Mijn belangstelling voor kunst werd vroeg gewekt door mijn vader die in zijn vrije tijd schilderde. Op zijn zolder rook het heerlijk naar terpentijn en olieverf. Bovendien borstelde hij blote madammen. Ik vond dat fantastisch. En hij nam me mee naar exposities.
...

Mijn belangstelling voor kunst werd vroeg gewekt door mijn vader die in zijn vrije tijd schilderde. Op zijn zolder rook het heerlijk naar terpentijn en olieverf. Bovendien borstelde hij blote madammen. Ik vond dat fantastisch. En hij nam me mee naar exposities. Toen ik elf was, zag ik een tv-reportage die mijn leven heeft bepaald : over de eerste mensen in Afrika. Ik geraakte mateloos geboeid door archeologie en had bovendien een schitterende geschiedenisleraar, Constant Martony, die enorm kon bezielen. Ik was geen gemakkelijke adolescent en groeide op in de woelige jaren zestig. Ik had lang haar en liep in spijkerbroek. Soms ging ik tot op de rand van de zelfdestructie, maar ik had een engelbewaarder die me op de middenweg hield. Ik vond de unief te bourgeois en overwoog na mijn humaniora om academie te volgen, maar ben uiteindelijk toch op de universiteit terechtgekomen om kunstgeschiedenis en archeologie te studeren. Mijn oude liefde borrelde op. Ik specialiseerde me in de prehistorie van Afrika en hoopte daarheen uit te wijken, maar ben er nooit geraakt. Ik verzamel alleen boeken, geen gebruiksvoorwerpen of design. Wat ik beroepshalve promoot, is duur voor mijn beurs. Maar ik koop wel wat design. Nu heb ik een tafel van Maarten Van Severen op het oog. Een inspiratiebron is de jongerencultuur die ik bij mijn dochters ontdek. Ze luisteren naar een andere muziek, gebruiken een eigen taal, en zijn erg multicultureel. Het duurde wel een tijdje eer ik de muziek kon waarderen, sommige teksten zijn verschrikkelijk discriminerend. Onrecht kan ik niet verdragen. Iedereen heeft recht op onderwijs en mobiliteit. Ik kan niet leven in een maatschappij zonder sociaal vangnet, gebaseerd op uitbuiting, maar vind de ecologische problemen minstens even belangrijk. Maar ik ben hoopvol en relativeer. De huidige wereld is boeiend. Het internationaliseren van het design is een uitdaging. Je moet nieuwe strategieën bedenken en improviseren, dat is creatief. En we krijgen de kans om te reizen : heerlijk. Al staat mijn agenda wel vol, soms is dat stresserend. Ik creëer graag structuren, maar merk dat ik er later door gevangen word. Soms botst dat met mijn anarchistische inborst. Ik kan niet tegen bemoeizucht en overorganisatie. Tokio geeft me een kick. Je kunt je er verliezen in de chaos en botsen op een eeuwenoude tempel waarin de tijd stilstaat. Japan zit vol tegenstellingen tussen traditie en modernisme, tussen schoonheid en ongelofelijke kitsch. De natuur heb ik nodig. Ooit reisde ik naar de Grand Canyon in de States. Prachtig. Ik was erg blij dat er nauwelijks mensen waren die deze natuurlijke schoonheid verstoorden. Ik wil mijn leven van nu af in het teken plaatsen van de schoonheid. Want er is zoveel lelijkheid, dat je de schoonheid moet zoeken. Zonder schoonheid is er geen design. We zullen daarrond trouwens een project ontwikkelen met filosofen. Ik denk dat dit belangrijk wordt. Ik heb, vermoed ik, een intuïtie voor het prille begin van een trend. Een gevoel dat ik nog meer zou moeten volgen. Ook dat sluit aan bij de archeologie. Archeologen leiden veel af uit weinig. Wat scherven volstaan om een wereld te reconstrueren. Deze denkwijze komt me nog steeds van pas en laat me toe onze wereld te relativeren. Overschatten we onze materiële cultuur en technologie niet ? Onlangs was er een elektriciteitspanne in Gent en de beschaving stond stil. We staken kaarsen aan en begonnen weer met elkaar te praten : een wonderlijk ritueel. Ik kom tot rust met een glas wijn en een boek, in de tuin. Mijn perfecte dag begint met laat opstaan en gaat verder zonder programma of klok : geïmproviseerd. Piet Swimberghe / Foto Charlie De Keersmaecker