28), word ik wat ongerust bij de passage over artificiële intelligentie in auto's. De veiligste auto, schrijft Pierre Darge, wordt er een zonder chauffeur. Het moet op relatief korte termijn mogelijk worden om in je auto te stappen, in te voeren waar je naartoe wilt en dan een dutje te doen, terwijl de auto je veilig op de bestemming brengt. Hoewel een echte chauffeur ter beschikking hebben mij het summum van luxe lijkt, slaat de schrik mij om het hart bij het idee van zo'n robotauto.
...

Als ik het artikel van Pierre Darge lees over de autosalon ("Proper rijden als attitude", pagina 28), word ik wat ongerust bij de passage over artificiële intelligentie in auto's. De veiligste auto, schrijft Pierre Darge, wordt er een zonder chauffeur. Het moet op relatief korte termijn mogelijk worden om in je auto te stappen, in te voeren waar je naartoe wilt en dan een dutje te doen, terwijl de auto je veilig op de bestemming brengt. Hoewel een echte chauffeur ter beschikking hebben mij het summum van luxe lijkt, slaat de schrik mij om het hart bij het idee van zo'n robotauto. En toch. Ik heb me voorgenomen me dit jaar niet te laten passeren door de technologie. Die robotauto is nog in een experimenteel stadium, dat geeft me dus nog wat tijd. Ondertussen hou ik me bezig met kleiner, maar niet minder hightechspul. Ik ben de afgelopen maanden immers de fiere bezitter geworden van een iPod, van een modieuze smartphone en een al even hip digitaal fototoestelletje, het resultaat van gecumuleerde verjaardags- en nieuwjaarscadeaus. Ik heb geen geschiedenis als 'gadgetmens', wat betekent dat het wennen en zoeken is om met die speeltjes overweg te kunnen. Zo blijkt alles plots te zijn uitgerust met een touchscreen. Je vindt nauwelijks nog toetsen of knoppen, je moet op de cijfers of iconen van een schermpje drukken. Zo'n aanraakscherm kende ik al van bij bankautomaten en tankstations, maar in miniformaat op een gsm, is het toch nog anders. Berichten sturen met mijn nieuwe mobieltje, het vergt oefening, geduld en fijne vingers. Tussen de miljoenen nieuwjaarswensen die op oudejaarsavond per sms verstuurd werden, zaten er geen van mij bij. Zorgt de gsm nog voor wat frustratie, met de iPod leef ik al op goede voet. Mijn favoriete muziek en foto's samen in één klein toestel, ik vind het een geweldig idee. Tijdens een halve zondag zelfstudie ben ik erin geslaagd een fotoalbum samen te stellen, muziek te downloaden en het Radio 1-programma Bromberen te podcasten. Dat deed deugd. Met het fototoestel loopt het ook goed. Ik ken nog niet de helft van de mogelijkheden en instellingen, maar een redelijke foto maken, lukt wel. Het cameraatje beschikt trouwens over een compleet overbodig maar hilarisch programma : als je het zo instelt, maakt hij automatisch foto's wanneer iemand in de lens lacht. Met als gevolg veel foto's met breedlachende mensen, want iedereen wil dat programma uitdagen. Nooit gedacht dat ik daar kinderlijk blij om zou zijn. Blij of niet, het is van moeten. Want als je als veertiger er al niet in slaagt technologisch bij te blijven, dan word je gewoon uitgelachen door je kinderen en ... je ouders. De cyberkinderen zijn met computers opgegroeid, voor hen is het allemaal kinderspel. De cybersenioren hebben dan weer tijd om alles uitgebreid te testen. Ik ga dit jaar dus wat oefenen. Fietsen lukte ook niet in één dag en leren autorijden was een project. Robotauto's bestonden toen alleen in sciencefictionboeken.ESSA VERMEIREN BLIJFT BLOGGEN !Op www.weekend.be Trui Moerkerke - trui.moerkerke@knack.be