Ine Renson
...

Ine RensonBrussel, jaren dertig. Een leuk familiekiekje. Al kijken dochterslief toch een beetje sip. Logisch ook, want zo'n fotosessie was een serieuze aangelegenheid. Honderd vragen roept het op, zo'n beeld. Zouden de kinderen toen ook zo vrij en vrolijk geweest zijn als vandaag? Aan de foto te zien niet echt. Met zulke stijve jurkjes aan bleef je maar beter braaf op je stoel zitten. Als we door familiealbums bladeren, valt het telkens weer op: elk kledingstuk dezelfde snit, met motieven die weinig tot de verbeelding spreken, in doffe kleuren en uit stoffen die je haast voelt prikken op de huid. De kindermode leek al even streng als vader.Brussel, 2002. Zelfverzekerd blikt een stel kids in de lens. Coole jacks, leuke truien en hippe mutsen, niets staat een avontuurlijke winter nog in de weg. Als volleerde mannequins presenteren ze de nieuwste collecties, die helemaal op hun individuele behoeften zijn afgestemd. Hoewel, kindermode? Die term is hopeloos achterhaald. Tegenwoordig spreken we van kid's fashion, van coole boys en sexy girls die als geen ander weten wat in is en wat out, wat skaters en gabbers horen te dragen en wat juist weer niet. In het midden van de achttiende eeuw bestond er zelfs geen kindermode. Het jonge volk droeg gewoon hetzelfde als de ouders, maar dan in het klein. Voor kleine meisjes betekende dat een korset met baleinen en hoepelrokken onder zijden en fluwelen japonnen. Jongens gingen zoals hun vaders gekleed in een kniebroek met kousen, een vest en een jas. Alleen de kleinsten die nog niet konden lopen, droegen eenvoudige kleren.Nu klinkt dat haast buitenaards. Vandaag wordt over kindermode nagedacht, evenveel als over die van volwassenen. Er wordt gezocht naar materialen die makkelijk te onderhouden zijn, die aangenaam dragen en vooral leuk ogen. De behoeften van het kind staan centraal. "Kinderen moeten kunnen spelen en ravotten", zegt ontwerpster Frieda Degeyter. Haar collectie is zeer uitbundig, een tikje excentriek zelfs, maar het blijven in de eerste plaats kleren waar kinderen zich goed in moeten voelen. Gummilaarzen onder een bloemenjurkje? Waarom niet? Supergemakkelijk en nog hip ook. Dat vindt ook Carla Van Baelen, styliste achter het modehuis Van Baelen Collections, met de merken FOB, Farfelu, Ba-Beurre en Baby Board geen onbekende op de Belgische markt. "Het mag trendgericht zijn of een hoge aaibaarheidsfactor hebben, maar de kleren moeten in de eerste plaats praktisch zijn." Of zoals het klinkt bij Hilde & Co: "Kleren die kinderen zin geven om kinderen te zijn en als kinderen te leven, op hun eigen manier." Maar dat is niet het hele verhaal. Wat intrigerend is, is dat de kindermode de laatste jaren opnieuw erg op die van de volwassenen is gaan lijken. Niet zoals eeuwenlang uit gebrek aan fantasie of omdat specifieke kindermode gewoon ondenkbaar was, maar wel omdat de grenzen tussen die twee marktsegmenten almaar vager worden. De merken voor volwassen die niet werken aan een eigen kindercollectie, zijn op één hand te tellen, ook in België. Van Chine kwam Mimi Chine, Bellerose heeft nu Bellerose Kids en de vissen van Mer du Nord prijken op truitjes van moeder én dochter. Bij rue blanche bracht ontwerpster Catherine Felstead de kinderlijn Ten op de markt. Wat pittiger en kleurrijker dan de frêle versie voor de mama's, maar toch, de stretchpantalons en de vrouwelijke topjes afgewerkt met kleur-op-kleurborduursels maken van naïeve meisjes al snel kleine dametjes. Een en ander heeft voor gevolg dat ook kindercollecties de modetrends op de voet volgen. Overheersen rushes en kant in het modebeeld? Dan duiken die ook op bij de kinderen, daar konden we deze zomer niet naast kijken. Deze winter is vintage en used look weer helemaal in, en wel voor het hele gezin. Net als hun ouders zullen de bengels rondlopen in afgedragen jeans, in leren jekkers die net van de zolder lijken gehaald, in een bonte mengeling van chic en bohémien, van casual en romantisch. Eén ding is zeker: de kids zijn een ontzettend belangrijke doelgroep geworden. Kinderen kunnen niet vroeg genoeg trend- en modegevoelig gemaakt worden. Guillaume Thys van Mimi Chine ziet zijn collectie eerst en vooral als een "instrument om kinderen goede smaak mee te geven en ze van jongs af aan te leren zich mooi te kleden". Het vertaalt zich in een collectie die kwistig omspringt met kant, bedrukte zijden stoffen en barokke Italiaanse motieven. Materialen als pels, leder, suède en pluisfluweel moeten de kleinsten een handje helpen bij het ontwikkelen van het juiste modegevoel. En het lijkt nog te werken ook. "Kinderen weten vaak beter dan hun ouders wat cool is", vertelt Lysiane de Royere van het toonaangevende Franse stijlbureau PromoStyl. "Zij gaan hun ouders vertellen wat ze moeten doen en welke merken ze moeten kopen. Vanuit het standpunt van de marketing is het dan ook erg belangrijk om die kinderen zelf te bereiken, via hun eigen kanalen zoals het internet, muziekzenders, jongerenbladen of sportmanifestaties." Wat opvalt, is dat kinderen almaar vroeger bewust met mode bezig zijn. Pakweg vijftien jaar geleden hingen in kinderkamers foto's van Madonna of Michael Jackson, vandaag hangen Tommy Hilfiger of Kate Moss keurig naast Britney Spears en K3. Waarbij die laatsten niet noodzakelijk met de muziek in de smaak vallen, maar met hun imago. Kinderen vanaf acht jaar (vooral de meisjes) verslinden de modebladen en volgen de garderobe van hun idolen op de voet. Meer nog, ze willen precies zoals hen gekleed gaan. Er lopen nogal wat kleine versies van Britney Spears, Jennifer Lopez en Christina Aguilera rond. Vooral in de VS is de trend in de kledingzaken goed doorgedrongen: bij de zes- tot elfjarigen hangen de rekken vol T-shirts met decolletés en broeken met lage taille en olifantenpijpen. Tot groot protest van iets conservatievere ouders, die hun dochter van acht liever wat minder sexy door het leven zien gaan. Maar ook Belgische merken trekken de frivole kaart. Zo brengt het kindermerk TIA-TIA deze winter een grotere zus op de markt, T&T, voor meisjes vanaf twaalf jaar. Of zoals de brochure het stelt: "Voor het meisje dat haar mooie vormen niet wil camoufleren, voor de jonge godin die met strakke T-shirtjes jongensharten sneller laat slaan." Waar is de tijd dat meisjes van twaalf nog braaf naast hun moeder liepen en achtereenvolgens de schapenmouw, de hoepelrok en de tournure ondergingen? Ze waren de laatsten die iets van inspraak kregen in hun eigen garderobe en wee de dochter die tijdens het spelen te nonchalant met haar rokken zwierde. Dan waren de jongens toch wat beter af. De tunieken, kniebroeken, blouses en matrozenpakken die ze droegen tot een stuk in de twintigste eeuw waren misschien niet ideaal, maar gaven tenminste toch een beetje bewegingsvrijheid. Veel zin voor variatie was er echter niet. Zodra een bepaald kledingstuk, zoals het matrozenpak, populair werd, zag je het overal opduiken. Een vrijwillig uniform als het ware.Van uniformiteit is tegenwoordig absoluut geen sprake meer. Kinderen ontwikkelen al vroeg hun eigen stijl, waarmee ze zich enerzijds van de anderen gaan onderscheiden, maar anderzijds ook duidelijk aantonen bij welke peergroup ze willen horen. Kleding als statement, als teken van een persoonlijkheid. Ook de kindermerken hebben die evolutie gemerkt en gaan zich almaar meer op bepaalde subgroepen focussen. Stoere jongens die het graag wat breed laten hangen kunnen terecht bij NR.T, de grote broer van TIA-TIA, terwijl ZIZBO dan weer mikt op meisjes die er graag sprookjesachtig willen bijlopen deze winter. Ontwerpster Inge van den broeck richt zich met gewatteerde jurkjes en mohairen manteltjes tot "kinderen met lef", terwijl Kamiel & Pupilla (KP) een eigentijdse look combineert met makkelijk zittende materialen als fleece, velours en tricot. De keuze is eindeloos en elk jaar komen nieuwe merken het aanbod vergroten. Op Kid's Fashion Brussels, intussen een van de meest toonaangevende kinderbeurzen van Europa, waren in juni 68 van de 235 stands voor Belgen gereserveerd, elf meer dan vorig seizoen. Maar ook de oudere merken, die we nog durven te associëren met klassieke degelijkheid, hebben de boot van de vernieuwing niet gemist. Little David, Van Hassels, Red&Blu, Prémaman, alle hebben ze ingezien dat toffe modekleuren, actuele materialen en nieuwe trends geen loze begrippen zijn als ze hun naam op de markt van kinderkleding willen bestendigen. Dat een stevige merknaam daarbij van kapitaal belang is, mag duidelijk zijn. Misschien nog sterker dan bij volwassenen zijn merken voor kinderen immers een vector van socialisatie, een middel om erbij te horen. De macht van het etiket is wreed, ook bij kinderen. Blijft er nog een grote vraag: wie moet dat allemaal betalen? Want trendy en comfortabel is een zaak, het prijskaartje een andere. Maar ook dat lijkt hoe langer hoe minder een probleem te zijn. Vergelijken we de huidige bestedingsdrang met die van een generatie of twee geleden, dan zien we een totaal ander verhaal. Kinderkleren sloegen maar een bescheiden gat in het familiebudget. En vooral, de kleren gingen de hele familie rond tot ze letterlijk afgedragen waren. Het voornaamste criterium was dan ook dat het degelijk moest zijn, lang meegaan en makkelijk te wassen. Aan de jongste van het gezin waren weinig kosten: behalve enkele persoonlijke spulletjes droeg die gewoon de broeken en pulls van grotere broer en zus.Vandaag vinden zowel kinderen als ouders het vanzelfsprekend om bij elk nieuw seizoen op kledingjacht te gaan. Ouders hebben er vaak forse bedragen voor over om hun kroost in het nieuw te steken. Uit cijfers van de Gezinsbond van eind '98 blijkt dat gezinnen met één kind jaarlijks gemiddeld 510 euro besteden aan kleding en schoeisel voor hun kleine spruit. Bij twee kinderen loopt het al op tot 1.290 euro. Bij gezinnen met drie kinderen of meer worden de jaarlijkse kledingkosten relatief gezien minder: 1.775 euro. Wat betekent dat in grotere gezinnen kleren nog steeds behoorlijk rondgaan. Extremer worden de bedragen als we kijken naar het luxesegment. Want ook designers drukken steeds vaker hun logo op creaties voor de allerkleinsten. Wie niet kijkt op een euro meer of minder, kan zijn boreling voor 170 euro hullen in een schattig kasjmieren jasje van supermodel-annex-moeder Stella Tennant. Regenjasjes van Burberry zijn er vanaf 230 euro, en waarom niet, een crèmekleurige minibontmantel van Baby Dior voor een slordige 330 euro. Het lijstje van designerlabels met een eigen baby- of kinderlijn, groeit jaarlijks aan. We hebben Gucci Baby, Young Versace, Infants en Toddlers bij Ralph Lauren, Kenzo Junior, om er maar een paar te noemen. Wat brengt ons er eigenlijk toe om hopen geld over de balk te gooien voor kleertjes die in het slechtste geval na een seizoen hopeloos te klein zijn? Zijn het de werkende grootmoeders (geen tijd om te breien) of de goed verdienende carrièremoeders (weinig tijd en veel geld) die met buitensporige aankopen hun schuldgevoel pogen weg te kopen? Volgens Lysiane de Royere heeft het alles te maken met de waarde van het individuele kind dat erg is gestegen. "De weinige kinderen die we hebben, worden op een sokkel geplaatst, als een accessoire waarmee je kunt uitpakken. Ze maken deel uit van een art de vivre. De manier waarop je met je kinderen omgaat en ze kleedt, past in een concept dat je voor jezelf hebt uitgedacht, net als de meubelen die je kiest en de manier waarop je je vrije tijd besteedt. Kinderen worden algauw compagnons van hun ouders. Kleine volwassenen, die in de watten mogen worden gelegd." Als trendwatcher is De Royere er echter van overtuigd dat er verandering op til is. "Kinderen verliezen hun onschuld, het zijn al vroeg echte consumenten, en dat kan niet blijven duren. Nu al zien we een reactie: terug naar de authenticiteit. Dat is ook een vraag van de ouders die hun kinderen met wat dieperliggende waarden willen opvoeden. De merken die daarop inhaken, zullen wat betekenen in de toekomst. Dit seizoen zie je al een terugkeer naar jeanswear. Er zitten ook weer meer basics in de collecties, die kinderen opnieuw fris, onschuldig laten zijn."Volgens De Royere kan de Belgische kindermode ook hier weer een katalysatorrol spelen. "De Belgische merken staan bekend om creatief, innoverend te zijn. Ze zijn altijd al een beetje trendsetters geweest, zowel bij de volwassenen als in de kindermode. Ik geloof dat ook nu weer voor de Belgen zo'n rol is weggelegd."Tentoonstelling Kinderen Eerst! in het Museum voor Kostuum en Kant loopt nog tot 30 september en wordt hernomen begin januari 2003. Meer info: Violetstraat 6, 1000 Brussel, 02 512 77 09.